Programma 6 Sociaal domein

(x €1.000)
Uitgaven
€ -119.307
46%
Inkomsten
€ 52.886
20%
Saldo
€ -66.421

Algemeen Programma 6

Terug naar navigatie - - Algemeen Programma 6

De inzet van het beleid sociaal domein is gericht op meedoen mogelijk maken voor iederéén. Meedoen betekent voor inwoners dat ze verbinding hebben met elkaar, van betekenis zijn voor elkaar en ‘samen’ de samenleving zijn.

We werken vanuit vier maatschappelijke opgaven, die in relatie staan met de levensfasen van een mens:

  • Bevorderen van kansrijk opgroeien. We streven ernaar om jongeren optimale kansen te bieden, zodat ze hun volledige potentieel kunnen benutten. Samen met hen werken we aan een toekomst waarin ze zich kunnen ontwikkelen en succesvol kunnen zijn. 
  • Stimuleren van samenredzaamheid.  Dit betekent dat we als gemeenschap naar elkaar omkijken en elkaar ondersteunen. We geloven in de kracht van samenwerking en willen een omgeving creëren waarin iedereen zich gewaardeerd en betrokken voelt.
  • Bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk. Dit is essentieel voor het welzijn van onze inwoners. We willen ervoor zorgen dat iedereen de mogelijkheid heeft om zijn of haar talenten te benutten en een zinvolle bijdrage te leveren aan de samenleving.
  • Zelfstandig thuis kunnen / blijven wonen. We willen een omgeving creëren waarin iedereen de ondersteuning en zorg kan krijgen om een gezond en onafhankelijk leven te leiden. We richten ons op het versterken van de mogelijkheden en vaardigheden van mensen, zodat ze zelfredzaam kunnen zijn en volwaardig meedoen in de samenleving (‘positieve gezondheid’). 

Daarnaast streven we naar gelijke kansen en een inclusieve samenleving. We helpen inwoners die dat nodig hebben, zodat iedereen goed mee kan doen in onze samenleving. Hierbij is de inwoner aan zet en staat de oplossing centraal.  Voor de meest kwetsbare inwoners blijft zorg en ondersteuning altijd toegankelijk en betaalbaar. Ons doel is om de juiste hulp te beiden, dichtbij huis en zo eenvoudig en licht als mogelijk.  We zetten ons extra in om barrières weg te nemen en een omgeving te creëren waarin iedereen zich welkom en veilig voelt. We werken in het sociaal domein vanuit partnerschap, daarbij is het belangrijk om te luisteren naar de behoeften en wensen van individuen, hen actief te betrekken bij besluitvorming. We willen dat mensen naar elkaar omzien. We onderzoeken mogelijkheden om dit in wijken en buurten te faciliteren.

De uitvoering van het sociaal domein is financieel risicovol. Daarom hebben we de komende jaren expliciet aandacht voor het kunnen bieden van ondersteuning waar nodig. De gemeente neemt de verantwoordelijkheid voor het verdelen van schaarste in middelen en mensen. En samen met ons netwerk zetten we in op normaliseren van hulpvragen, preventie en voorkomen van stapeling.

Inhoud

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Inhoud

Programma 6 Sociaal domein omvat het geheel van beleid en uitvoering gericht op een inclusieve samenleving, waarin mensen kunnen zorgen voor zichzelf én voor elkaar. We zorgen dat ondersteuning aan inwoners bereikbaar, beschikbaar en betaalbaar blijft. Zo kunnen inwoners kansrijk opgroeien, beschikken zij over bestaanszekerheid en perspectief op werk, en ontvangen zij passende ondersteuning om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te wonen. Daarbij vormen zelfredzaamheid en samenredzaamheid het fundament: we stimuleren een sterke gemeenschapszin waarbij inwoners actief naar elkaar omkijken en elkaar waar nodig ondersteunen.

Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Ontwikkelingen

De gemeente hanteert een indexatie van 2,5%. De loonstijgingen van de afgelopen jaren waar gesubsidieerde instellingen mee te kampen hebben liggen rond de 8-10%. Dit structurele verschil dwingt instellingen om keuzes te maken, wat zichtbaar wordt in de versobering van hun programma.

Arbeidsmarkt
De arbeidsmarktkrapte heeft grote invloed op het sociaal domein.  Stijgende cao-lonen zorgen voor hogere tarieven bij aanbieders, wat direct doorwerkt in de gemeentelijke uitgaven.  De verwachting is dat deze krapte structureel blijft, mede door demografische ontwikkelingen en de toenemende zorgvraag.  De krapte raakt zowel publieke als private partijen. Dit vraagt om blijvende aandacht in de sturing op middelen, het maken van keuzes en het zoeken naar innovatieve oplossingen om de continuïteit en toegankelijkheid van ondersteuning te waarborgen.

Verscherpte tweedeling
Ongelijkheid in de samenleving gaat niet alleen over economische verschillen (opleiding, inkomen, vermogen), maar ook over bijvoorbeeld sociale netwerken, cultureel kapitaal en gezondheid. Zeker bij verschillen die stapelen: denk aan inwoners met minder economische armslag, minder sociale hulpbronnen en minder vaardigheden om zich te bewegen in de complexe verzorgingsstaat. De verschillen zijn niet nieuw, maar wel dat de leefwereld van mensen met en zónder hulpbronnen steeds meer uit een lijken te gaan. De ernst van de armoede voor mensen die onder de armoedegrens leven, neemt toe.  Inwoners ervaren sinds enkele jaren meer conflicten en tegenstellingen tussen groepen in de samenleving. Deze scheiding tussen leefwerelden kan uiteindelijk de sociale samenhang schaden, maar ook het vertrouwen in de overheid.  Het is belangrijk dat mensen met verschillende achtergronden elkaar tegen blijven komen. (SCP 2025)

Wonen en zorg

  • Inwoners in kwetsbare situatie. Al enige jaren wordt gesignaleerd hoe het tekort aan geschikte woningen een sta in de weg vormt voor het oplossen van sociale problematiek. De uitstroom uit Beschermd Wonen stagneert (onnodig beroep op zorg) en economisch daklozen kunnen hun situatie niet verbeteren zolang zij niet over geschikte woonruimte beschikken.
  • Ouderen. Over twintig jaar zijn er naar schatting bijna twee keer zoveel 75+ ers als nu. Daarnaast stijgt de gemiddelde leeftijd van ouderen en blijven zij steeds langer, al dan niet alleenstaand, zelfstandig wonen. Dit betekent aanpassing en uitbreiding van de bestaande woningvoorraad aangevuld met een aangepaste infrastructuur voor passende zorg, afgestemd op de vraag van de toekomst.
  • Jongeren. Het gebrek aan passende, betaalbare woonruimte op de huidige, oververhitte woningmarkt belemmert met name jongeren in hun verzelfstandiging. Hierdoor doen zich in kwetsbare huishoudens tevens veel problemen voor die alleen echt opgelost kunnen worden door voldoende geschikte woonruimte.

AZC
De druk op asiel is nog steeds groot in Nederland. Om te voldoen aan de spreidingswet zal gemeente Harderwijk op zoek moeten naar een of meerdere nieuwe opvanglocaties. Voor het huidige AZC loopt een handhavingstraject nadat het COA eenzijdig besloot dit AZC tot een jaar langer open te houden. Gezien de termijn die nodig is om te komen tot realisatie van een nieuw AZC is de verwachting dat gemeente Harderwijk op 1 juli 2027 niet voldoet aan de spreidingswet.  

Verbonden partijen

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Verbonden partijen
  • Meerinzicht (MIZ)
  • Inclusief Groep

Beleidskaders

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Beleidskaders
  • Beleidsregels wet Inburgering (2021)
  • Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvangcentrum voor asielzoekers (2021-2026).
  • Deelverordening Eenmalige activiteitensubsidies welzijn, cultuur, sport en zorg (2014)
  • Inkoopstrategie jeugdhulp (2022) Noord Veluwe
  • Integrale verordening sociaal domein gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde (2025)
  • Nota Dierenwelzijn
  • Nota “Snel en volwaardig meedoen; kader (2022-2026) nieuwe wet Inburgering, EHZ
  • Nota Sociaal Domein 2024-2029 "Samen doen wat nodig is "
  • Nota sturing en bekostiging Jeugdhulp 2018 e.v.)
  • Nota Inburgering. Van nieuwkomer tot Harderwijker (2018-2022)
  • Regenboogbeleid 2024-2027
  • Regioplan Basisvaardigheden 2024-2027
  • Regiovisie Samen tegen huiselijk geweld, Aanpak geweld in afhankelijkheidsrelaties (2024-2028)
  • Regiovisie Jeugdhulp Noord Veluwe (2021)
  • Samen thuis op de Noord-Veluwe Regio- en beleidsplan - Beschermd wonen en maatschappelijke opvang - Noord-Veluwe (2020-2023)
  • Subsidieregeling Beschermd Wonen gemeente Harderwijk (2020)
  • Uitvoeringsprogramma aanpak Basisvaardigheden 2025-2028
  • Uitvoeringsagenda Regenboogbeleid 2024-2027
  • Uitvoeringsagenda Samen tegen huiselijk geweld (regionaal) 2024-2028
  • Uitvoeringsagenda  Samen tegen huiselijk geweld (lokaal) 2024-2028
  • Uitvoeringsagenda Sociaal Domein 2024-2026, behorend bij de Nota sociaal domein.
  • Uitvoeringsprogramma 2022-2024 EHZ kader Snel en volwaardig meedoen wet Inburgering
  • Uitvoeringsagenda Burgerschap (2023)
  • Verordening Inrichting Anti-discriminatievoorziening gemeente Harderwijk (2011)
  • Verordening Sociale Adviesraad Harderwijk (2017)
  • Visie op bewindvoering: Samenwerking in de schulddienstketen (2019)

Taakvelden Programma 6

Terug naar navigatie - - Taakvelden Programma 6

6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie

Terug naar navigatie - - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie
Portefeuillehouder(s): D. Pool - Smit
Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de BBV taakvelden:
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

Strategische doelen nota Sociaal Domein

  1. Samenredzaamheid in buurten en wijken is versterkt
  2. Ondersteuning is gericht op het zo snel, eenvoudig en duurzaam mogelijk oplossen van vragen
  3. Gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat willen we bereiken?
Gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen
Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat willen we bereiken? - Gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen

We werken aan een samenleving waarin alle inwoners gelijke kansen krijgen en actief meedoen, meedenken en meebeslissen. We zetten in op het versterken van de eigen kracht en gemeenschapsvorming. Dit doen we door inwoners aan te moedigen om actief deel te nemen in hun eigen buurt, wijk en de eigen gemeenschap. Ze vinden steeds vaker zelf of samen oplossingen voor hun problemen. Dit maakt onze wijken zorgzamer en veerkrachtiger. Inwoners voelen zich gehoord en gewaardeerd. We creëren een plek waar iedereen zichzelf mag zijn en er toe doet.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Verbeteragenda Inclusie: hoe voorkomen we dat inwoners tussen wal en schip vallen, hoe verhouden inwoners zich tot elkaar, hoe organiseren we de participatie inclusief en hoe geven we vorm aan onze voorbeeldfunctie. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Er wordt uitvoering gegeven aan het plan van aanpak ‘Inclusieve Organisatie’, als vervolg op het project onderzoek ‘Inclusieve Organisatie’ 2023. Hierbij wordt aangesloten bij dat wat er al is en geïnnoveerd waar nodig. Onder andere hiermee geeft de gemeente vorm aan haar voorbeeldfunctie. 

  • Beleid
    Specifiek beleid

    We onderzoeken vanuit het sociaal domein hoe we ervaringskennis en deskundigheid in kunnen zetten voor het verbeteren en ontwikkelen van ons beleid (onderdeel Verbeteragenda Inclusie).

  • Beleid
    Regulier beleid

    Uitvoering geven aan de uitvoeringsagenda Sociaal Domein ‘Harderwijk zijn wij Samen’ voor de opgave ‘Op weg naar Samenredzaamheid’ en ‘Zelfstandig Thuis’ met o.a.:

    • Het doorontwikkelen van collectieve dagbesteding, met als voorbeeld een pilot bij De Aanleg.
    • Anders samenwerken en netwerk aanpakken stimuleren.
    • Het faciliteren van ontmoetingsplekken, wat bijdraagt aan het verminderen van eenzaamheid en het versterken van de sociale cohesie in wijken en buurten.
    • Samenredzame gemeenschappen, het verbinden van inwoners, het omkijken naar elkaar door het verstevigen van opbouwwerk/community building).
  • Beleid
    Regulier beleid

    Het ondersteunen bij het verbeteren van basisvaardigheden op taal, rekenen en digitale vaardigheden (18 jaar en ouder), volgens het uitvoeringsprogramma aanpak Basisvaardigheden 2025-2028. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Aandacht voor specifieke doelgroepen, bestaande activiteiten voor een grotere groep inwoners beschikbaar maken en het versterken van sociale cohesie.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Samen met onze partners stimuleren we de inwoners tot ontmoeting en het opzetten van gezamenlijke activiteiten. De middelen die daarvoor worden ingezet zijn het opbouwwerk van Zorgdat en de wijkbudgetten die via de wijkmanagers beschikbaar zijn voor buurtactiviteiten. Ook de gezinsgerichte wijkaanpak waar de verbinding tussen bewoners en de school wordt versterkt is hierin helpend.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Informele en formele partners in de sociale basis werken samen in wijken en buurten. Denk hierbij aan Inclusief in de Buurt en de gezinsgerichte wijkaanpak. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    De komende jaren staat de verdere doorontwikkeling van het gedachtegoed Positieve Gezondheid centraal binnen het sociaal domein van gemeente Harderwijk. Dit  is onderdeel van de  uitvoeringsagenda 'Harderwijk zijn wij Samen'.

Ondersteuning is gericht op het zo snel, eenvoudig en duurzaam mogelijk oplossen van vragen.
Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat willen we bereiken? - Ondersteuning is gericht op het zo snel, eenvoudig en duurzaam mogelijk oplossen van vragen.

Onze aanpak is gericht op het snel en eenvoudig oplossen van vragen van inwoners, met een focus op duurzame oplossingen. De regie ligt bij de inwoner. Dit betekent dat we uitgaan van wat al aanwezig is in de samenleving en hierop aansluiten. We ondersteunen en stimuleren bewonersinitiatieven, waarbij we vraaggestuurd en integraal te werk gaan. Wanneer nodig, kunnen inwoners een beroep doen op onze expertise. Dit doen we vanuit een mensgerichte aanpak, waarbij professionals, inwoners en de gemeente samenwerken in het ‘voorveld’ voor een toegankelijke, laagdrempelige en preventieve dienstverlening. Op deze manier creëren we een sterke verbinding tussen de behoeften van de inwoners en de sociale basis.

Dit raakt alle vier de opgaven, er wordt integraal samengewerkt.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    In 2023 is ingezet op het project versterking positionering cliëntondersteuning. Hierbij was de verwachting dat de groei door zal zetten.  Er is gekozen voor één aanbieder, MeeSamen.  Medio 2025 zien we inderdaad een groei van aanvragen bij deze uitvoerder.

    Door middel van extra budget beogen we om aan de vraag te kunnen voldoen. Nadruk ligt op de verduurzaming van het ondersteunen van cliënten, zodat het niet langdurig nodig is.

    De beweging die is ingezet sinds 2023 wordt ook doorgezet in 2027.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Inwoners de ruimte geven om zelf passend regie te voeren, en dichtbij huis potentieel te kunnen inzetten.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De landelijke verwachting (Wmo Prognosemodel VNG) is dat het aantal mensen dat gebruikmaakt van een Wmo-voorziening de komende jaren voor onze gemeente stijgt. Door verschillende interventies proberen we de groei minder explosief te laten zijn ten opzichte van het Wmo prognosemodel VNG.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De komende decennia zal het aantal thuiswonende mensen met de diagnose dementie toenemen. Daardoor is het hebben van een Odensehuis ook in de jaren na 2027 noodzakelijk. Hiervoor is structurele dekking verkregen in de Kadernota 2026-2029. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Informele en formele partners in de sociale basis werken samen in wijken en buurten. Denk hierbij aan Inclusief in de Buurt en de gezinsgerichte wijkaanpak. 

Samenredzaamheid in buurten en wijken is versterkt
Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat willen we bereiken? - Samenredzaamheid in buurten en wijken is versterkt

Onze maatschappelijke opgave is ‘Op weg naar samenredzaamheid.’ We bouwen aan zorgzame en veerkrachtige gemeenschappen. Door de gemeenschapskracht optimaal te benutten en de talenten en mogelijkheden van inwoners te verbinden, stimuleren we initiatieven van onderop,  vanuit de ABCD-methode (Asset-Based Community Development). We faciliteren laagdrempelige ontmoetingen en vergroten de onderlinge samenhang en draagkracht.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De wethouders zijn naast hun individuele portefeuilles ook wijkwethouder. De rol van de wijkwethouder is luisteren, zichtbaar zijn en signalen opvangen. Wijkmanagers zijn de ogen en oren in de wijken en buurten. Het wijkbudget is er om inwonerinitiatieven, gericht op het versterken van de gemeenschap door ontmoeting en het verbeteren van de openbare ruimte. In gezamenlijkheid vanuit de opgave 'Op weg naar Samenredzaamheid', waar het programma Burgerschap onder valt, wordt gekeken hoe we de beschikbare budgetten optimaal kunnen inzetten. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Bij de samenwerking in de wijk, wordt de keten van organisaties steeds meer één geheel. Er wordt toegewerkt naar Stevige Lokale teams. Waarin mensgericht, maatwerk en welbevinden centraal staat. Ook zien we de ontwikkeling Regionale Eerstelijns Samenwerkingsverband (RESV) waar afspraken worden gemaakt om de regionale en lokale samenwerking te bevorderen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Inwoners de ruimte geven om zelf passend regie te voeren, en dichtbij huis potentieel te kunnen inzetten.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Samen met onze partners stimuleren we de inwoners tot ontmoeting en het opzetten van gezamenlijke activiteiten. De middelen die daarvoor worden ingezet zijn het opbouwwerk van Zorgdat en de wijkbudgetten die via de wijkmanagers beschikbaar zijn voor buurtactiviteiten. Ook de gezinsgerichte wijkaanpak waar de verbinding tussen bewoners en de school wordt versterkt is hierin helpend.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Informele en formele partners in de sociale basis werken samen in wijken en buurten. Denk hierbij aan Inclusief in de Buurt en de gezinsgerichte wijkaanpak. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Uitvoering geven aan de uitvoeringsagenda Sociaal Domein ‘Harderwijk zijn wij Samen’ voor de opgave ‘Op weg naar Samenredzaamheid’ en ‘Zelfstandig Thuis’ met o.a.:

    • Het doorontwikkelen van collectieve dagbesteding, met als voorbeeld een pilot bij De Aanleg.
    • Anders samenwerken en netwerk aanpakken stimuleren.
    • Het faciliteren van ontmoetingsplekken, wat bijdraagt aan het verminderen van eenzaamheid en het versterken van de sociale cohesie in wijken en buurten.
    • Samenredzame gemeenschappen, het verbinden van inwoners, het omkijken naar elkaar door het verstevigen van opbouwwerk/community building).
  • Beleid
    Regulier beleid

    De beweging naar de voorkant is volop in ontwikkeling. Door de verbeterde aansluiting met voorliggende voorzieningen vergroten we de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van inwoners en zorgen we dat ondersteuning toegankelijk en betaalbaar blijft. Om de vraag in de sociale basis te kunnen blijven opvangen wordt deze de komende periode verder versterkt. Dit betekent dat inwoners steeds beter worden ondersteund door en verwezen naar passende algemene en collectieve voorzieningen, voordat een beroep hoeft te worden gedaan op maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    De komende jaren staat de verdere doorontwikkeling van het gedachtegoed Positieve Gezondheid centraal binnen het sociaal domein van gemeente Harderwijk. Dit  is onderdeel van de  uitvoeringsagenda 'Harderwijk zijn wij Samen'.

6.2 Participatie

Terug naar navigatie - - 6.2 Participatie
Portefeuillehouder(s): D. Pool - Smit
Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de BBV taakvelden:
6.3 Inkomensregelingen
6.4 Begeleide participatie
6.5 Arbeidsparticipatie.

Strategische doelen nota Sociaal Domein:

  1. Het bieden van bestaanszekerheid
  2. Werkzoekenden doen naar vermogen mee in de samenleving
  3. Ondersteuning aan werkzoekenden biedt perspectief op (on)betaald werk

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat willen we bereiken?
Vergroten van de bestaanszekerheid
Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat willen we bereiken? - Vergroten van de bestaanszekerheid

We richten ons op het dempen van financiële problemen, specifiek voor mensen die leven op of rond het sociaal minimum. Ons doel is om het aantal huishoudens dat onder het sociaal minimum leeft en het aantal inwoners met problematische schulden te verminderen, dit door middel van vroegsignalering. Op de lange termijn streven we ernaar intergenerationele armoede te doorbreken, in samenhang met de opgave Kansrijk Opgroeien.

De hoogte van diverse financiële regelingen wordt uitgewerkt in de Verordening Sociaal Domein. Hiermee willen we ervoor zorgen dat mensen die het nodig hebben toegang hebben tot passende ondersteuning. En dat er voldoende middelen zijn om financiële stabiliteit te bevorderen. Door op deze manier te investeren in het sociaal domein, willen we mensen helpen uit de langdurige armoede te komen en een betere toekomst op te bouwen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Na de zomer starten we met een communicatiecampagne om inkomensondersteunende maatregelen, zoals de Maatschappelijke Bijdrage Regeling (MBR) en de gemeentepolis, breder bekend te maken onder onze inwoners. Het uitgangspunt is dat de campagne in de toekomst structureel/periodiek wordt ingezet..

    Om kwetsbare huishoudens te ontzorgen en de regeldruk te verminderen, keren we de MBR sinds 2025 zoveel mogelijk ambtshalve, dus automatisch, uit. Vanwege het succes van deze werkwijze wordt dit vanaf 2027 structureel geborgd in onze basistaken.

    Daarnaast is de bijdrage aan de collectieve zorgverzekering (gemeentepolis) met ongeveer 50% verhoogd, zodat chronisch zieken met een minimuminkomen beter financieel worden ondersteund. Ook verkennen we hoe chronisch zieken met hoge zorgkosten en een minimuminkomen (financieel) nog beter ondersteund kunnen worden.

    Tot slot blijven we tot en met 2027 gedupeerden van de alleenverdienersproblematiek financieel compenseren, en bereiden we ons voor op de inzet van een 'bufferbudget' vanaf 2027, bedoeld om de armoedeval bij deeltijdwerk te voorkomen.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    De schuldhulpverlening is opnieuw aanbesteed, waarin kwaliteit, kortere doorlooptijden en goede ondersteuning aan de inwoner centraal staat. De budgetcoaching en nazorg is uit deze centrale aanbesteding gehaald, zodat we dit sterker en dichterbij op lokaal niveau kunnen organiseren. Tevens onderzoeken we hoe we nazorg in de keten van schuldhulpverlening verder kunnen borgen.

    Om de drempel voor financiële hulp te verlagen, realiseren we een tweede lokaal 'Financieel Trefpunt'. Deze preventieve aanpak werkt in de praktijk: partners zoals Stimenz leggen steeds vaker proactief contact bij vroege signalen van schulden, wat inmiddels leidt tot een zichtbare daling in de aanvragen voor zwaardere trajecten, zoals bewindvoering.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Er is een communicatiecampagne geweest om de Maatschappelijke Bijdrage Regeling en de schoolkostenregeling breder bekend te maken. Door de actieve inzet op inkomensondersteuning kunnen jongeren en kinderen gewoon meedoen in de samenleving. Dit heeft ertoe geleid dat het percentage kinderen dat opgroeit in een uitkeringsgezin in Harderwijk en Hierden inmiddels is gestabiliseerd op een relatief laag niveau van 4%. Tegelijkertijd werken we in EHZM verband aan het efficiënter inrichten van de kind-regelingen; zo dat het overzichtelijker wordt en daarmee eenvoudiger voor ouders/ondersteuners om ze aan te vragen. Hierin werken we ook samen met de collega's van onderwijs, cultuur en sport.

    Daarnaast pakken we het risico van laaggeletterdheid aan: bij het Financieel Trefpunt werken vrijwilligers van de bibliotheek inmiddels samen met de trefpuntvrijwilligers. Bezoekers met financiële vragen worden zo op een toegankelijke manier gescreend op laaggeletterdheid en direct warm doorgeleid naar passende ondersteuning, zoals het Taalhuis.

Werkzoekenden doen naar vermogen mee in de samenleving
Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat willen we bereiken? - Werkzoekenden doen naar vermogen mee in de samenleving

Vanuit de visie van Positieve Gezondheid erkennen we het belang van werk, betaald of onbetaald, voor welzijn, mentaal welbevinden, zingeving en meedoen in de samenleving. Sport, kunst en cultuur, georganiseerd in de sociale basis, geven invulling aan vrije tijd en bieden kinderen, ouders en vrijwilligers mogelijkheden om zinvol bezig te zijn en vaardigheden te ontwikkelen. Voor mensen voor wie betaald werk een stap te ver is, zijn dit waardevolle alternatieven. Welzijnsorganisaties spelen een rol in het verbinden van vraag en aanbod in vrijwilligerswerk en in de samenwerking met culturele en sportverenigingen. Zo wordt het gevoel van eigenwaarde bij kwetsbare inwoners versterkt, sociale problematiek verminderd en eenzaamheid voorkomen, wat bijdraagt aan de kwaliteit van leven en de samenleving als geheel.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Binnen de arbeidsmarktregio Veluwe Stedendriehoek en in subregionaal verband (met onder andere Putten en Ermelo) werken we actief aan initiatieven waarbij 'werk als medicijn' wordt ingezet voor inwoners met een psychische kwetsbaarheid of belemmering. In 2026 zijn we hiervoor gestart met het regionale Expertisepunt Psychische kwetsbaarheid en Werk, waarbinnen we intensief gebruikmaken van instrumenten zoals IPS-trajecten en specialistische jobcoachvouchers. In 2027 zetten we deze werkwijze voort en verstevigen we de samenwerking binnen dit Expertisepunt.

    Met succesvolle inzet van de Europese ESF Sociale Inclusie-middelen hebben we het aanbod versterkt voor inwoners met een uitkering en een grote afstand tot de arbeidsmarkt, in het segment 'Meedoen'. Dit zijn activeringstrajecten die niet direct op betaald werk zijn gericht, maar op maatschappelijke deelname en het doorbreken van sociaal isolement, bijvoorbeeld door het aanbieden van beweegactiviteiten via lokale partners zoals GA! Harderwijk. We hebben dit aanbod verder lokaal uitgebreid, in samenwerking met andere lokale organisaties. Deze uitbreiding zetten we in 2027 door.

    Aanvullend werken we in 2027 concreet aan 'simpeler switchen': we brengen de voorzieningen vanuit de Wmo en het aanbod vanuit de Participatiewet dichter bij elkaar door gezamenlijke werkprocessen en warme overdracht tussen de betrokken consulenten in te richten, zodat inwoners zonder drempels de juiste stap kunnen zetten.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Om inwoners goed te laten meedoen, continueren we ons aanbod van inburgeringstrajecten. Hierbij maken we structureel gebruik van een brede intake, de inzet van de verschillende leerroutes (zoals de B1-route, Z-route en de Onderwijsroute), maatschappelijke begeleiding, een Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) en het Participatieverklaringstraject (PVT). We werken intensief samen met partners zoals de Inclusief Groep en andere lokale organisaties (zoals Zorgdat) om aanvullende lokale trajecten in te zetten, specifiek gericht op werk en brede participatie. Hierbij zorgen vernieuwde afspraken met taalscholen voor kortere wachtlijsten, waardoor we statushouders sneller kunnen begeleiden naar duurzame participatie en de uitstroom bevorderen.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    Sinds 2026 is de wet 'Van school naar duurzaam werk' in werking getreden. Vanuit ons beleidsteam Participatiewet hebben we de samenwerking met het Doorstroompunt (voorheen RMC) en onderwijsinstellingen geïntensiveerd. Deze wet is bedoeld om de loopbaanbegeleiding direct vanuit scholen fors uit te breiden en legt tegelijkertijd een zwaardere regierol en verantwoordelijkheid bij ons als gemeente om jongeren te ondersteunen.

    In 2027 borgen we deze samenwerking structureel in onze werkprocessen en maken we concrete afspraken met het Doorstroompunt en onderwijsinstellingen over de onderlinge overdracht van jongeren. Zo voorkomen we dat jongeren zich bij de gemeente melden voor een uitkering en bieden we ze direct een sluitend perspectief op duurzaam werk, een vervolgopleiding of dagbesteding. Daarnaast monitoren we in 2027 of deze aanpak daadwerkelijk leidt tot minder uitkeringsaanvragen door jongeren, zodat we tijdig kunnen bijsturen waar nodig.

  • Beleid

    Als gemeente willen we de aansluiting tussen (beroeps)opleidingen en de lokale arbeidsmarkt wezenlijk verbeteren. Dit versterkt niet alleen het directe toekomstperspectief van onze jongeren, maar draagt ook bij aan de economische vitaliteit van onze hele regio. We richten ons hierbij nadrukkelijk op 'kanssectoren': lokale en economische sectoren (zoals zorg en logistiek) waar een hoge personeelsvraag en een sterk groeipotentieel is. Ons hoofddoel hierin is om de belangrijke regionale functie van het beroepsgerichte onderwijs in en rondom gemeente Harderwijk te versterken en beter te laten aansluiten op wat werkgevers zoeken.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    Voor de groep inwoners met minder dan 100% arbeidsvermogen, zoals inwoners met een indicatie voor het doelgroepregister of beschut werk, zetten we de komende jaren maximaal in op loonkostensubsidies (LKS). We zien de afgelopen jaren al een gestage stijging in het aantal ingezette subsidies. Om dit verder aan te jagen en werkgevers te stimuleren, ligt onze focus nadrukkelijk op het beter combineren van de forfaitaire loonkostensubsidie met de praktijkroute. Om deze ambitie kracht bij te zetten, hebben we in de begroting voor 2026 het budget voor LKS in Harderwijk aanzienlijk verruimd.

    In 2027 zetten we deze koers voort: we monitoren de instroom en het gebruik van het verruimde LKS-budget en sturen bij waar nodig om de combinatie van forfaitaire loonkostensubsidie en praktijkroute verder te optimaliseren. Tot de wetswijziging ontvangen gemeenten via de rijksbijdrage beschut werk tijdelijk extra middelen per plek; deze tijdelijke regeling geldt voor de jaren 2025 tot en met 2027 en we houden in 2027 in de gaten of deze middelen toereikend zijn.

    Daarnaast bereiden we ons in 2027 voor op de structurele wetswijziging die naar verwachting per 1 januari 2028 ingaat: een landelijke, vaste forfaitaire loonkostensubsidie van 68% van het wettelijk minimumloon voor werknemers met een indicatie beschut werk, waarbij de individuele loonwaardemeting niet langer bepalend is voor de hoogte van de subsidie. Financieel is dit een belangrijk aandachtspunt: vanaf 2028 vervalt de huidige tijdelijke rijksbijdrage en wordt de financiering ondergebracht in het reguliere bijstandsbudget (BUIG), met realisatiebekostiging in plaats van een vaste ophoging per plek. Dit kan gevolgen hebben voor onze begroting, zeker als het aantal plekken beschut werk verder groeit. We brengen deze financiële gevolgen in 2027 gedetailleerd in kaart, zodat we tijdig kunnen anticiperen op deze overgang en er geen onverwacht tekort ontstaat in 2028.

Ondersteuning aan werkzoekenden biedt perspectief op (on)betaald werk
Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat willen we bereiken? - Ondersteuning aan werkzoekenden biedt perspectief op (on)betaald werk

Bijstandsgerechtigden zijn verplicht aangeboden werk te aanvaarden en te behouden. Binnen de doelgroep van de Participatiewet onderscheiden we drie categorieën: werkzoekenden die binnen twee jaar betaald werk bij een reguliere werkgever kunnen aanvaarden (met inzet van loonkostensubsidie en nazorg), mensen voor wie betaald werk een stap te ver is (via vrijwilligerswerk of andere vormen van meedoen) en mensen voor wie geen werk haalbaar is (waar zorg en ondersteuning centraal staan). Door deze differentiatie bieden we passende oplossingen en dragen we bij aan persoonlijke ontwikkeling en participatie. Social Return on Investment heeft een stevige plek in inkooptrajecten en draagt bij aan werkgelegenheid en maatschappelijk rendement.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    Sinds 1 januari 2026 is fase 1 van spoor 1 van de wetswijziging "Participatiewet in Balans" in werking getreden. Dit betekent dat we onze dienstverlening fundamenteel hebben aangepast ten aanzien van het vaststellen van het recht op bijstand, de aanvraagprocedure en de begeleiding naar werk. De focus is hierbij verschoven van generieke plichten naar individueel maatwerk. Sinds 2026 baseren we dit lokaal sterk op de recente segmentatie van ons Harderwijks en Hierdense bestand, waarbij we inwoners bewust indelen in de categorieën 'werk', 'ondersteuning' (waaronder loonkostensubsidies) en 'meedoen' (zoals sociale activering). Door de inzet van een geactualiseerde bestandsanalyse kunnen we gerichter de dienstverlening afstemmen op ieders belemmeringen en persoonlijke situatie, waarbij we bijvoorbeeld sneller ontheffingen kunnen verlenen voor zorgtaken of medische belemmeringen.

    In 2027 treden ook de wijzigingen uit fase 2 van spoor 1 volledig in werking, na een gedoogjaar in 2026 waarin we hier al op konden voorsorteren. We passen in 2027 onze werkprocessen, beleidsregels en verordeningen definitief aan op deze wijzigingen en scholen onze consulenten hierop bij. Daarnaast actualiseren we in 2027 opnieuw de segmentatie van ons bestand, zodat de indeling in 'werk', 'ondersteuning' en 'meedoen' aansluit bij de laatste ontwikkelingen en evalueren we of de gerichtere dienstverlening daadwerkelijk leidt tot passendere ondersteuning en snellere ontheffingen waar nodig.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Om inwoners in het segment "Werk" (met 100% arbeidsvermogen) weer echt perspectief te bieden, zetten we in op kortcyclische en intensieve trajecten, en een gecombineerde intake waardoor direct beschikbare inwoners sneller worden bemiddeld, vaak zonder formeel traject. Hierdoor zien we in gemeente Harderwijk al een daling in langlopende re-integratievoorzieningen. Met een passende re-integratiedienstverlening en de mogelijkheden van de Participatiewet in Balans (waaronder een verruimde inkomstenvrijlating) willen we een hogere en veiligere uitstroom richting de lokale arbeidsmarkt realiseren, ondanks de landelijk afkoelende arbeidsmarkt.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    Voor nieuwkomers en statushouders besteden we binnen de arbeidsmarktregio specifieke aandacht aan een goede ondersteuning. Zo is in 2026 (via ESF Sieso) de regionale arbeidsregisseur gestart, die specifiek oud-inburgeraars intensief begeleidt om instroom in de bijstand te voorkomen. In 2027 evalueren we het effect op de instroom in de bijstand, zodat we de aanpak waar nodig kunnen bijsturen. De arbeidsregisseur behoudt hierbij een verbindende rol en blijft knelpunten agenderen richting de arbeidsmarktregio.

    Daarnaast hebben we per voorjaar 2026 de transitie gemaakt naar twee nieuwe taalscholen voor de B1- en Z-route, waarbij we in de nieuwe contracten hebben gestuurd op het minimaliseren van wachttijden en het verhogen van de kwaliteit. In 2027 monitoren we de resultaten van deze contracten op wachttijden en kwaliteit, en sturen we bij waar nodig. Ook brengen we in 2027 concreet in kaart of de SPUK-middelen inburgering toereikend zijn om de nieuwe, verbeterde tarieven dekkend te houden, en onderzoeken we oplossingen voor het risico van voorfinanciering, aangezien middelen pas vrijkomen na definitieve huisvesting.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    We investeren flink in de dienstverlening voor ondernemers en het vergroten van ons lokale inclusieve netwerk. We merken dat deze aanpak werkt: via de accountmanager inclusief ondernemen is ons netwerk van betrokken werkgevers gegroeid naar zo'n 75 tot 100 bedrijven. In 2026 hebben we ons gericht op het verder uitbouwen van dit netwerk en het ontzorgen van bedrijven die statushouders of werkzoekenden met een arbeidsbeperking in dienst nemen, onder andere door ze actief te informeren over financiële regelingen, zoals loonkostensubsidies en de inzet van jobcoaching.

    In 2027 breiden we het werkgeversnetwerk verder uit, met als concreet doel het aantal betrokken bedrijven te laten doorgroeien richting de 100-plus. Ook brengen we de ontzorgende dienstverlening (informatie over loonkostensubsidies en jobcoaching) structureel onder in de vaste werkwijze van de accountmanager, zodat dit ook bij een groeiend netwerk geborgd blijft.

    Tegelijkertijd geven we vanuit Meerinzicht, samen met het UWV, onderwijs (Landstede) en de Inclusief Groep, verder vorm aan het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek. Hier kunnen werkenden, werkgevers en werkzoekenden proactief en laagdrempelig terecht voor ondersteuning, loopbaanadvies en arbeidsbemiddeling. In 2027 werken we aan het verder verstevigen van deze samenwerking, onder meer door de dienstverlening vanuit het Werkcentrum te evalueren en waar nodig verder af te stemmen tussen de betrokken partners.

Verplichte beleidsindicatoren 6.2 Participatie

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Verplichte beleidsindicatoren 6.2 Participatie

Banen per 1.000 inwoners van 15 - 75 jaar

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Banen per 1.000 inwoners van 15 - 75 jaar
Bron: Meerdere bronnen

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers: Het aantal banen schommelt in gemeente Harderwijk op een stabiel en hoog niveau van circa 735 banen per 1.000 inwoners.

  • Duiding en vergelijking: Met 735 banen per 1.000 inwoners scoren Harderwijk en Hierden structureel hoger dan het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten (625 banen) en grotere gemeenten (690 banen). Harderwijk vervult hiermee een belangrijke regionale werk- en centrumfunctie binnen de regio Veluwe Stedendriehoek.

  • Sectoren: De werkgelegenheid toont zich veerkrachtig, mede door de sterke vertegenwoordiging van sectoren zoals de zorg, zakelijke dienstverlening en logistiek.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

Aangezien de lokale arbeidsmarkt voldoende werkgelegenheid biedt, ligt de opgave niet in een tekort aan banen, maar in het tot stand brengen van de juiste match.

  • Matchen van werkzoekenden: We richten ons op het verbinden van de openstaande vacatures met inwoners die momenteel nog aan de zijlijn staan, waaronder inwoners in de bijstand en de Participatiewet.

  • Regionale krachtenbundeling: Binnen het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek werken we nauw samen met lokale werkgevers om de vraag uit kansrijke sectoren af te stemmen op het aanbod van werkzoekenden.

  • Inzet voor 2027: Het streven is om onbenut arbeidspotentieel beter te benutten door middel van gerichte uitstroom- en leertrajecten, zodat de sterke werkgelegenheid in gemeente Harderwijk ook ten goede komt aan inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Netto arbeidsparticipatie

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Netto arbeidsparticipatie
Bron: CBS

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers: De netto arbeidsparticipatie in gemeente Harderwijk is de afgelopen jaren sterk gestegen naar 75%. De CBS-cijfers laten zien dat Harderwijk en Hierden deze hoge positie vasthoudt met een stabiele lijn aan de bovenkant van de markt.

  • Duiding en vergelijking: Met 75% scoort gemeente Harderwijk aanzienlijk hoger dan het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten (73,5%) en grotere gemeenten (73,2%).

  • Achtergrond: De aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt heeft ertoe geleid dat meer inwoners — waaronder jongeren en herintreders — de stap naar betaald werk hebben gemaakt. Onze lokale economie toont zich veerkrachtig en weet ook inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt op te nemen.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

Bij een eventueel afkoelende economie ligt de opgave voor de komende periode in het behouden van dit hoge participatieniveau.

  • Focus op de niet-werkenden: Met de inzet van het programma Participatiewet in Balans richten we ons specifiek op het ondersteunen van de groep inwoners die momenteel nog aan de zijlijn staat.

  • Duurzame plaatsingen: We benutten de extra rijksmiddelen voor gerichte en duurzame plaatsingen, zodat inwoners ook bij veranderende economische omstandigheden aan het werk blijven.

  • Inzet voor 2027: Het doel is borgen dat de behaalde winst op de arbeidsmarkt behouden blijft en dat inwoners met een kwetsbare positie duurzaam ondersteund worden richting werk.

Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners
Bron: CBS

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers (2021–2025):

    • Na een flinke daling tussen 2021 en 2022 (van circa 263 naar 225 personen per 10.000 inwoners) is het aantal bijstandsgerechtigden in gemeente Harderwijk gestabiliseerd.

    • In de periode 2023–2025 blijft dit aantal nagenoeg gelijk, schommelend rond de 221 tot 224 personen per 10.000 inwoners (224 in 2025).

  • Duiding en vergelijking: Harderwijk en Hierden nemen regionaal en landelijk een middenpositie in. We scoren structureel gunstiger dan de groep grotere gemeenten (50.000 – 100.000 inwoners), die gemiddeld op 244 personen per 10.000 inwoners zitten. Wel liggen we boven het gemiddelde van de kleinere gemeenten (25.000 – 50.000 inwoners), die rond de 189 personen zitten.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

Nu het volume is gestabiliseerd, richten we onze inzet op het ondersteunen van de groep bijstandsgerechtigden die een langdurige of grotere afstand tot de arbeidsmarkt ervaart.

  • Kwaliteit en Maatwerk via Participatiewet in Balans: Op basis van de uitgangspunten van Participatiewet in Balans zetten we in op een menselijkere benadering en maatwerk in de ondersteuning.

  • Persoonlijke ondersteuning: We kijken samen met de inwoner naar belemmeringen en mogelijkheden, om zo ook inwoners voor wie werk niet direct haalbaar is te begeleiden naar passende maatschappelijke participatie.

  • Inzet voor 2027: Het streven is om de stabiele groep inwoners vanuit hun eigen kracht en mogelijkheden stappen te laten zetten richting participatie of (deels) betaald werk, om zo de langdurige afhankelijkheid van een uitkering te verminderen.

Lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar
Bron: CBS. Voor 2021 zijn geen gegevens bekend bij het CBS.

Beleidsindicator: Omschrijving en duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers: Na een dieptepunt en een forse daling vanaf 2022 (van ruim 240 naar circa 145 per 10.000 inwoners in 2024), laten de cijfers een stabilisatie zien op dit lagere niveau van ongeveer 145 voorzieningen.

  • Duiding en CBS-vergelijking: Uit landelijke CBS-data (Waarstaatjegemeente) blijkt dat gemeente Harderwijk met circa 145 voorzieningen per 10.000 inwoners aanzienlijk lager scoort dan het landelijk gemiddelde (dat ruim boven de 200 ligt).

  • Oorzaak van het lagere aantal: Deze lage score is het resultaat van een bewuste sturingskeuze:

    • We zetten vaker in op korte, intensieve trajecten in plaats van langlopende formele voorzieningen.

    • Via een gecombineerde intake worden inwoners die direct inzetbaar zijn sneller en rechtstreeks naar werk bemiddeld, zonder dat daar een formeel re-integratietraject voor hoeft te worden ingeregeld.

    • De krappe arbeidsmarkt zorgde er bovendien voor dat inwoners sneller op eigen kracht of met minimale ondersteuning aan de slag gingen.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

Omdat inwoners die relatief makkelijk bemiddelbaar zijn al snel uitstromen, richt de gemeentelijke ondersteuning zich primair op inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt.

  • Kwaliteit boven kwantiteit: In plaats van het instellen van hoge aantallen standaardtrajecten, zetten we de extra middelen uit de Participatiewet in Balans in voor meer maatwerk.

  • Persoonlijke begeleiding: We ondersteunen inwoners met meervoudige en complexe vraagstukken via gerichte, individuele stappen.

  • Inzet voor 2027: Het doel voor 2027 is niet het verhogen van het aantal trajecten, maar het bieden van effectieve ondersteuning op maat, zodat ook inwoners met een grotere afstand duurzaam kunnen participeren of uitstromen naar werk.

Facultatieve beleidsindicatoren 6.2 Participatie

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Facultatieve beleidsindicatoren 6.2 Participatie

Percentage huishoudens en onderverdeling per soort huishouden met een bijstandsuitkering

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Percentage huishoudens en onderverdeling per soort huishouden met een bijstandsuitkering
Bron: waarstaatjegemeente.nl

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers (2022–2026):

    • Alleenstaanden: Dit is met afstand de grootste groep binnen de bijstand. Na een jarenlange stabiliteit rond de 64%, laat 2026 een lichte stijging zien naar circa 66%.

    • Gehuwd / samenwonend: Dit aandeel blijft al jaren op een constant en stabiel niveau van ongeveer 21%.

    • Alleenstaande ouders: Vertoont een gestage, lichte daling naar circa 13% in 2026 (van 15% in 2022–2025).

  • Duiding: De cijfers in gemeente Harderwijk sluiten aan bij het landelijke beeld, waarin alleenstaanden de omvangrijkste groep vormen in het sociaal domein. De aanhoudende daling bij het aandeel alleenstaande ouders is een positieve ontwikkeling. Deze groep heeft vaak te maken met een ingewikkelde combinatie van zorgtaken en werk; ondersteuning op maat helpt deze groep succesvol stappen te zetten.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

We stemmen de gemeentelijke dienstverlening af op de specifieke behoeften van de verschillende huishoudtypen.

  • Maatwerk voor alleenstaanden: Voor de omvangrijke groep alleenstaanden zetten we de uitgangspunten van Participatiewet in Balans in om belemmeringen weg te nemen en perspectief te bieden op maatschappelijke participatie of werk.

  • Ondersteuning van alleenstaande ouders: We blijven gerichte begeleiding bieden aan alleenstaande ouders, waarbij nadrukkelijk rekening wordt gehouden met de balans tussen zorgtaken en de stap naar de arbeidsmarkt.

  • Inzet voor 2027: Het bieden van passende en flexibele ondersteuning per gezinssituatie, zodat inwoners op een haalbare manier kunnen blijven meedoen of uitstromen naar (deels) betaald werk.

Aantal participatiewet per voorziening

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Aantal participatiewet per voorziening
Bron: Jaarverslag Meerinzicht

 Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers bijstand: Het aantal algemene bijstandsuitkeringen in gemeente Harderwijk stabiliseert rond de 830 uitkeringen (circa 278 per 10.000 inwoners). Bij de bijzondere bijstand is het effect van de incidentele energietoeslagen voorbij en is er sprake van een terugkeer naar een stabiel, structureel niveau van circa 1.350 voorzieningen.

  • Duiding en vergelijking: De stabilisatie van het aantal bijstandsgerechtigden sluit aan bij het landelijke beeld (CBS), waarin uitstroom naar werk minder vanzelfsprekend is door een afkoelende arbeidsmarkt en een doelgroep die vaker te maken heeft met complexe uitdagingen. Met 278 uitkeringen per 10.000 inwoners scoren Harderwijk en Hierden nog steeds gunstiger dan het gemiddelde van grotere gemeenten (circa 300).

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

We richten ons op de kwalitatieve versterking van de bestaanszekerheid van inwoners door het bieden van meer maatwerk in de ondersteuning.

  • Participatiewet in Balans: De ontvangen rijksmiddelen (€ 81.000) worden benut om de uitvoering menselijker en flexibeler in te richten. Denk hierbij aan het beter benutten van de beleidsruimte bij giften en het toepassen van maatwerk rondom de zoektermijn voor jongeren.

  • Inzet voor 2027: We zetten in op passende begeleiding voor inwoners die een grotere afstand tot de arbeidsmarkt ervaren. Hiermee streven we ernaar inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen bij het zetten van haalbare stappen richting maatschappelijk meedoen of (deels) betaald werk.

Aantal inwoners met WW-uitkering

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Aantal inwoners met WW-uitkering
Bron: WW Uitkeringen per 31-12 via arbeidsmarktincijfers

 Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers: Na een dieptepunt in 2022 (362) en een lichte stijging eind 2025 (449 uitkeringen), laat de eerste helft van 2026 weer een daling zien. In juli 2026 telde gemeente Harderwijk 422 WW-uitkeringen. Dit komt overeen met 1,5% van de beroepsbevolking (tegenover 436 en 1,6% in juli 2025).

  • Duiding en vergelijking: Met 1,5% blijft het WW-percentage in Harderwijk en Hierden zeer laag. Onze gemeente beweegt hiermee tegen de stijgende landelijke en regionale trend in: landelijk stegen de WW-uitkeringen het afgelopen jaar met 7,3% en in de regio Veluwe Stedendriehoek met 4,5%, terwijl gemeente Harderwijk een daling van 3,2% laat zien. We presteren hiermee structureel beter dan het landelijke (1,9%) en het provinciale gemiddelde (1,8%).

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

Hoewel de uitvoering van de Werkloosheidswet bij het UWV ligt, zet de gemeente in op preventie en het snel herplaatsen van inwoners op de arbeidsmarkt.

  • Preventie en werk-naar-werk: Binnen de regionale samenwerking in het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek bieden we vroegtijdige werk-naar-werkbegeleiding aan inwoners die hun werk dreigen te verliezen.

  • Doel voor 2027: Door inwoners die risico lopen snel in beeld te hebben, voorkomen we dat zij langdurig werkloos raken of doorstromen naar een bijstandsuitkering. Zo houden we de druk op het sociaal domein laag en benutten we de kansen op de krappe lokale arbeidsmarkt.

Percentage inwoners met WW-uitkering

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Percentage inwoners met WW-uitkering
Bron: WW uitkeringen in laatste maand van het jaar via arbeidsmarktincijfers

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers (2021–2025):

    • Het percentage schommelt over de afgelopen jaren stabiel rond de 0,9%.

    • Na een dip in 2022 (0,74%) steeg het aandeel in 2024 naar 0,92%.

    • In 2025 laat het percentage een lichte daling zien naar circa 0,90%, waarmee het niveau nagenoeg gelijk blijft aan voorgaande jaren.

  • Duiding: Dit percentage meet het aantal WW-uitkeringen ten opzichte van de totale bevolking. Wanneer we kijken naar de beroepsbevolking (de inwoners die kunnen en willen werken), bedraagt het WW-percentage 1,6%. Met dit lage percentage blijft gemeente Harderwijk gunstig presteren ten opzichte van het landelijke en provinciale gemiddelde. De krappe regionale arbeidsmarkt helpt om de instroom in de WW te dempen.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)?

Hoewel de uitvoering van de WW via het UWV verloopt, zetten we lokaal in op preventie en snelle herplaatsing op de arbeidsmarkt.

  • Preventieve werk-naar-werkbegeleiding: In samenwerking met het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek bieden we vroegtijdige ondersteuning aan inwoners die hun werk dreigen te verliezen.

  • Voorkomen van instroom: Door inwoners in een vroeg stadium te helpen bij het vinden van nieuw werk, proberen we langdurige werkloosheid en mogelijke instroom in de bijstand te voorkomen.

  • Inzet voor 2027: Het streven is om de lage WW-percentages vast te houden en de kansen op de regionale arbeidsmarkt zo goed mogelijk te benutten voor inwoners die tussen banen in zitten.

Onderverdeling bestaanszekerheid

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Onderverdeling bestaanszekerheid
Bron: Factsheets sociaal domein

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers (2021–2025):

    • Maatschappelijke bijdrageregeling: Vormt de omvangrijkste regeling; na een daling in 2024 laat 2025 weer een stijging zien naar circa 900 voorzieningen.

    • Individuele inkomenstoeslag: Vertoont al jaren een constant en stabiel verloop rond de 850 voorzieningen per jaar.

    • Regeling chronisch zieken & Bijzondere bijstand financiële dienstverlening: Laten een stabiel beeld zien met beide circa 400 voorzieningen per jaar.

    • PC-regeling: Blijft met een omvang van onder de 100 voorzieningen het kleinste onderdeel binnen de minimaregelingen.

  • Duiding: Over de afgelopen jaren zien we een constant gebruik van de inkomensondersteunende maatregelen. De maatschappelijke bijdrageregeling en de individuele inkomenstoeslag bereiken de grootste groep inwoners die een steun in de rug nodig hebben.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

Om de bestaanszekerheid van inwoners verder te versterken, richten we ons op het drempelloos beschikbaar maken van de ondersteuning en het tegengaan van onderbenutting.

  • Proactieve en ambtshalve toekenning: We gaan gerichte minimaregelingen — waaronder de individuele inkomenstoeslag, de maatschappelijke bijdrageregeling en de PC-regeling — waar mogelijk ambtshalve en proactief toekennen.

  • Tegengaan van onderbenutting: Met deze werkwijze verminderen we de administratieve drempels voor de inwoner en borgen we dat huishoudens automatisch ontvangen waar zij wettelijk of gemeentelijk recht op hebben.

  • Inzet voor 2027: Het streven is dat meer financieel kwetsbare huishoudens bereikt worden en dat de administratieve lasten voor inwoners zo laag mogelijk blijven, om zo armoede en schulden effectiever te voorkomen.

 

6.3 WMO

Terug naar navigatie - - 6.3 WMO
Portefeuillehouder(s): D. Pool - Smit
 Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de voorgeschreven taakvelden:
6.60 Hulpmiddelen en diensten
6.711 Huishoudelijke hulp
6.712 Begeleiding
6.713 Dagbesteding
6.714 Overige maatwerkarrangementen Wmo
6.791 PGB Wmo
6.811 Beschermd wonen (Wmo)
6.812 Maatsch. en vrouwenopv. (Wmo)
6.91 Coördinatie en beleid Wmo.

Strategische doelen uit de nota Sociaal Domein:

  1. Gezonde en veilige woonomgeving voor iedereen met passend woningaanbod voor alle inwoners.
  2. Inwoners wonen naar tevredenheid langer zelfstandig thuis.
  3. Inwoners hebben regie over hun eigen leven en kunnen op een gezonde manier oud worden.
  4. Inwoners met een ondersteuningsvraag worden tijdig, passend en nabij ondersteund om (zo lang mogelijk) zelfredzaam te zijn.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat willen we bereiken?
Bieden van passende ondersteuning
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat willen we bereiken? - Bieden van passende ondersteuning

Inwoners worden snel en goed geholpen met hun ondersteuningsvraag. Lichte hulpverlening wordt ook in 2027 meer voorliggend aangeboden en vindt meer collectief in plaats van individueel plaats. Dit gebeurt voornamelijk vanuit de sociale basis. Zowel individuele begeleiding als dagbesteding is deels als algemene voorziening beschikbaar, zodat niet altijd een indicatie nodig is.  Denk hierbij aan het GEM groepenhuis, De Aanleg (pilot en Odensehuis) en Welzijn op Recept +. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het bieden van een maatschappelijk vangnet, waarbij bestaanszekerheid van inwoners in kwetsbare situatie versterkt wordt:

    • Het bieden van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.
    • Dak- en thuislozenopvang/zorg en doorstroombeleid/voorzieningen;
    • Het ontwikkelen van een regionale visie en kaders voor middelengebruik en verslaving binnen de maatschappelijke zorg, middels het veranderatelier middelengebruik en verslaving;
    • Het doorontwikkelen  van Tijdelijk Wonen en Respijthuis Anne;
    • Het doorontwikkelen van ervaringsdeskundigheid in de maatschappelijk zorg; 
    • Het oorontwikkelen van passende woonplekken en beschermd thuis; 
    • Het realiseren van maatwerkwoningen in de regio. 
  • Beleid
    Regulier beleid

    Er zal meer gemonitord gaan worden op het effect van de ingezette maatwerkvoorziening, met name bij individuele begeleiding en dagbesteding. Door deze werkwijze ontstaat er meer grip op kwaliteit en op termijn zal dit ook kunnen leiden tot afname in de kosten.

  • Beleid

    De landelijke verwachting (Wmo Prognosemodel VNG) is dat het aantal mensen dat gebruikmaakt van een Wmo-voorziening de komende jaren voor onze gemeente stijgt. Door verschillende interventies proberen we de groei minder explosief te laten zijn ten opzichte van het Wmo prognosemodel VNG.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De invoering van een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo staat op zijn vroegst gepland voor 2028.  Hoe de inkomensafhankelijke eigen bijdrage er precies uit komt te zien, wordt nog verder uitgewerkt. Onzeker is nog of de invoering hiervan in 2028 realistisch is. De landelijke ontwikkelingen worden kritisch gevolgd. Wanneer er voldoende duidelijkheid is omtrent de uitwerking zal er een projectgroep opgericht worden om de invoering tijdig voor te bereiden. Belangrijke aspecten hierin zijn onder andere duidelijke communicatie naar de inwoners en het CAK.

Een passende en veilige woonomgeving
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat willen we bereiken? - Een passende en veilige woonomgeving

Gezonde en veilige woonomgeving voor iedereen met passend woningaanbod voor alle inwoners. Dit doen we door vergroting van de diversiteit aan woonvormen. Bevordering van zorgtechnologie (domotica): We maken inwoners bewuster van de mogelijkheden van domotica, zodat iedereen langer thuis kan wonen. Doorbreking van het taboe op huiselijk geweld:  Door te werken aan bewustwording en het laagdrempelig maken van hulp en ondersteuning.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Bevorderen van de sociale samenhang, het versterken van mantelzorg en vrijwilligerswerk(servicepunten), laagdrempelige en toegankelijke (inloop)voorzieningen in het voorveld, diensten en ruimten voor mensen met een beperking, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, alsmede voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld.

  • Beleid
    Specifiek beleid

    De doordecentralisatie van beschermd wonen is uitgesteld naar in ieder geval 1 januari 2027, in afwachting van verdere wetswijzigingen. We volgen de ontwikkelingen hierin op de voet.

Inwoners hebben regie over hun eigen leven
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat willen we bereiken? - Inwoners hebben regie over hun eigen leven

Inwoners hebben regie over hun eigen leven en kunnen zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen . We stimuleren inwoners om de regie over hun eigen leven te behouden en gezond oud te worden in hun eigen vertrouwde omgeving. We zetten in op preventie, actieve deelname aan de samenleving en het wegnemen van belemmeringen. We bevorderen de deelname aan activiteiten in de wijk die gericht zijn op bewegen en een gezonde levensstijl, waardoor sociale contacten worden gestimuleerd en een gezonde leefwijze wordt ondersteund.

  • Beleid
    Regulier beleid

    We zetten samen met de regio stappen om de beweging van een behandelgerichte GGZ naar een herstelgerichte GGZ te realiseren. Hierbij wordt ingezet op de GEM-beweging (Ecosysteem Mentale Gezondheid). Het GEM Groepenhuis Noord-Veluwe in De Roef is inmiddels operationeel en biedt diverse groepsactiviteiten aan rondom mentale gezondheid. Daarnaast zijn de verkennende gesprekken gestart om inwoners met een ondersteuningsvraag passende begeleiding en ondersteuning te bieden. Met de goedkeuring van het transformatieplan en de rijksfinanciering kan de regionale versnellings-/voorbereidingsfase worden gerealiseerd.  

Zelfstandig thuis wonen
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat willen we bereiken? - Zelfstandig thuis wonen

Inwoners wonen naar tevredenheid  (langer) zelfstandig thuis.  Er is een netwerk van informele zorg in de wijk . Er is samengewerkt vanuit de opgave "Op weg naar Samenredzaamheid". Inwoners kunnen waar nodig met hulp, langer thuis blijven wonen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Individuele ondersteuningsvoorzieningen op maat, zoals aanpassingen aan de woning, vervoervoorzieningen, hulpmiddelen, hulp bij het huishouden, individuele begeleiding en begeleiding groep. Deze voorzieningen zijn afgestemd op de behoeften en mogelijkheden van de betreffende persoon, met als doel het bevorderen van diens zelfredzaamheid en participatie in de samenleving.

Verplichte beleidsindicatoren 6.3 WMO

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Verplichte beleidsindicatoren 6.3 WMO

Cliënten met een maatwerkarrangement WMO per 10.000 inwoners

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Cliënten met een maatwerkarrangement WMO per 10.000 inwoners
Bron: CBS MSD WMO

In 2025 waren er 740 cliënten met een Wmo-maatwerkarrangement per 10.000 inwoners. Over de jaren heen is in deze verhouding voor Harderwijk en Hierden een vergelijkbare trend te zien als bij andere gemeenten in Nederland.

Facultatieve beleidsindicatoren 6.3 WMO

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Facultatieve beleidsindicatoren 6.3 WMO

Aantal cliënten WMO

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Aantal cliënten WMO
Bron: Monitor Sociaal Domein

Het aantal cliënten binnen de Wmo lijkt te stabiliseren ten opzichte van de voorgaande jaren.

Percentage cliënten WMO ten opzichte van het aantal inwoners

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Percentage cliënten WMO ten opzichte van het aantal inwoners
Bron: CBS/Monitor Sociaal Domein

Het percentage cliënten binnen de Wmo, ten opzichte van het aantal inwoners in Harderwijk en Hierden, was in 2025 6,01%, en lijkt daarmee licht te dalen ten opzichte van 2024. Door de betere aansluiting op voorzieningen vanuit de sociale basis wordt in  toenemende mate passende ondersteuning gevonden,  waardoor het minder vaak nodig is om een individuele maatwerkvoorziening in te zetten.  

Unieke cliënten WMO per voorziening

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Unieke cliënten WMO per voorziening
Bron: Monitor Sociaal Domein

Het aantal cliënten binnen de Wmo lijkt zich, ook per voorziening, te stabiliseren.

6.4 Jeugdhulp

Terug naar navigatie - - 6.4 Jeugdhulp
Portefeuillehouder(s): D. Pool - Smit
 Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de voorgeschreven taakvelden:
6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal
6.762 Jeugdhulp m verblijf regionaal
6.763 Jeugdhulp m verblijf landelijk 
6.792 PGB Jeugd
6.821 Jeugdbescherming
6.822 Jeugdreclassering
6.92 Coördinatie en beleid Jeugd.

Strategische doelen uit de nota Sociaal Domein:

  1. Alle jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien in een kansrijke omgeving
  2. Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust om alledaagse problemen op te vangen (goed is goed genoeg/normaliseren)
  3. Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen
  4. We streven ernaar dat jeugdigen opgroeien met gelijke kansen en hun talenten ontwikkelen op een manier die bij hen past (onderwijs, sport, cultuur)

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat willen we bereiken?
Alle jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien in een kansrijke omgeving
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat willen we bereiken? - Alle jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien in een kansrijke omgeving

Onze ambitie is dat alle kinderen gezond en veilig opgroeien, hun talenten ontwikkelen en naar vermogen meedoen. Onze visie is dat dit mogelijk is binnen de beperkter wordende middelen, op een manier die recht doet aan ouder en jongeren. Uitgangspunten hierbij zijn:

  • kinderen horen thuis
  • we gaan uit van mogelijkheden
  • we zetten niet alleen in op eigen kracht, maar ook op eigen verantwoordelijkheid en samenredzaamheid
  • opvoeden doen we allemaal
  • we werken samen, niet alleen met ouders, maar ook met elkaar
  • we werken systeemgericht
  • Beleid
    Regulier beleid

    Monitoren en sturen zijn beiden noodzakelijk om grip te krijgen op de uitgaven jeugdhulp, inzicht te krijgen in de werking van onze lokale teams en de kwaliteit van de geboden (niet vrij toegankelijke) jeugdhulp te garanderen. In de nieuwe inkoop zijn afspraken gemaakt, waardoor kan worden gestuurd op verschillende kwaliteitseisen van aanbieders en op outcome criteria en KPI’s. Daarnaast vindt de monitoring en sturing plaats tijdens de 6 wekelijkse duidingssessies.  Contractmanagement werkt hierin nauw samen met (lokaal) beleid en de lokale toegangen voor jeugdhulp. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    In het vastgestelde ombuigingsplan is een taakstelling opgenomen voor het Sociaal Domein. De taakstelling is vanaf 2024 structureel € 350.000,-.  Het is een taakstelling voor het hele sociale domein, maar is opgenomen onder taakveld Jeugdhulp, omdat dit taakveld een groot deel van de taakstelling in zal vullen. Tegelijkertijd worden gerichte interventies ingezet om de transformatie en de taakstelling te realiseren. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Door de inzet van toezicht wordt gewerkt aan het voorkomen van onrechtmatigheden, het verminderen van fouten en het vergroten van de rechtmatigheid van uitgaven binnen de Wmo en Jeugd. In 2027 wordt de inzet van toezicht voortgezet met als doel risico’s te beperken, de kwaliteit van ondersteuning te versterken en publieke middelen rechtmatig en zorgvuldig in te zetten.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Elke 6 weken zijn er duidingssessies waarbij de ontwikkelingen op de uitgaven van Jeugd in kaart worden gebracht. Onderdeel hiervan is inzicht in de stapeling van indicaties. Waar nodig worden er vervolg acties uitgezet samen met de uitvoerende partners. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Partners betrokken bij het sociaal domein hebben positieve gezondheid als uitgangspunt.  Dit gebeurt in samenwerking met de andere opgaven. Positieve gezondheid wordt meegenomen in de opdrachten en gesprekken met partners.

Gelijke kansen voor jeugdigen
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat willen we bereiken? - Gelijke kansen voor jeugdigen

Jeugdigen kunnen opgroeien met gelijke kansen en hun talenten ontwikkelen op een manier die bij hen past (onderwijs, sport, cultuur).

  • Beleid
    Regulier beleid

    Samen met het onderwijs een werkwijze ontwikkelen om thuiszittende leerlingen op maat te kunnen ondersteunen en thuiszitten te voorkomen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Sluitende aanpak jongeren (< 27 jaar). Vooruitlopend op de Wet van school naar duurzaam werk zijn afspraken met het onderwijs en het Doorstroompunt, ontwikkelen we arrangementen, alternatieve trajecten en begeleidingsmogelijkheden voor jongeren die herhaaldelijk uitvallen. Passende oplossingen voor jongeren in kwetsbare situaties bij de overgang van 18- naar 18+.

  • Beleid

    Kinderen met beperking doen mee met reguliere activiteiten.

    Een inclusieve werkwijze faciliteren voor uitvoerende partners.

  • Beleid
    Regulier beleid

    We maken een startnotitie voor het ontwikkelen van beleid waarmee de gemeente bijdraagt aan de behoefte aan een kansrijke opleiding (werk in de regio, persoonlijke ontwikkeling etc.) van alle jonge inwoners (een onderwerp van de strategische raadsagenda). Door de inwerkingtreding van de Wet van school naar duurzaam werk krijgen we meer mogelijkheden om jongeren tot 27 jaar te ondersteunen bij de overgang van school naar werk en het behoud van werk bij (dreigende) werkloosheid.  De uitwerking is verwoord in het regionaal programma. Door dit regionale programma is de noodzaak van een lokaal programma, te beginnen met een startnotitie, overbodig geworden.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Samen met ouders en partners doelen bepalen voor kinderen/jongeren in de kinderopvang/schoolsetting en samenwerking versterken.

    Eén van de opgaven binnen de Nota Sociaal Domein is kansrijk opgroeien. Met de uitdaging dat alle kinderen gezond en veilig opgroeien, hun talenten ontwikkelen en naar vermogen meedoen. In de kinderopvang worden de jongste kinderen uit onze gemeente opgevangen in een veilige en stimulerende omgeving, waar opgegroeid wordt binnen een sterke pedagogische en sociale basis, en waar ouders met een gerust hart op kunnen vertrouwen.

    Kinderopvang 
    Een wettelijke taak van de gemeente is uitvoering van inspecteren en het handhaven bij misstanden volgens de Wet Kinderopvang. Daarnaast is het de taak om het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) actueel te houden.

    Jaarlijks worden alle Kindercentra (Kinderdagverblijven, Buitenschoolse opvang, Gastouderbureaus) en min. 50% van de geregistreerde voorzieningen voor gastouderopvang door de GGD bezocht voor een inspectie.

    Per 2026 zijn er diverse veranderingen in het toezicht en de handhaving van de kinderopvang gepland. De belangrijkste wijzigingen betreffen de gastouderopvang en de meldplicht voor ernstige incidenten.

    In 2026 zijn er een aantal kwaliteitsveranderingen waar een gastouder aan moet voldoen en wat in het toezicht wordt meegenomen. Dit zijn:

    • verduidelijking en versterking van kwaliteitseisen
    • permanente educatie gastouders
    • gastouders zijn verplicht een eigen pedagogisch werkplan op te stellen
    • de achterwachtregeling wordt verplicht voor alle gastouders
    • er komen nieuwe opleidingseisen voor gastouders.

    Gastouderbureaus moeten minimaal twee keer per jaar op bezoek gaan bij de gastouder en de pedagogische coaching vastleggen. Ook moet er een pedagogisch beleidsmedewerker in dienst zijn.

    Verder komt er vanaf 2026 een verplichte melding voor ernstige incidenten. De meldplicht is bedoeld om de toezichthouder en de overheid beter inzicht te geven in de oorzaken van ernstige incidenten, waardoor de veiligheid en kwaliteit van de kinderopvang kan worden verbeterd.

    Flexibele inspectieactiviteit  
    In 2023 zijn we in gemeente Harderwijk gestart met de flexibele inspectieactiviteit voor de jaarlijkse onderzoeken bij kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang en, gastouderopvang en gastouderbureaus. We kunnen hierdoor meer maatwerk voor de gemeente Harderwijk leveren in het toezicht en meer verschillende onderwerpen toetsen, waardoor de voorspelbaarheid van het toezicht wordt verminderd. Ook zijn er in 2026 nieuwe speerpunten met de GGD afgesproken. De speerpunten zijn: vervoer en spelen buiten de locatie en gebruik van de commode.

Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust.
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat willen we bereiken? - Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust.

Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust om alledaagse problemen op te vangen (goed is goed genoeg/normaliseren).

  • Beleid
    Regulier beleid

    Vanuit de nota sociaal domein zetten we in op lerende gemeenschappen rond het kind te faciliteren en stimuleren. Voorbeelden hiervan zijn de ontwikkeling van centering parenting en centering pregnancy.

  • Beleid

    Jeugd- en opvoedhulp zonder specialistische ondersteuning kunnen aangeboden worden door het CJG, inclusief basis -ggz of collectieve/ algemene voorziening.

    Door tijdig lichte vormen van jeugdhulp beschikbaar te stellen, voorkomen we dat problemen verergeren en zwaardere of duurdere hulp nodig wordt. Voorliggende ondersteuning – dicht bij het gezin en vaak in samenwerking met het onderwijs, jeugdgezondheidszorg en CJG – zorgt ervoor dat gezinnen snel passende hulp ontvangen. Dit draagt bij aan het versterken van eigen kracht en het benutten van het sociale netwerk. Het vroeg inzetten van lichte hulp vergroot de kans op duurzame oplossingen, vermindert de druk op gespecialiseerde jeugdhulp en draagt bij aan de kwaliteit en effectiviteit van de totale jeugdhulp.

Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen.
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat willen we bereiken? - Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen.

Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen, zodat ze gezond en veilig kunnen opgroeien in een kansrijke omgeving. Waar mogelijk in de sociale basis en waar nodig met de inzet van geïndiceerde hulp. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Als gemeente werken we samen met het lokale team van het Centrum voor Jeugd en Gezin, organisaties die zich richten op de sociale basis, zorgaanbieders, en Meerinzicht. Vanuit verschillende rollen dragen we gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor een effectieve en efficiënte aanpak binnen dit taakveld en de uitvoering van de Jeugdwet. Ons gemeenschappelijke doel is om de jeugdigen en hun leefwereld centraal te stellen.

    Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG)
    Dit is een netwerkorganisatie die uitvoering geeft aan de jeugdwet in mandaat van het college en waar inwoners terecht kunnen voor alle vragen over opvoeden en opgroeien. Binnen het CJG werken Jeugd- en gezinswerkers, jeugdverpleegkundigen en jeugdartsen met een brede expertise om de ondersteuning op maat te arrangeren. Sinds 2022 is het CJG versterkt met GGZ-expertise (JGGZ). Hiermee worden kinderen/gezinnen eerder ondersteund, waarmee duurdere jeugdhulp voorkomen kan worden. 

    Het CJG zet vrij toegankelijke hulp en ondersteuning in en verzorgt de toeleiding naar niet vrij toegankelijke zorg indien nodig. Daarnaast zoekt het CJG verbinding met onder meer het onderwijs, welzijnspartners, sportverenigingen, huisartsen en de uitvoerders van Wmo, inburgeringswet en de Participatiewet binnen de gemeenten. De gemeente werkt samen met aanbieders en CJG partners aan de transformatie van de niet vrij toegankelijke zorg. Bij de meeste huisartsenpraktijken is een Jeugd- en gezinswerker vanuit het CJG actief om vragen over opvoeden en opgroeien op te pakken.

  • Beleid
    Regulier beleid

    In de regio en voor de essentiële functies op  bovenregionaal niveau van de G7 (de zeven Gelderse jeugdhulpregio’s) werken we samen aan de inkoop van specialistische jeugdhulp. Het gaat hierbij onder meer om dagbesteding, dagbehandeling, kort verblijf, jeugd-ggz (ambulant en klinisch), pleegzorg, residentiële jeugdhulp, jeugdzorgPlus en crisishulp. Dankzij de bestaande inkoopafspraken kunnen we sturen op samenwerking en op de inzet van passende zorg. In de contractafspraken zijn doelstellingen vastgelegd waaraan zorgaanbieders zich committeren; samen met aanbieders, toezicht en contractmanagement bewaken we dat deze afspraken ook worden nageleefd.

    Daarnaast werkt de jeugdhulpregio Noord-Veluwe bovenregionaal samen binnen de Gelderse Verbeteragenda, onder andere voor Veilig Thuis en de jeugdbescherming en -reclassering. Ook de landelijke afbouw van jeugdzorgPlus en de drie milieuvoorzieningen wordt op bovenregionaal niveau georganiseerd. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Namens gemeenten heeft de VNG afspraken gemaakt met landelijke jeugdhulpaanbieders met een specialistische functie.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het CJG heeft een kwaliteitsmedewerker in dienst. Hiermee wordt beoogd de kwaliteit van de verleningsbesluiten te verhogen met minder buiten gecontracteerd aanbod, inzetten op afschalen en verwijzen naar sociale basis.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het aanbod aan individuele en collectieve ondersteuning voor jeugdigen en opvoeders in beeld brengen en meer voorliggend aanbieden en organiseren. Dit pakken we op met het opgaveteam EHZM Kansrijk Opgroeien ter voorbereiding op de nieuwe inkoop jeugd. 

  • Beleid

    Huisartsen zijn een belangrijke door verwijzer naar jeugdhulp

    Bijna 40% van de verwijzingen naar jeugdhulp komt via huisartsen. Uit onderzoek blijkt dat dit relatief hoog is, met name naar de jeugd-ggz. Door een CJG’er direct te positioneren bij de huisarts, kunnen verwijzingen worden teruggebracht en wordt vaak lichtere en minder intensieve hulp ingezet. We blijven inzetten op de samenwerking tussen het CJG en de huisartsen met het beoogde effect dat jongeren en het gezin passende ondersteuning ontvangen waarbij er breder gekeken kan worden naar het systeem en waar mogelijk een afname in zwaardere jeugdhulp te bewerkstelligen. 

Verplichte beleidsindicatoren 6.4 Jeugdhulp

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Verplichte beleidsindicatoren 6.4 Jeugdhulp

Jongeren met een delict voor de rechter

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met een delict voor de rechter
Bron: CBS

Achterstand onder jeugd - Kinderen in uitkeringsgezin

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Achterstand onder jeugd - Kinderen in uitkeringsgezin
Bron: CBS

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers: Het percentage kinderen in een uitkeringsgezin in gemeente Harderwijk is gedaald van 5% naar een stabiel niveau van 4%.

  • Duiding en vergelijking: Met 4% scoort gemeente Harderwijk gunstiger dan het gemiddelde van grotere gemeenten en presteren we in lijn met vergelijkbare gemeenten in de regio. Landelijk signaleert Divosa dat gezinnen die in de bijstand achterblijven vaak te maken hebben met meervoudige en complexe uitdagingen. Het doorbreken van armoede die van generatie op generatie overgaat, blijft een belangrijk aandachtspunt.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

We zetten erop in om de impact van armoede op de ontwikkeling en toekomstkansen van kinderen zo veel mogelijk te beperken.

  • Ambtshalve toekenning minimaregelingen: Om onderbenutting zo veel mogelijk tegen te gaan, gaan we gerichte minimaregelingen — zoals de individuele inkomenstoeslag, de maatschappelijke bijdrageregeling en de computerregeling — waar mogelijk ambtshalve toekennen.

  • Rechten optimaal benutten: Met deze proactieve werkwijze borgen we dat gezinnen, en daarmee ook de kinderen, zo eenvoudig mogelijk ontvangen waar zij recht op hebben.

  • Inzet voor 2027: Het streven is dat elk kind in Harderwijk en Hierden onbelemmerd kan meedoen aan sportieve, culturele en educatieve activiteiten. Hiermee ondersteunen we een kansrijke ontwikkeling en helpen we sociaal-maatschappelijke achterstanden te voorkomen.

Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren
Bron: CBS

Duiding cijfers

  • Ontwikkeling cijfers: Het percentage werkloze jongeren in gemeente Harderwijk is al langere tijd stabiel op 1%.

  • Duiding en vergelijking: Met deze score van 1% presteert gemeente Harderwijk aanzienlijk beter dan vergelijkbare en grotere gemeenten, waar het gemiddelde percentage op 2% ligt.

  • Preventieve aanpak: De lage cijfers laten zien dat de nauwe samenwerking binnen het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek en de ketenpartners vruchten afwerpt. Door jongeren die dreigen uit te vallen vroegtijdig te ondersteunen, voorkomen we in veel gevallen instroom in de bijstand. Landelijk blijft de groep jongeren zonder startkwalificatie bij een afkoelende arbeidsmarkt wel een kwetsbare categorie.

Maatregel: Wat gaan we hiervoor doen (inzet 2027)

We blijven inzetten op het voorkomen van jeugdwerkloosheid en het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt voor jongeren met een kwetsbare positie.

  • Aanpak Vroegtijdig Schoolverlaten (VSV): Samen met het onderwijs en het Regionaal Meld- en Coördinatiepunt (RMC) zetten we in op het terugdringen van vroegtijdig schoolverlaten. We ondersteunen jongeren intensief om alsnog een startkwalificatie te behalen of de overstap naar werk te maken.

  • Begeleiding naar kansrijke sectoren: We richten de begeleiding van jongeren specifiek op sectoren in onze regio waar vraag is naar personeel (zoals de zorg, techniek, zakelijke dienstverlening en logistiek), om zo de kans op duurzaam werk te vergroten.

  • Inzet voor 2027: Met de ruimte uit de Participatiewet in Balans bieden we waar nodig versoepeld maatwerk (zoals een passende invulling van de zoektermijn) om te zorgen dat jongeren niet aan de zijlijn komen te staan.

Jongeren met jeugdhulp in % van alle jongeren tot 18 jaar

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met jeugdhulp in % van alle jongeren tot 18 jaar
Bron: CBS

Deze tabel geeft weer hoeveel procent van de jongeren tot 18 jaar een vorm van jeugdhulp ontvangt. Dit maakt zichtbaar dat over de jaren 2020-2023 het aandeel jongeren dat jeugdhulp ontvangt is gestegen, zowel in Harderwijk en Hierden als in gemeenten met 25.000-50.000 inwoners en gemeenten met 50.000-100.000 inwoners. In 2024 is het aandeel jongeren met jeugdhulp in Harderwijk en Hierden licht gedaald, terwijl dit in de overige twee categorieën gelijk is gebleven. Deze daling heeft zich doorgezet in 2025. 

Jongeren met jeugdbescherming

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met jeugdbescherming
Bron: CBS

Deze tabel geeft het percentage jongeren met jeugdbescherming weer in Harderwijk en Hierden, afgezet tegen het percentage in gemeenten met 25.000-50.000 inwoners en gemeenten met 50.000-100.000 inwoners. Dit maakt zichtbaar dat het percentage jongeren met jeugdbescherming in Harderwijk en Hierden in 2020 hoger was dan in gemeenten van vergelijkbare grootte, maar dat deze verschillen in 2024 kleiner zijn geworden. Gemeente Harderwijk heeft nu een vergelijkbaar percentage met gemeenten met 25.000-50.000 inwoners.

Jongeren met jeugdreclassering

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met jeugdreclassering
Bron: CBS

Deze tabel geeft aan welk percentage van de jongeren in Harderwijk en Hierden jeugdreclassering ontvangt. Waar in 2024 een sterke stijging te zien is bij gemeenten met 50.000-100.000 inwoners, is het percentage in Harderwijk en Hierden en gemeenten met 25.000-50.000 inwoners gelijk gebleven. Het jaar 2025 laat een vergelijkbaar beeld zien als het jaar ervoor. 

Facultatieve beleidsindicatoren 6.4 Jeugdhulp

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Facultatieve beleidsindicatoren 6.4 Jeugdhulp

Aantal cliënten per segment

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Aantal cliënten per segment
Bron: Jaarverslag Meerinzicht. Als gevolg van de nieuwe inkoop per 2022 is vanaf 2022 de indeling naar segmenten.

Deze tabel geeft het aantal cliënten per segment weer binnen de jeugdhulp. De cijfers zijn de afgelopen drie jaar stabiel gebleven. Sinds 2025 zijn de esentiële functies toegevoegd als segment, waardoor hier een kleine groei te zien is. Deze groei gaat samen met een lichte daling op segment 4 specialistisch. 

Percentage verwijzingen

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Percentage verwijzingen
Bron: Jaarstukken Meerinzicht 2024; Dashboard Jeugd

Deze tabel geeft weer waar de verwijzingen naar jeugdhulp vandaan komen. Dit laat een vrij stabiel beeld zien. De afgelopen jaren is het aantal verwijzingen vanuit jeugdartsen of medisch specialisten licht toegenomen. Er is een lichte afname te zien bij de verwijzingen vanuit het CJG. Vanaf 2021 laat het aantal verwijzingen vanuit huisartsen een lichte daling zien, dat is overeenkomstig met het beleidsdoel dat verwijzingen in principe zoveel mogelijk via het CJG verlopen.  

Totaaloverzicht Programma 6

Terug naar navigatie - - Totaaloverzicht Programma 6
Bedragen x €1.000
Exploitatie
Realisatie 2025
Begroting 2026
Primitieve begroting 2027
Primitieve begroting 2028
Primitieve begroting 2029
Primitieve begroting 2030
Baten
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
4.160
3.870
1.784
1.677
1.677
1.677
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
179
112
0
0
0
0
TV63
TV63 Inkomensregelingen
16.796
17.465
17.940
18.040
18.040
18.040
TV671
TV671 WMO
1.533
1.521
329
329
329
329
TV681
TV681 Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang
23.845
31.641
32.775
32.775
32.775
32.775
Totaal Baten
46.513
54.610
52.828
52.821
52.821
52.821
Lasten
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
-10.625
-11.522
-9.176
-8.569
-8.577
-8.573
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
-5.622
-6.549
-6.620
-6.250
-6.250
-6.250
TV63
TV63 Inkomensregelingen
-20.833
-22.003
-23.392
-23.217
-23.217
-23.217
TV64
TV64 Begeleide participatie
-5.608
-5.168
-4.909
-4.680
-4.407
-4.375
TV65
TV65 Arbeidsparticipatie
-1.426
-1.453
-2.806
-2.814
-2.813
-2.813
TV671
TV671 WMO
-11.987
-13.200
-13.483
-13.481
-13.481
-13.481
TV672
TV672 Maatwerkdienstverlening 18-
0
0
0
0
0
0
TV675
TV675 Jeugdhulp ambulant
-13.021
-12.119
-12.872
-12.822
-12.822
-12.822
TV676
TV676 Jeugdhulp met verblijf
-6.289
-6.050
-6.598
-6.598
-6.598
-6.598
TV679
TV679 PGB
-2.143
-2.244
-2.115
-2.115
-2.115
-2.115
TV681
TV681 Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang
-23.398
-30.736
-31.869
-31.867
-31.867
-31.867
TV682
TV682 Jeugdbescherming en jeugdreclassering
-1.260
-1.461
-1.235
-1.235
-1.235
-1.235
TV69
TV69 Coördinatie en beleid
-6.308
-6.614
-4.231
-4.312
-4.310
-4.310
Totaal Lasten
-108.521
-119.120
-119.307
-117.961
-117.693
-117.657
Onttrekkingen
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
524
0
0
28
28
28
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
274
174
58
0
0
0
Totaal Onttrekkingen
798
174
58
28
28
28
Stortingen
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
0
-1.200
0
0
0
0
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
-2.366
0
0
0
0
0
Totaal Stortingen
-2.366
-1.200
0
0
0
0

Financiële analyse begroting 2027 ten opzichte van begroting 2026

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht Programma 6 - Financiële analyse begroting 2027 ten opzichte van begroting 2026 Bedragen x €1.000
Exploitatie
Begroting 2026
Primitieve begroting 2027
Primitief 2027 - Totaal 2026
Baten
54.610
52.828
-1.782
Lasten
-119.120
-119.307
-187
Onttrekkingen
174
58
-116
Stortingen
-1.200
0
1.200

Het resultaat van programma 6 is als volgt te verklaren

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht Programma 6 - Het resultaat van programma 6 is als volgt te verklaren
Taakveld (Bedragen x 1.000)
Onderwerp
Bedrag afwijking
Verwijzing toelichting
Onderhanden werken
180
1
Kapitaallasten
-109
2
Doorberekende salariskosten
101
3
Overige doorbelastingen
151
4
Incidentele budgetten 2026
-164
5
6.1
Huuropbrengst MFC De Roef
394
6
6.4
Lagere bijdrage WsW
259
7
Zorgkosten sociaal domein
-1.500
8
Diversen
-197
9
Totaal
-885

Toelichting op de financiële analyse

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht Programma 6 - Toelichting op de financiële analyse
1.  Onderhanden werken Bepaalde budgetten die in 2025 niet (volledig) zijn benut, zijn vanuit de jaarrekening 2025 meegenomen naar de begroting 2026. In de begroting 2027 komen deze budgetten te vervallen en ontstaat een voordelig effect.
2. Kapitaallasten Jaarlijks worden de kapitaallasten bepaald op basis van de aanwezige activa en de nieuwe investeringen. Deze kapitaallasten worden toegerekend aan de betreffende taakvelden / programma’s en hebben voor dit programma een voordelig effect.
3. Doorberekende salariskosten Jaarlijks wordt de verwachte urenbesteding per taakveld opgevraagd. De geraamde salariskosten worden op basis van deze urenbesteding doorberekend. Voor 2027 leidt dit ten opzichte van 2026 tot een voordelig effect.
4. Overige doorbelastingen Jaarlijks wordt doorbelasting van de bijdrage aan MIZ domein sociaal geactualiseerd. Dit leidt voor 2027 tot een voordelig effect.
5. Incidentele budgetten 2026 In de begroting 2026 zitten een aantal incidentele budgetten, die niet meer voorkomen in 2027. Het gaat met name om een lagere begrote onttrekking aan de reserve sociaal domein. 
6. Huuropbrengst MFC De Roef De begroting van de huurinkomsten vanuit MFC de Roef is verschoven van taakveld 7.1 naar taakveld 6.1. Hiermee staat de gehele exploitatie van het pand nu geraamd op het correcte taakveld. Dit levert een nadelig effect op programma 7 en een voordelig effect op programma 6 (per saldo neutraal). 
7. Lagere bijdrage WsW De bijdrage voor de Inclusief Groep voor de uitvoering van de WsW is bekendgemaakt in de meicirculaire Gemeentefonds 2026 en is lager dan in 2026 in verband met de afname van het aantal WsW-ers. De dekking van deze uitgaven is verantwoord in programma 0 bij het taakveld Algemene Uitkering.
7. Zorgkosten sociaal domein
Onderwerp Bedrag
Zorgkosten Jeugd -1.381
Zorgkosten Wmo -120
Kosten Participatie -449
Hogere rijksbijdrage BUIG 450
Totaal hogere lasten -1.500
Dekking vanuit circulaires Gemeentefonds: compensatie stelpost volumeontwikkeling Wmo, hogere rijksbijdrage voor loon- en prijsbijstelling beschut werk, verbetering loonkostensubsidie, re-integratiedienstverlening jongeren 369
Totaal effect -1.131

Jeugd

De kostenstijging binnen de jeugdhulp wordt grotendeels veroorzaakt door loon- en prijsstijgingen. Voor loon- en prijsstijgingen is met het voorlopig OVA percentage 2027 van 3,96% gerekend en met een volumegroei van 2,5%. Dit is lager dan de landelijke stijging van de afgelopen jaren van 8% (bron: Improven).

Ook lokaal blijft de druk op het jeugdbudget hoog. Het aantal cliënten stabiliseert, maar de kosten per traject nemen toe door intensievere zorg en hogere tarieven. Met de ingezette ombuigingsmaatregelen, zoals investeren in voorliggende ondersteuning via het CJG, regie op huishoudens met veel voorzieningen en het sturen op doelmatige inzet verwachten we dat de kosten minder sterk oplopen dan de autonome groei. Een deel van de jeugdhulpkosten is voor de gemeente slechts beperkt direct beïnvloedbaar. We zien een stijging van complexe en intensieve zorgvragen, waarbij de verwijzing niet via de gemeentelijke toegang verloopt en de gemeente bovendien gebonden is aan wettelijke en regionale afspraken over de beschikbaarheid van zorg. Dit betreft onder andere de segmenten Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (JB/JR), Crisis en Essentiële Functies. Met deze onderdelen is het realiseren van ombuigingen daardoor beperkter.

Wmo

Voor de budgetten binnen de Wmo is uitgegaan van de landelijke trend zoals door de VNG in het prognosemodel Wmo wordt aangegeven. Door de betere aansluiting op voorzieningen vanuit de sociale basis (bijv. Odensehuis en Groepenhuis) wordt in toenemende mate passende ondersteuning gevonden waarbij het niet nodig is om een individuele maatwerkvoorziening in te zetten. Dit leidt tot een mindere stijging van de uitgaven dan in voorgaande jaren en maakt het mogelijk om ombuigingen in te vullen (zie ombuigingsparagraaf).  

Participatie en rijksbijdrage BUIG

De bijstandsnormen zijn gekoppeld aan het minimumloon. Jaarlijks worden de minimumlonen geïndexeerd op 1 januari en 1 juli. De percentages voor 2027 zijn nog niet bekend. Er is gerekend met een stijging van 3,5%. De rijksbijdrage BUIG is om dezelfde reden naar boven bijgesteld. Ook binnen Participatie stijgt de begroting minder hard. Het aantal werknemers met een loonkostensubsidie (LKS) stijgt en daarmee de beweging richting werk. Daarnaast is ook een daling in het aantal uitkeringen zichtbaar. Dit maakt het mogelijk om ombuigingen in te vullen (zie ombuigingsparagraaf).

Dekking vanuit september- en meicirculaire

De dekking zoals aangegeven in bovenstaande tabel is onderdeel van de uitkering Gemeentefonds en verantwoord op programma 0.

De begroting 2027 van de centrumgemeentelijke middelen Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang is bijgesteld op basis van de laatste trends en ontwikkelingen en opgenomen in deze begroting. Deze wordt op regionaal niveau, zowel ambtelijk als bestuurlijk, afgestemd. Deze begroting is budgettair neutraal opgenomen onder taakveld 681 Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang.