Programma 6 Sociaal domein

(x €1.000)
Uitgaven
€ -110.887
49%
Inkomsten
€ 47.311
19%
Saldo
€ -63.576

Algemeen Programma 6

Terug naar navigatie - - Algemeen Programma 6

De inzet van het beleid sociaal domein is gericht op meedoen mogelijk maken voor iederéén. Meedoen betekent voor inwoners dat ze verbinding hebben met elkaar, van betekenis zijn voor elkaar en ‘samen’ de samenleving zijn.

We werken vanuit vier maatschappelijke opgaven, die in relatie staan met de levensfasen van een mens:

  • Bevorderen van kansrijk opgroeien. We streven ernaar om jongeren optimale kansen te bieden, zodat ze hun volledige potentieel kunnen benutten. Samen met hen werken we aan een toekomst waarin ze zich kunnen ontwikkelen en succesvol kunnen zijn. 
  • Stimuleren van samenredzaamheid.  Dit betekent dat we als gemeenschap naar elkaar omkijken en elkaar ondersteunen. We geloven in de kracht van samenwerking en willen een omgeving creëren waarin iedereen zich gewaardeerd en betrokken voelt.
  • Bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk. Dit is essentieel voor het welzijn van onze inwoners. We willen ervoor zorgen dat iedereen de mogelijkheid heeft om zijn of haar talenten te benutten en een zinvolle bijdrage te leveren aan de samenleving.
  • Zelfstandig thuis kunnen / blijven wonen. We willen een omgeving creëren waarin iedereen de ondersteuning en zorg kan krijgen om een gezond en onafhankelijk leven te leiden. We richten ons op het versterken van de mogelijkheden en vaardigheden van mensen, zodat ze zelfredzaam kunnen zijn en volwaardig meedoen in de samenleving (‘positieve gezondheid’). 

Daarnaast streven we naar gelijke kansen en een inclusieve samenleving. We willen dat iedereen volledig kan meedoen en zonder belemmeringen de eigen stem kan laten horen. We zetten ons extra in om barrières weg te nemen en een omgeving te creëren waarin iedereen zich welkom en veilig voelt. We werken hierbij mensgericht. Deze manier van werken betekent in het sociaal domein luisteren naar de behoeften en wensen van individuen, hen actief te betrekken bij besluitvorming en te streven naar gelijkwaardige partnerschappen. Door te focussen op het versterken van welbevinden van individuen en gemeenschappen,  kan mensgericht werken bijdragen aan het bevorderen van inclusie, sociale rechtvaardigheid en duurzame verandering in het sociaal domein.

De gemeente neemt de verantwoordelijkheid voor het verdelen van schaarste in middelen en mensen. En samen met ons netwerk zetten we in op normaliseren van hulpvragen, preventie en voorkomen van stapeling.

Inhoud

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Inhoud

Programma 6 Sociaal domein omvat het geheel van beleid en uitvoering gericht op een inclusieve samenleving, waarin inwoners kansrijk kunnen opgroeien, in staat zijn samenredzaam te functioneren, beschikken over bestaanszekerheid en perspectief op werk  en passende ondersteuning ontvangen om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te wonen.

Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Ontwikkelingen

Arbeidsmarkt
De arbeidsmarktkrapte heeft grote invloed op het sociaal domein.  Stijgende cao-lonen zorgen voor hogere tarieven bij aanbieders, wat direct doorwerkt in de gemeentelijke uitgaven.  De verwachting is dat deze krapte structureel blijft, mede door demografische ontwikkelingen en de toenemende zorgvraag.  De krapte raakt zowel publieke als private partijen. Dit vraagt om blijvende aandacht in de sturing op middelen, het maken van keuzes en het zoeken naar innovatieve oplossingen om de continuïteit en toegankelijkheid van ondersteuning te waarborgen.

Verscherpte tweedeling
Er vindt steeds meer een tweedeling plaats in de samenleving, wel langs verschillende scheidslijnen, zoals theoretisch- en praktisch opgeleiden, huizenbezitters en huurders. We hebben het dan over jongeren of ouderen in heel kwetsbare posities, mensen in financieel kwetsbare situaties, mensen met onvoldoende basisvaardigheden, mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt, multi-probleem huishoudens, laaggeletterden/digibeten, statushouders en kwetsbare buurten of straten waar veel problemen samen komen (lage inkomens, GGZ- en/of LVB-problematiek). Het bevorderen van onderling contact tussen groepen inwoners is belangrijk om eenzijdige leefwerelden te voorkomen. In verschillende rapporten lezen we over een stijgend aantal jongeren die met betalingsproblemen kampen. Laaggeletterdheid, social media en constructies als Buy Now Pay Later (BNPL) vergroten deze (financiële) kwetsbaarheid. Wettelijke kaders voor het achteraf betalen zitten er aan te komen, maar implementatie wordt op zijn vroegst in 2026 verwacht.

Wonen en zorg

  • Inwoners in kwetsbare situatie. Al enige jaren wordt gesignaleerd hoe het tekort aan geschikte woningen een sta in de weg vormt voor het oplossen van sociale problematiek. De uitstroom uit Beschermd Wonen stagneert (onnodig beroep op zorg) en economisch daklozen kunnen hun situatie niet verbeteren zolang zij niet over geschikte woonruimte beschikken.
  • Ouderen. Over twintig jaar zijn er naar schatting bijna twee keer zoveel 75+ ers als nu. Daarnaast stijgt de gemiddelde leeftijd van ouderen en blijven zij steeds langer, al dan niet alleenstaand, zelfstandig wonen. Dit betekent aanpassing en uitbreiding van de bestaande woningvoorraad aangevuld met een aangepaste infrastructuur voor passende zorg, afgestemd op de vraag van de toekomst.
  • Jongeren. Het gebrek aan passende, betaalbare woonruimte op de huidige, oververhitte woningmarkt belemmert met name jongeren in hun verzelfstandiging. Hierdoor doen zich in kwetsbare huishoudens tevens veel problemen voor die alleen echt opgelost kunnen worden door voldoende geschikte woonruimte.

AZC
Op gebied van asiel zien we een continue druk op gemeenten. Medio 2026 sluit het huidige asielzoekerscentrum aan de Graaf Ottolaan zijn deuren.  Er is in 2025 een besluit genomen voor een andere locatie voor de opvang van asielzoekers. Na uitgebreid onderzoek werd de locatie Sypel II gekozen als meest geschikte plek hiervoor, en dan specifiek de hoogbouw van het Morgen College. Begin 2026 heeft het college het besluit genomen, in afstemming met het COA, dat een AZC-locatie op de beoogde Sypel II-locatie (hoogbouw) financieel niet verantwoord is. Hiermee is bepaald dat het onderzoek naar de AZC-voorkeurslocatie Sypel II beëindigd is. 

Oekraïne opvang
De oorlog in Oekraïne is nog niet ten einde, waarbij de Europese richtlijn Tijdelijke Bescherming dit voorjaar is verlengd tot 4 maart 2026. Dat maakt dat opvang van ontheemden uit Oekraïne nog door zal lopen en wellicht uitgebreid moet worden.

Verbonden partijen

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Verbonden partijen
  • Meerinzicht (MIZ)
  • Inclusief Groep

Beleidskaders

Terug naar navigatie - Algemeen Programma 6 - Beleidskaders
  • Beleidsregels wet Inburgering (2021)
  • Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvangcentrum voor asielzoekers (2021-2026).
  • Deelverordening Eenmalige activiteitensubsidies welzijn, cultuur, sport en zorg (2014)
  • Inkoopstrategie jeugdhulp (2022) Noord Veluwe
  • Integrale verordening sociaal domein gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde (2025)
  • Nota Dierenwelzijn
  • Nota “Snel en volwaardig meedoen; kader (2022-2026) nieuwe wet Inburgering, EHZ
  • Nota Sociaal Domein 2024-2029 "Samen doen wat nodig is "
  • Nota sturing en bekostiging Jeugdhulp 2018 e.v.)
  • Nota Inburgering. Van nieuwkomer tot Harderwijker (2018-2022)
  • Regenboogbeleid 2024-2027
  • Regioplan Basisvaardigheden 2024-2027
  • Regiovisie Samen tegen huiselijk geweld, Aanpak geweld in afhankelijkheidsrelaties (2024-2028)
  • Regiovisie Jeugdhulp Noord Veluwe (2021)
  • Samen thuis op de Noord-Veluwe Regio- en beleidsplan - Beschermd wonen en maatschappelijke opvang - Noord-Veluwe (2020-2023)
  • Subsidieregeling Beschermd Wonen gemeente Harderwijk (2020)
  • Uitvoeringsprogramma aanpak Basisvaardigheden 2025-2028
  • Uitvoeringsagenda Regenboogbeleid 2024-2027
  • Uitvoeringsagenda Samen tegen huiselijk geweld (regionaal) 2024-2028
  • Uitvoeringsagenda  Samen tegen huiselijk geweld (lokaal) 2024-2028
  • Uitvoeringsagenda 'Harderwijk zijn wij Samen' 2024-2026, behorend bij de Nota sociaal domein 2024-2029.
  • Uitvoeringsprogramma 2022-2024 EHZ kader Snel en volwaardig meedoen wet Inburgering
  • Uitvoeringsagenda Burgerschap (2023)
  • Verordening Inrichting Anti-discriminatievoorziening Gemeente Harderwijk (2011)
  • Verordening Sociale Adviesraad Harderwijk (2017)
  • Visie op bewindvoering: Samenwerking in de schulddienstketen (2019)

Taakvelden Programma 6

Terug naar navigatie - - Taakvelden Programma 6

6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie

Terug naar navigatie - - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie
Portefeuillehouder(s): M. Companjen,  M.Reckman & M. Pijnenburg
Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de BBV taakvelden:
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

Strategische doelen nota Sociaal Domein

  1. Samenredzaamheid in buurten en wijken is versterkt
  2. Ondersteuning is gericht op het zo snel, eenvoudig en duurzaam mogelijk oplossen van vragen, samen met de inwoner
  3. Gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen

Wat wilden we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat wilden we bereiken?
Gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen
Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat wilden we bereiken? - Gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen

We werken aan een samenleving waarin alle inwoners gelijke kansen krijgen en actief meedoen, meedenken en meebeslissen. We halen belemmeringen weg en doen extra moeite voor elkaar. We zetten in op het versterken van de eigen kracht en gemeenschap. Dit doen we door inwoners aan te moedigen om actief deel te nemen aan hun gemeenschap. Ze vinden steeds vaker zelf of samen oplossingen voor hun problemen. Dit maakt onze wijken zorgzamer en veerkrachtiger. Inwoners voelen zich gehoord en gewaardeerd. We creëren een plek waar iedereen zichzelf mag zijn en er toe doet.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    Verbeteragenda Inclusie: hoe voorkomen we dat inwoners tussen wal en schip vallen, hoe verhouden inwoners zich tot elkaar, hoe organiseren we de participatie inclusief en hoe geven we vorm aan onze voorbeeldfunctie.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De uitvoering van de Verbeteragenda Inclusie loopt volgens planning. Een mooie en belangrijke stap die in 2025 is gezet, is dat het leertraject nu ook door uitvoeringspartners word opgepakt. Een aantal uitvoeringspartners, die zichzelf de maatschappelijke coalitie noemen, hebben in 2025 een plan ontwikkeld met de insteek van bewustwording en leren van elkaar. Cultuurkust, GA! Harderwijk, Zorgdat, Bibliotheek, Popschool en MFC Harderwijk gaan samenwerken. Het doel van deze partijen is de koers van de nota sociaal domein verder tot uitvoer te brengen op het gebied van inclusie en diversiteit (inclusief aanverwante thema's als regenboog, anti-discriminatie, eenzaamheid, burgerschap). Hier hebben ze een subsidie voor aangevraagd om hier het komende jaar verder invulling en uitvoering aan te geven.  Voor meer concrete voorbeelden, verwijzen wij naar het jaaroverzicht Inclusie 2025.  

  • Beleid
    Specifiek beleid

    Er wordt uitvoering gegeven aan het plan van aanpak ‘Inclusieve Organisatie’, als vervolg op het project onderzoek ‘Inclusieve Organisatie’ 2023. Hierbij wordt aangesloten bij dat wat er al is en geïnnoveerd waar nodig. Onder andere hiermee geeft de gemeente vorm aan haar voorbeeldfunctie.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De voortgang van het project 'Inclusieve Organisatie' is eind 2025 geëvalueerd. Uit de evaluatie komt naar voren dat er mooie stappen zijn gezet binnen de twee organisaties, de gemeente Harderwijk en Meerinzicht Sociaal Domein. Wel zijn de interventies nu vaak nog losse acties die persoonsgebonden worden ingezet. Een aandachtspunt is om verandering te borgen binnen structuren. In 2026 zal het directieteam van Harderwijk, op basis van de evaluatie, de voortgang bepalen. 

  • Beleid
    Specifiek beleid

    We onderzoeken vanuit het sociaal domein hoe we ervaringskennis en deskundigheid in kunnen zetten voor het verbeteren en ontwikkelen van ons beleid (onderdeel Verbeteragenda Inclusie).

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Op het gebied van ervaringsdeskundigheid is in 2025 ondermeer ingezet op een leertraject voor medewerkers, met behulp van Movisie. Ook is de inzet van de sleutelpersonen met een migratieachtergrond geëvalueerd. Verder zijn ervaringen van inwoners opgehaald die gebruik maken van gemeentepolis. 

  • Beleid
    Nieuw beleid

    De acties van de uitvoeringsagenda Sociaal Domein ‘Harderwijk zijn wij Samen’ voor de opgave ‘Op weg naar Samenredzaamheid’ en ‘Zelfstandig Thuis’ oppakken met o.a.:

    • De pilot in de Aanleg voor collectieve dagbesteding, 
    • Doorontwikkelen van Trefpunt Positieve gezondheid.
    • Eenzaamheid verminderen
    • Anders samenwerken en netwerk aanpakken stimuleren
    • Stimuleren van Samenredzame gemeenschappen via het opbouwwerk van ZorgDat.
    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is er gestart met opgavegericht werken. De meeste acties uit de uitvoeringsagenda zijn opgepakt, velen hebben een lange doorlooptijd. Het bouwen aan samenredzame gemeenschappen vraagt een lange adem, tijd en aandacht.

    Veel onderwerpen zijn eerder aangestipt en worden voor de leesbaarheid niet herhaald. Op diverse vlakken is er ingezet om eenzaamheid te verminderen. Een aantal voorbeelden lichten we uit, namelijk het project Luisterend Oor wat is ontwikkeld tot een zelfstandig inwonersinitiatief. De wijkontmoetingscentra en MFC's worden goed bezocht.  De inwoners die gebruik maakt van het Automaatje is groeiend. Het digitale platform Harderwijkvoorelkaar.nl heeft een extra pagina 'Kom erbij' wat bijdraagt aan het verbinden van eenzame inwoners. Er is een presentatie verzorgd over het verminderen van eenzaamheid op het symposium 'Samen voor de Stad'.

    Wijkmanagers en opbouwwerkers verbinden inwoners en stimuleren inwoners tot ontmoeting en het opzetten van gezamenlijke activiteiten. De middelen die daarvoor worden ingezet zijn het opbouwwerk van Zorgdat en het wijkbudget dat via de wijkmanagers beschikbaar is voor buurtactiviteiten.

    Landelijk en regionaal wordt de beweging van zorg naar gewoon leven aangejaagd. Er wordt aangesloten bij de regionale visie op Samenredzame gemeenschappen. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het voorveld, samenredzaamheid, burgerschap en welzijnsbeleid wordt uitgevoerd vanuit het programma 'Harderwijk zijn wij samen'.

    • Welzijnswerk in de wijk en buurten
    • Ontmoetingen en participatie voor inwoners mogelijk maken
    • Mantelzorgservicepunt en ouderenadvies
    • Vrijwilligerswerk en servicepunt
    • Respijtzorgvoorzieningen faciliteren
    • Onafhankelijke cliëntondersteuning
    • Dementievriendelijke stad met een Odensehuis
    • Informele zorg en advies voor inwoners faciliteren
    • Welbevinden vergroten, o.a. eenzaamheid bespreekbaar maken, aanpak met lokale partners.
    • Uitvoering regenboogbeleid
    • Uitvoering dierenwelzijnsnota
    • Uitvoering beleid burgerschap (o.a. doorontwikkeling welkom nieuwe Nederlanders).
    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Er is gedaan wat er is afgesproken, het meeste valt onder het reguliere (onderhanden) werk. Wanneer er ontwikkelingen zijn, dan worden deze als acties opgenomen in de uitvoeringsagenda. Een voorbeeld hiervan is de doorontwikkeling van vrijwilligerswerk en servicepunt, namelijk de lancering van het platform Harderwijk voor elkaar en Mantelzorg. Op 18 december 2025 is de raad geïnformeerd over de doorontwikkeling van het Mantelzorg Servicepunt en de herijking van de mantelzorgwaardering dit na aanleiding van de motie ‘Mantelzorg is onze zorg’ (d.d. 10 juli 2025). In 2026 zal hier invulling aan gegeven worden. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het ondersteunen bij het verbeteren van basisvaardigheden op taal, rekenen en digitale vaardigheden (18 jaar en ouder), volgens het uitvoeringsprogramma aanpak Basisvaardigheden 2025-2028.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Gemeenten hebben een wettelijke regierol in de aanpak van laaggeletterdheid en het verbeteren van basisvaardigheden (taal, rekenen, digitale vaardigheden) voor volwassenen, gebaseerd op de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB).  In 2025 hebben de kernpartners van het Taalhuis opnieuw het Taalhuis-convenant getekend. De kernpartners zijn: gemeenten Putten, Nunspeet, Ermelo en Harderwijk, de welzijnsorganisaties in die vier gemeenten, de bibliotheek NW-Veluwe en Landstede. Op deze manier is er opnieuw een basis gelegd  voor een stevige regionale samenwerking. Ook heeft de bibliotheek, in het kader van 'wijkgericht werken', aansluiting gezocht bij het Financieel Trefpunt, de gezinsgerichte wijkaanpak en andere partners. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Aandacht voor specifieke doelgroepen, bestaande activiteiten voor een grotere groep inwoners beschikbaar maken en het versterken van sociale cohesie.

    Om gelijke kansen in een inclusieve samenleving bevorderen ligt de aandacht op de volgende benaderingen: 

    • Enerzijds aandacht voor specifieke groepen (voor als dat nodig is). Bijvoorbeeld bewustwording en kennis over bepaalde kenmerken om begrip en kennis onderling te vergroten. Zoals een theatervoorstelling over sekse en genderdiversiteit in de sport.
    • Anderzijds aandacht voor het breed toegankelijk maken van activiteiten en dienstverlening, zodat ze toegankelijk zijn voor iedereen. Ook mensen die vaak een drempel ervaren om mee te doen. Bijv. een prikkelarm uurtje tijdens een festival.

    Vanuit de gemeente hebben we hier beleid op: 

    • Verbeteragenda Inclusie 2023-2026
    • Regenboogbeleid 2024-2027 

    Vanuit de verbeteragenda Inclusie zijn er 4 concrete verbeterpunten waar we de komende jaren aan werken, en die in lijn zijn met bovenstaande twee benaderingen: 

    • Tussen wal en schipsituaties: voorkomen dat inwoners, ondanks alle voorzieningen en activiteiten die er zijn, toch onvoldoende hulp krijgen.
    • Open houding tussen inwoners: aanmoedigen dat inwoners elkaar actief betrekken bij de samenleving.
    • Inclusieve participatie: zorgen dat iedereen de mogelijkheid heeft om mee te denken wanneer de gemeente nieuw beleid ontwikkelt.
    • Voorbeeldfunctie van de gemeente: de gemeente laat inclusie zien in haar eigen organisatie en werkwijze.
    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De culturele organisaties in Harderwijk hebben vanuit bovenstaande benaderingen activiteiten georganiseerd. Hierbij was aandacht voor specifieke doelgroepen (bijv. Fluïde festival) of voor brede toegankelijkheid (bijv. activiteiten voor thuiszitters bij de Popschool of voor statushouders bij het Stadsmuseum). Culturele organisaties nemen deel aan de sociale Coalitie in Harderwijk om samen te werken met organisaties op het gebied van welzijn en sport aan activiteiten die de sociale samenhang verbeteren.

Ondersteuning is gericht op het zo snel, eenvoudig en duurzaam mogelijk oplossen van vragen.
Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat wilden we bereiken? - Ondersteuning is gericht op het zo snel, eenvoudig en duurzaam mogelijk oplossen van vragen.

Onze aanpak is gericht op het snel en eenvoudig oplossen van vragen van inwoners, met een focus op duurzame oplossingen. De regie ligt bij de inwoner. Dit betekent dat we uitgaan van wat al aanwezig is in de samenleving en hierop aansluiten. We ondersteunen en stimuleren bewonersinitiatieven, waarbij we vraaggestuurd en integraal te werk gaan. Wanneer nodig, kunnen inwoners een beroep doen op onze expertise. Dit doen we vanuit een mensgerichte aanpak, waarbij professionals, inwoners en de gemeente samenwerken in het ‘voorveld’ voor een toegankelijke, laagdrempelige en preventieve dienstverlening. Op deze manier creëren we een sterke verbinding tussen de behoeften van de inwoners en de sociale basis.

Dit raakt alle vier de opgaven, er wordt integraal samengewerkt.

  • Beleid
    Regulier beleid

    In 2023 is ingezet op het project versterking positionering cliëntondersteuning. Hierbij was de verwachting dat de groei door zal zetten.  Er is gekozen voor één aanbieder, MeeSamen.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is het budget voor onafhankelijke clientondersteuning volledig benut. Dit betekent dat er veel uren ingezet zijn ten behoeve van de inwoner. Dit heeft er voor gezorgd dat er voor inwoners in 2025 geen wachtlijsten waren. Met de uitvoeringspartners zijn gesprekken gevoerd over de inzet maar ook over de samenwerking binnen de gemeente Harderwijk. Op dit moment is er een goede samenwerking binnen het informele zorg netwerk. Hierdoor worden inwoners effectief en duurzaam ondersteund. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Inwoners de ruimte geven om zelf passend regie te voeren, en dichtbij huis potentieel te kunnen inzetten.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In januari 2025 zijn we gestart met de pilot Welzijn op recept+ waar het hoofddoel was het realiseren van meer passende en duurzame daginvulling voor inwoners die een beroep doen op de Wmo voor dagbesteding. Dit hebben we gedaan door Welzijn op recept uit te breiden met een vernieuwde aanpak voor deze doelgroep en de inzet van een welzijnswerker die samen met de inwoner zoekt naar mogelijkheden binnen de sociale basis. De pilot wordt begin 2026 geëvalueerd.

    De pilot 'collectieve dagbesteding' in De Aanleg is in september gestart en bevindt zich in de startfase. De wens is om een passende daginvulling en ontmoeting in de eigen buurt/omgeving te bieden, een buurthuiskamer waar inloop en dagbesteding in elkaar overgaan. Een plek waar buurtbewoners elkaar ontmoeten, waar iedereen mee kan doen en hierdoor eenzaamheid wordt verminderd.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De landelijke verwachting (Wmo Prognosemodel VNG) is dat het aantal mensen dat gebruikmaakt van een Wmo-voorziening de komende jaren voor onze gemeente stijgt. Door verschillende interventies proberen we de groei minder explosief te laten zijn ten opzichte van het Wmo prognosemodel VNG.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De landelijke verwachting (Wmo Prognosemodel VNG) is dat het aantal mensen dat gebruik maakt van een Wmo-voorziening de komende jaren voor onze gemeente stijgt. Deze stijgende lijn heeft zich voortgezet in 2025. Het aantal gebruikers van huishoudelijke hulp (HH) en begeleiding (BG) is toegenomen. Door verschillende interventies lukt het om de groei voor dagbesteding en de maatwerk voorzieningen te laten een afname zien ten opzichte van de rekening 2024.  

    Woningmarkt en nieuwe wet- en regelgeving hebben invloed op de uitgaven woonvoorzieningen. Woningaanpassingen komen steeds vaker onder druk staan door gewijzigde wet- en regelgeving, waaronder het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), en door fysieke beperkingen van bestaande woningen. Knelpunten, zoals het ontbreken van stallingsruimte voor scootmobielen, zijn in kaart gebracht en vormen input voor structurele oplossingsrichtingen in samenwerking met woningcorporaties en woningeigenaren.

  • Beleid
    Regulier beleid

    In 2025 is toegewerkt naar een openstelling van 5 dagen per week. Het Odensehuis is van maandag tot donderdag geopend voor mensen met dementie of (beginnende) geheugenproblemen en hun naasten. Op vrijdag zijn er onder meer gespreksgroepen en cursussen.

    Wat hebben wij er voor gedaan?
  • Beleid
    Regulier beleid

    In samenwerking met de partners in het voorveld (Inclusief in de Buurt) is de casuïstiek leidend in het vinden van de meest geschikte ondersteuning.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De partners in de sociale basis weten elkaar goed te vinden. In de wijken Stadsweiden en Tweelingstad vormen zij het ecosysteem Inclusief in de buurt, het derde team is actief in de wijk Stadsdennen.

    Zo is door het samenwerken in de wijk in de Tinnegieter de buurtkamer 't Tinnehuusje ontstaan, een ontmoetingsplek voor en door inwoners.

    Er wordt samengewerkt aan het renovatieproject 'Meer dan Stenen alleen' in de Goeman Borgesiuslaan. Hier trekken Uwoon en Zorgdat samen op en kunnen zij een beroep doen op de partners van Inclusief in de buurt bij verschillende vraagstukken.

    In de wijk Stadsdennen en Tweelingstad is de gezinsgerichte wijkaanpak integraal ingestoken. We zien ook dat de kerken hun deuren open stellen voor de buurt. Op 3 oktober 2025 is het symposium 'Samen voor de stad' georganiseerd door Geloven in Harderwijk, Stichting Present, Zorgdat en de gemeente Harderwijk georganiseerd.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Partners betrokken bij het sociaal domein hebben positieve gezondheid als uitgangspunt.  Dit gebeurt in samenwerking met de andere opgaven en nemen we mee in de opdrachten en gesprekken met partners.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is het toekomstplan Positieve Gezondheid ontwikkeld waarin er richting is gegeven aan het verder uitwerken van het gedachtegoed in Harderwijk, de brede visie op gezondheid. Deze sluit direct aan op de doelstelling van de nota Sociaal Domein 'Samen doen wat nodig is' 2024-2029. Het gedachtegoed van Positieve Gezondheid is niet alleen omarmd door MFC Harderwijk en alle huisgenoten in MFC De Roef, maar ook breder door al onze subsidiepartners. Dit is ook meegenomen in de accountgesprekken en de subsidieafspraken.

  • Beleid
    Regulier beleid

    We zetten in op het door ontwikkelen van het Trefpunt Positieve Gezondheid in de MFC’s.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Het trefpunt Positieve Gezondheid is doorontwikkeld en kent een bredere bekendheid. Door verschillende disciplines vanuit het gedachtegoed Positieve Gezondheid samen te brengen in MFC De Roef als centrum voor Positieve Gezondheid is de basis gelegd voor professionals om makkelijker vanuit de verschillende disciplines en invalshoeken samen te werken. Door versterking van de samenwerking is er werkgroep ontstaan die bijdraagt aan de beweging naar de voorkant ‘van zorg naar gewoon leven’. Ook is het een inclusieve en dynamische plek waar inwoners worden gestimuleerd om mee te doen, verbinding te ervaren en zelf regie te houden over hun welbevinden. 
    Dit komt mede doordat Welzijn op Recept steeds meer ingezet wordt door huisartsen en andere verwijzers, maar ook door de pilot van het GEM groepenhuis (ecosysteem mentale gezondheid) en de pilot Welzijn op Recept plus (daginvulling op maat). 

Samenredzaamheid in buurten en wijken is versterkt
Terug naar navigatie - 6.1 Voorveld, Samenkracht en burgerparticipatie - Wat wilden we bereiken? - Samenredzaamheid in buurten en wijken is versterkt

Onze maatschappelijke opgave is ‘Op weg naar samenredzaamheid.’ We bouwen aan zorgzame en veerkrachtige gemeenschappen. Door de gemeenschapskracht optimaal te benutten en de talenten en mogelijkheden van inwoners te verbinden, stimuleren we initiatieven van onderop (ABCD-methode). We faciliteren laagdrempelige ontmoetingen en vergroten de onderlinge samenhang en draagkracht.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De wethouders zijn naast hun individuele portefeuilles ook wijkwethouder. De rol van de wijkwethouder is luisteren, zichtbaar zijn en signalen opvangen. Wijkmanagers zijn de ogen en oren in de wijken en buurten. Het wijkbudget is er om inwonerinitiatieven, gericht op het versterken van de gemeenschap door ontmoeting en het verbetering van de openbare ruimte. In gezamenlijkheid vanuit de opgave 'Op weg naar Samenredzaamheid' waar het programma Burgerschap onder valt wordt gekeken hoe we de beschikbare budgetten optimaal kunnen inzetten.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Het wijkbudget is goed gebruikt voor het bekostigen van diverse inwonerinitiatieven zoals buurtbarbecues, een picknicktafel, het aanleggen van buurtmoestuinen. Dit allemaal om de sociale cohesie in de buurt te versterken en ontmoeting te faciliteren in de openbare ruimte. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Bij de samenwerking in de wijk, wordt de keten van organisaties steeds meer één geheel. Waarin mensgericht, maatwerk en welbevinden centraal staat.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Samen met onze partners stimuleren we de inwoners tot ontmoeting en het opzetten van gezamenlijke activiteiten. De middelen die daarvoor worden ingezet zijn het opbouwwerk van Zorgdat en het wijkbudget dat via de wijkmanagers beschikbaar is voor buurtactiviteiten.

    Inclusief in de buurt als ecosysteem in de buurt breidt zich uit naar meerdere wijken, de partners versterken elkaar en vergroten de inwonerbetrokkenheid. Dit maakt dat het welbevinden van de inwoner centraal staat.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het voorveld wordt de komende periode verder versterkt. Dit betekent dat inwoners steeds beter worden ondersteund door en verwezen naar passende algemene en collectieve voorzieningen, voordat een beroep hoeft te worden gedaan op maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo. Door de aansluiting met voorliggende voorzieningen te verbeteren, vergroten we de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van inwoners en zorgen we dat ondersteuning toegankelijk en betaalbaar blijft.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    We stimuleren inwoners om zoveel mogelijk regie te houden over hun eigen leven. Waar passend richten we collectieve vormen van ondersteuning in en nemen we initiatief voor laagdrempelige ondersteuning in het voorveld. Hiermee versterken we de eigen kracht van inwoners en bevorderen we zelfstandigheid. Bijzondere aandacht gaat uit naar (kwetsbare) ouderen, zodat zij hun regie behouden en worden ondersteund bij het ontwikkelen en behouden van een gezonde leefstijl.

  • Beleid
    Nieuw beleid

    De subsidie voor de maatschappelijke inzet en onderhoud van de ontmoetingsgebouwen van Scouting Harderwijk is per 1 januari 2025 opgegaan in de aangepaste subsidieregeling eenmalige investeringen sport en scouting.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Per 1 januari 2025 is de aangepaste subsidieregeling eenmalige investeringen sport en scouting ingegaan. De drie scoutingverenigingen zijn geïnformeerd over deze regeling en zijn hier zeer tevreden mee. Eén van de scoutingverenigingen maakte in 2025 gebruik van de subsidieregeling. 

  • Beleid
    Nieuw beleid

    De gemeente Harderwijk heeft met een eigen bijdrage het project Speaking Minds MDT voortgezet, in samenwerking met Be Social en het Morgen College voor het schooljaar 2024-2025.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Dit project heeft succesvol plaats gevonden en is afgerond einde schooljaar 2024-2025. Leerlingen van het Morgen College zijn aan de slag gegaan met thema's zoals veilig gebruik van sociale media. Over de verschillende thema's hebben zij presentaties gegeven aan hun ouders en de gemeente in de raadszaal. Dit gaf zowel de ouders als de gemeente inzicht in de leefwereld van de jongeren op deze thema's. Daarnaast zijn ze op bezoek geweest bij verschillende maatschappelijke organisaties in de gemeente Harderwijk. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Samen met onze partners stimuleren we de inwoners tot ontmoeting en het opzetten van gezamenlijke activiteiten. De middelen die daarvoor worden ingezet zijn het opbouwwerk van ZorgDat en het wijkbudget dat via de wijkmanagers beschikbaar is voor buurtactiviteiten.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is er een kadernota aanvraag gedaan voor uitbreiding van opbouwwerk. In 2026 wordt dit via Zorgdat ingezet om de kracht van de gemeenschap te versterken, bewoners aan elkaar te verbinden en te stimuleren tot inwonersinitiatieven. Uiteraard in samenwerking met de wijkmanagers.

6.2 Participatie

Terug naar navigatie - - 6.2 Participatie
Portefeuillehouder(s): M. Companjen & M.Reckman
Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de BBV taakvelden:
6.3 Inkomensregelingen
6.4 Begeleide participatie
6.5 Arbeidsparticipatie.

Strategische doelen nota Sociaal Domein:

  1. Vergroten van bestaanszekerheid
  2. Werkzoekenden doen naar vermogen mee in de samenleving
  3. Ondersteuning aan werkzoekenden biedt perspectief op (on)betaald werk

Wat wilden we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat wilden we bereiken?
Ondersteuning aan werkzoekenden biedt perspectief op (on)betaald werk
Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat wilden we bereiken? - Ondersteuning aan werkzoekenden biedt perspectief op (on)betaald werk

Bijstandsgerechtigden zijn verplicht aangeboden werk te aanvaarden en te behouden. Binnen de doelgroep van de Participatiewet onderscheiden we drie categorieën: werkzoekenden die binnen twee jaar betaald werk bij een reguliere werkgever kunnen aanvaarden (met inzet van loonkostensubsidie en nazorg), mensen voor wie betaald werk een stap te ver is (via vrijwilligerswerk of andere vormen van meedoen) en mensen voor wie geen werk haalbaar is (waar zorg en ondersteuning centraal staan). Door deze differentiatie bieden we passende oplossingen en dragen we bij aan persoonlijke ontwikkeling en participatie. Social Return on Investment heeft een stevige plek in inkooptrajecten en draagt bij aan werkgelegenheid en maatschappelijk rendement.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Om inwoners met een uitkering perspectief te bieden op werk, en daarmee ook voldoende uitstroom te realiseren, zetten we in op goede dienstverlening en voldoende aanbod aan passende trajecten voor de doelgroep "werk".

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Meerinzicht heeft in april 2025 een bestandsanalyse uitgevoerd waarin het totale klantenbestand is onderverdeeld in 3 groepen:

    • Werk(het vooruitzicht is dat binnen 2 jaar betaald werk mogelijk is)
    • Meedoen (vrijwilligerswerk/sociale activering wordt als hoogst haalbare gezien)
    • Ondersteuning (de problematiek is dusdanig complex dat er geen activiteit mogelijk is)

      De klantmanagers participatie registreren onder andere deze doelgroep in Suite en samen met de afdeling Beleid en Participatie wordt een aanbod gecreëerd voor Werk en Meedoen. Een mooi voorbeeld is de aangevraagde Europees Subsidie Fonds Sociale Inclusie Subsidie en vanuit daar de inzet van beweegtrajecten per gemeente. Tijdens deze beweegtrajecten via GA!Harderwijk is ingezet om de aangemelde deelnemers te activeren en letterlijk door lage beweegactiviteiten in beweging te krijgen. Ook is er aandacht besteed aan de creativiteit, Nederlandse taallessen en cultuur. Dit alles vanuit een groepsgewijze aanpak om het sociale netwerk te versterken en eenzaamheid te verminderen.

      Daarnaast is in 2025 gestart met het bieden van een vast contactpersoon aan inwoners voor inkomensvragen, naast het reeds bestaande contactpersoon voor vragen over werk. Bij het aanvraagproces voor een uitkering wordt sinds 2025 sneller gekeken naar de mogelijkheden van de inwoner voor re-integratietrajecten of bemiddeling naar werk. Waar mogelijk en indien nodig, voeren de inkomensconsulent en de klantmanager samen het intakegesprek. Waar ook mee gestart is in 2025, is dat cliënten die op het aanvraagformulier aangeven 28 uur per week of meer beschikbaar te zijn voor arbeid, direct te laten benaderen door de klantmanager. Het doel is om inwoners te motiveren/stimuleren en te bemiddelen naar passende vacatures. Wanneer het lukt om een inwoner snel richting werk te helpen, kan de aanvraag voor een uitkering worden afgewezen dan wel voor een gesloten periode worden toegekend. 
  • Beleid
    Specifiek beleid
    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is in de bibliotheek van Harderwijk het Werkcentrum gerealiseerd als doorontwikkeling van het leerwerkloket, wat in 2025 is besloten door de wethouders van Harderwijk, Ermelo, Zeewolde en Putten.  In dit Werkcentrum kunnen inwoners vragen stellen over onder andere omscholing en het volgen van een opleiding. Er wordt goed gebruik gemaakt van de adviesgesprekken op afspraak. 

    Vanaf de zomer konden inwoners via de website “werkcentrum-veluwe-stedendriehoek.nl” afspraken maken voor adviesgesprekken met de gids van het werkcentrum van Harderwijk. Zonder dat er nog veel publieke bekendheid aan de dienstverlening is gegeven, liep dit goed door doorverwijzingen vanuit de diverse partners. De adviesgesprekken worden op dit moment gevoerd door medewerkers van Inclusief Groep en Landstede (deels bekostigd door de arbeidsmarktregio). 

    • Uitbreiding huidige locatie lastig 

    Op dit moment vinden de adviesgesprekken twee keer per week plaats in de spreekruimtes achterin de bibliotheek. De bibliotheek heeft aangegeven dat uitbreiding van het gebruik van de ruimtes lastig is in verband met de andere functionaliteiten van de bibliotheek.  

    Parallel aan de wens om het Werkcentrum duurzaam en zichtbaar een plek te geven op de Veluwe, is er ook de wens om: 

    • Meer samenwerking te realiseren tussen de werkgeversdienstverlening van de arbeidsmarktregio, van Meerinzicht en van Inclusief Groep. 

    • Meer samenwerking te realiseren tussen de klantmanagement Participatiewet van Meerinzicht en de trajectbegeleiding Inclusief Groep.

    Vanuit deze gedachte zijn verkennende gesprekken geweest tussen Inclusief Groep en Meerinzicht over de mogelijkheid gezamenlijk een goed bereikbare en herkenbare locatie te vinden op de Veluwe waar ruimte is voor: 

    • Een structureel geborgde inloopfunctie voor vragen rondom werk en scholing, waarbij ruimte is voor korte adviesgesprekken. 

    • Een samenwerkingslocatie en uitvalsbasis voor de medewerkers die werken aan de werkgeversdienstverlening.

    • Een plek waar klantmanagers Meerinzicht en trajectbegeleiders Inclusief Groep (evt. het UWV) kunnen overleggen en inwoners op afspraak kunnen ontvangen. 

    Daarnaast zou de locatie plek kunnen bieden aan: 

    • Het arbeidsonderzoekscentrum van Inclusief Groep.

    • Een ruimte voor trainingen (zowel voor medewerkers als bijvoorbeeld sollicitatietrainingen voor inwoners).

  • Beleid
    Specifiek beleid

    We besteden onder andere meer aandacht aan nazorg aan werkgevers. We zetten in dat meer werkgevers zich inzetten op inclusief werkgeverschap. Als gemeente vervullen we hierin een voorbeeldfunctie

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Vanuit het Werkgeversservicepunt (WSP) is in 2025 de samenwerking met bedrijven in de regio verder geïntensiveerd. De in 2024 ingevulde functie van Accountmanager Inclusief Ondernemen heeft hierbij een centrale rol gespeeld in het adviseren en inspireren van werkgevers. Werkgevers hebben hiermee een vast aanspreekpunt gekregen voor inclusief ondernemerschap.

    Resultaten in 2025:

    Fysieke nabijheid: Professionals van Meerinzicht en Inclusief Groep werken met regelmaat fysiek bij elkaar op de werkvloer. Dit heeft geleid tot snellere afstemming en een effectievere aanpak richting ondernemers, wat in Harderwijk heeft gezorgd voor 22 succesvolle plaatsingen via het onderdeel ‘Focus op werk’.

    Ontwikkeling werkcentrum: In 2025 zijn belangrijke stappen gezet in de realisatie van een centraal regionaal Werkcentrum in Harderwijk. Onder het motto één regionale werkvloer, werken we toe naar een gezamenlijke locatie waar inwoners en werkgevers eenduidig en optimaal bediend worden. 

    Kansvergroting via bijeenkomsten: Om de bemiddeling te versnellen, zijn er in Harderwijk en de regio extra bemiddelingskosten georganiseerd, inclusief sessies voor statushouders uit de B1-route om hun kansen op de arbeidsmarkt te vergroten.

    Hiermee is in 2025 een fundament gelegd voor een duurzame versteviging van de regionale werkgevers samenwerking.

Vergroten van bestaanszekerheid
Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat wilden we bereiken? - Vergroten van bestaanszekerheid

We richten ons op het dempen van financiële problemen, specifiek voor mensen die leven op of rond het sociaal minimum. Ons doel is om het aantal huishoudens dat onder het sociaal minimum leeft en het aantal inwoners met problematische schulden te verminderen, dit door middel van vroegsignalering. Op de lange termijn streven we ernaar intergenerationele armoede te doorbreken, in samenhang met de opgave Kansrijk Opgroeien.

De hoogte van diverse financiële regelingen wordt uitgewerkt in de Verordening Sociaal Domein. Hiermee willen we ervoor zorgen dat mensen die het nodig hebben toegang hebben tot passende ondersteuning. En dat er voldoende middelen zijn om financiële stabiliteit te bevorderen. Door op deze manier te investeren in het sociaal domein, willen we mensen helpen uit de langdurige armoede te komen en een betere toekomst op te bouwen.

  • Beleid

    Het armoedeonderzoek voor de drie gemeenten is afgerond; er is een communicatiecampagne gestart om de Maatschappelijke Bijdrage Regeling en de schoolkostenregeling breder bekend te maken. De campagne zal worden uitgebreid met andere minimaregelingen. 

    De gemeente verkent hoe chronisch zieken met hoge zorgkosten en een minimum inkomen, (financieel) beter ondersteund kunnen worden.

    Komende jaren (tot en met 2027) ondersteunen we gedupeerden van de alleenverdienersproblematiek met een financiële compensatie.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Naar aanleiding van de uitkomsten van het armoedeonderzoek heeft de gemeente haar bijdrage aan de collectieve zorgverzekering (ook gemeentepolis genoemd) met circa 50% verhoogd. Hierdoor wordt de chronisch zieke inwoner met hoge zorgkosten en een minimuminkomen passender ondersteund en wordt de financiële druk verminderd op deze  groep kwetsbare inwoners. De maatregel is in EHZ-verband doorgevoerd.

    Gedurende het jaar is ingezet op communicatie om het bereik en het gebruik van inkomensondersteunende regelingen breder bekend te maken. 

    Tot en met 2027 worden gedupeerden van de alleenverdienersproblematiek financieel gecompenseerd.

  • Beleid
    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In verband met het aflopen van de overeenkomst gemeentelijke schuldhulpverlening eind 2025, werd een Europese aanbesteding gestart. Met ingang van 2026 is een nieuwe overeenkomst voor schuldhulpverlening aangegaan.

    In de keten van schuldhulpverlening is meer aandacht voor nazorg. In regioverband (Ermelo-Harderwijk-Zeewolde-Oldebroek-Putten) is een aanzet gedaan om nazorg vorm te geven na een wettelijk schuldsaneringstraject of als er sprake is van bewindvoering. Meer aandacht voor nazorg draagt bij aan duurzame stabiliteit en zelfstandigheid van de inwoner.

    In 2025 zijn concrete stappen gezet voor de realisatie van een tweede Financieel Trefpunt, het lokale steunpunt waar inwoners met financiële vragen of zorgen terecht kunnen voor ondersteuning.

    Het aantal meldingen in de vroegsignalering nam verder toe.  Door de medewerkers vroegsignalering van Stimenz wordt in een zo vroeg mogelijk stadium contact gelegd en hulp aangeboden om verergering van problemen te voorkomen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De communicatiecampagne is gestart om de Maatschappelijke Bijdrage Regeling en de schoolkostenregeling breder bekend te maken. Stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur zien het aantal aanvragen toenemen. Dit betekent dat meer kinderen en jongeren tot 18 jaar meedoen aan een sportieve of culturele activiteit. Meedoen voorkomt sociale uitsluiting en draagt bij aan welzijn en welbevinden.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is het aantal aanvragen voor ondersteuning via St. Leergeld en het Jeugdfonds Sport en Cultuur toegenomen. Hierdoor kunnen kinderen en jongeren die opgroeien in minimahuishoudens meedoen en wordt sociale uitsluiting voorkomen. Sportieve en culturele activiteiten stimuleren de sociale ontwikkeling en versterken de weerbaarheid.

Werkzoekenden doen naar vermogen mee in de samenleving
Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Wat wilden we bereiken? - Werkzoekenden doen naar vermogen mee in de samenleving

Vanuit de visie van Positieve Gezondheid erkennen we het belang van werk – betaald of onbetaald – voor welzijn, mentaal welbevinden, zingeving en meedoen in de samenleving. Sport, kunst en cultuur, georganiseerd in de sociale basis, geven invulling aan vrije tijd en bieden kinderen, ouders en vrijwilligers mogelijkheden om zinvol bezig te zijn en vaardigheden te ontwikkelen. Voor mensen voor wie betaald werk een stap te ver is, zijn dit waardevolle alternatieven. Welzijnsorganisaties spelen een rol in het verbinden van vraag en aanbod in vrijwilligerswerk en in de samenwerking met culturele en sportverenigingen. Zo wordt het gevoel van eigenwaarde bij kwetsbare inwoners versterkt, sociale problematiek verminderd en eenzaamheid voorkomen, wat bijdraagt aan de kwaliteit van leven en de samenleving als geheel.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Aanbieden inburgeringstrajecten: We continueren het aanbieden van inburgeringstrajecten, waarbij we gebruik maken van een brede intake, de inzet van leerroutes (B1-route, Z-route en Onderwijsroute), maatschappelijke begeleiding, een Module Arbeidsmarkt Participatie (MAP) en een Participatieverklaringstraject (PVT). We werken samen met de Inclusief Groep en verschillende (lokale)organisaties om aanvullende trajecten in te zetten gericht op werk en participatie.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De ambitie om werkzoekenden binnen twee jaar naar betaald werk te begeleiden, heeft in 2025 tot mooie resultaten geleid. De uitvoering laat een hoge mate van effectiviteit zien bij de groep kandidaten die bemiddelbaar zijn.

    • Succesvolle uitstroom naar werk via Inclusief Groep: Binnen de gemeente Harderwijk zijn in 2025 in totaal 22 kandidaten succesvol geplaatst via het onderdeel ‘Focus op werk’.
    • Hoge effectiviteit bij bemiddelbare kandidaten: Voor de gehele regio geldt dat bij kandidaten die het traject volledig doorlopen (exclusief uitval door bijvoorbeeld ziekte), 100% succesratio is behaald. Dit beeld is ook representatief voor de inzet in Harderwijk.
    • Vier inburgeraars in de B1-route hebben het traject bij de Inclusief Groep succesvol doorlopen, wat betekent dat zij zijn uitgestroomd naar werk of doorgestroomd naar het onderdeel “Focus op werk”.
    • Focus op reguliere contracten: De succesvolle plaatsingen hebben bijna altijd tot gevolg dat er direct een arbeidsovereenkomst tot stand komt. Over de gehele regio werd bij 51 van de 53 succesvolle plaatsingen, direct een contract getekend.
    • Borging van structureel werk: Om te garanderen dat de uitstroom duurzaam is, wordt intensieve jobcoaching ingezet. In Harderwijk stonden op 31 december 2025, 22 actieve jobcoach dossiers open voor inwoners die ondersteuning krijgen bij hun nieuwe werkgever. 

    Zoals bij een ander onderdeel aangegeven, is een realisatie van één regionale werkvloer op een centrale locatie gepland. Hierdoor kunnen Meerinzicht, Inclusief Groep en UWF fysiek samenwerken, wat de kans op een duurzame, structurele match tussen de inwoner en de lokale werkgever vergroot. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    De gemeente wil de aansluiting tussen de opleidingen en de arbeidsmarkt verbeteren om zo de toekomstperspectieven van jongeren en de economische vitaliteit van de regio te versterken. Met kanssectoren wordt bedoeld de lokale en economische sectoren waar veel vraag is naar personeel en waar groeipotentieel is. Het doel is om de regionale functie van het beroepsgerichte onderwijs te versterken.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 heeft de gemeente sterk ingezet op het bieden van perspectief aan jongeren voor wie de stap naar werk of een startkwalificatie niet vanzelfsprekend is. Door een combinatie van intensieve begeleiding, innovatieve projecten en een nauwe samenwerking binnen de regio, zijn belangrijke resultaten geboekt in de doorstroom naar opleidingen. Onderstaande resultaten onderstrepen de effectiviteit van deze aanpak.

    Resultaten van jongeren

    • Doorstroom naar scholing: Er zijn in het afgelopen jaar twee kandidaten doorgestroomd naar een BOL-opleiding. Daarnaast is er specifiek voor de gemeente Harderwijk jobcoaching gericht op Entree-studenten. Dit zijn jongeren die een mbo-opleiding op niveau 1 volgen. Deze intensieve begeleiding is belangrijk om voortijdig schoolverlaten te voorkomen en jongeren te ondersteunen bij het behalen van een startkwalificatie. In Harderwijk ging het om tien jongeren die deze jobcoaching ontvingen in 2025.
    • Succesvolle doorstroomproject ‘Samen sterk naar werk’. Dit project was mede gericht op jongere moeders in de regio. Van de gehele deelnemersgroep stroomde 62% door naar een vervolgopleiding of werk, de aanpak is effectief gebleken.
    • Inzet van scholing-instrumenten: Om de aansluiting op kanssectoren te realiseren, is actief gebruikgemaakt van instrumenten zoals scholingsvouchers via het Werkcentrum. Hiermee konden jongeren en kandidaten gericht worden opgeleid voor sectoren waar veel vraag is naar personeel, zoals de transportsector.
    • Individuele groei en scholing: Naast groepsgerichte projecten zijn er in 2025 kandidaten succesvol doorgestroomd naar reguliere BOL-opleidingen. Dit werd ondersteund door trajecten waarbij eerst wordt gewerkt aan basisvaardigheden en ritme, waarna via beroepsinteresse tests de juiste match met een opleiding wordt gevonden. 

    Hoewel een groot deel van de doelgroep in Harderwijk (91%) zich momenteel op trede 3 van de participatieladder bevindt en dus nog in een ontwikkelfase zit, vormt de intensivering van de werkgeversdienstverlening een belangrijke basis voor 2026. Door de geplande realisatie van één centrale regionale werkvloer en een gezamenlijke locatie in Harderwijk, kunnen korte lijnen worden gelegd tussen jongeren, het onderwijs en regionale werkgevers in kansrijke sectoren. 

  • Beleid
    Specifiek beleid

    In 2025 is er veel veranderd rondom de Participatiewet. Veel van de wetsvoorstellen die in werking zijn getreden, hebben als doel de menselijke maat beter door te voeren. Ook kunnen we met deze wetswijzigingen beter inspelen op de individuele situaties. Het gaat ondermeer om de Participatiewet in balans (spoor 1), wet pro-actieve dienstverlening, wet versterking waarborgfunctie AWB, wetsvoorstel maatwerk bij terugvordering, wet van school naar duurzaam werk en wet handhaving sociale zekerheid.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is de basis gelegd voor de invoering van de Participatiewet in Balans. Door een grondige inventarisatie van de landelijke wetswijzigingen zijn de lokale beleidsregels herzien, met als doel de menselijke maat en maatwerk centraal te stellen. Deze wijzigingen worden in het eerste kwartaal van 2026 formeel vastgesteld door de colleges. Het gaat om de volgende wijzigingen

    • Ruimhartiger giftenbeleid: Waar voorheen elke gift strikt werd beoordeeld, wordt nu standaard €1.200 per jaar vrijgelaten om het sociale vangnet van inwoners te versterken.
    • Flexibele zoektermijn: De verplichte zoektermijn van vier weken voor jongeren is niet langer altijd van toepassing. Voor kwetsbare jongeren kan de termijn worden overgeslagen om schulden te voorkomen.
    • Vereenvoudiging SMI: De procedure voor Sociaal Medische Indicatie is vereenvoudigd. Inwoners tot 120% van de bijstandsnorm krijgen nu 100% vergoeding, wat twee aparte aanvragen en beschikkingen verlaagd naar één simpel proces
    • Bescherming woonkosten: Het beleid is aangepast om het gat tussen de werkelijke huur en de landelijke huurtoeslag te dichten, waarmee actief wordt ingezet op het voorkomen van woon- armoede.
    • Aanpak alleenverdieners: Er is een nieuwe uitvoeringsstructuur opgezet om de landelijke compensatie voor alleenverdieners ambtshalve toe te kennen en uit te keren.

    Om deze koerswijziging in de praktijk te borgen, zijn in 2025 juridisch sluitende werkprocessen en nieuwe instructies voor beschikkingen ontwikkeld. Tegelijkertijd zijn consulenten via verdiepingssessies geschoold om te leren werken vanuit de geest van de wet in plaats van de letter van de wet. 

  • Beleid
    Specifiek beleid
    Wat hebben wij er voor gedaan?
    In 2025 hebben de gemeenten (Meerinzicht) een proactieve uitvoering gegeven aan de compensatie voor de zogenaamde alleenverdieners problematiek. Deze problematiek ontstond doordat een groep huishoudens onder het bestaansniveau kwam door een ‘fout’ in het landelijke belasting- en toeslagenstelsel. De compensatie is uitgevoerd via de bijzondere bijstand op grond van artikel 78gg van de Participatiewet. Om de regeling zo toegankelijk mogelijk te maken, is de compensatie zo veel mogelijk ambtshalve toegekend. De focus lag op huishoudens met een UWV-uitkering, die door de landelijke regels financieel werden benadeeld ten opzichte van reguliere bijstandsgerechtigden.
    De verwachting is dat er in 2028 een structurele landelijke oplossing komt, daarom blijft de gemeente deze tijdelijke rol vervullen voor de jaren 2026 en 2027 om de bestaanszekerheid van deze kwetsbare groep te waarborgen.
  • Beleid
    Specifiek beleid
    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De evaluatie van de uitvoering van de Wet inburgering, op basis van de doelen uit het uitvoeringsprogramma, is afgerond. Hier zijn aanbevelingen uit gekomen om het inburgeringsproces en het perspectief van inburgeraars te verbeteren. De evaluatie is in Q4 van 2025 besproken met de bestuurders. Het college heeft akkoord gegeven om de aanbevelingen mee te nemen in de volgende uitvoeringsagenda voor 2027. In 2026 wordt gewerkt aan de uitvoeringsagenda, maar waar mogelijk kunnen aanbevelingen al verder uitgewerkt en uitgevoerd worden.

Verplichte beleidsindicatoren 6.2 Bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Verplichte beleidsindicatoren 6.2 Bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk

Banen per 1.000 inwoners van 15 - 75 jaar

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Banen per 1.000 inwoners van 15 - 75 jaar
Bron: Meerdere bronnen

In Harderwijk ligt het aantal banen per 1.000 inwoners structureel hoog. Na een stijging tussen 2021 en 2023, stabiliseert dit aantal in 2024 op ongeveer 735 banen per 1.000 inwoners. Hiermee scoort Harderwijk boven het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten (625 banen) en grotere gemeenten (690 banen). 

De cijfers van begin 2025 bevestigen deze koppositie in de regio Veluwe Stedendriehoek. Volgens de jaarrekening 2024 en regionale UWV-data vervult Harderwijk een belangrijke regionale werkfunctie, wat de druk op de lokale arbeidsmarkt hoog houdt.

Ondanks de lichte landelijke economische daling blijft de werkgelegenheid in Harderwijk stabiel. Dit komt vooral door de sterke vertegenwoordiging van sectoren als de zorg, zakelijke dienstverlening en logistiek. Voor 2025 en 2026 ligt de uitdaging niet in het tekort aan banen, maar in het matchen van de beschikbare werkzoekenden, waaronder de groep uit de Participatiewet, met de openstaande vacatures (Bron: Programmabegroting 2025-2028 Harderwijk).

Netto arbeidsparticipatie

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Netto arbeidsparticipatie
Bron: CBS

In Harderwijk is de netto arbeidsparticipatie de afgelopen jaren sterk gestegen naar 75% in 2024. Hiermee scoort Harderwijk aanzienlijk hoger dan het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten (73,5%) en grotere gemeenten (73,2%). De cijfers over 2025 laten zien dat Harderwijk deze koppositie vasthoudt met een stabiele lijn aan de bovenkant van de markt (Bron: CBS).

De stijging in de afgelopen jaren is in lijn met de analyse uit het jaarverslag 2024. Door de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt zijn meer inwoners, waaronder jongeren en herintreders, aan het werk gegaan. De lokale economie in Harderwijk bleek veerkrachtig genoeg om ook groepen met een grotere afstand tot de markt op te nemen.

Voor 2025 en 2026 ligt de uitdaging in het behouden van dit hoge participatieniveau bij een afkoelende economie. De focus verschuift naar het ondersteunen van de laatste groep niet-werkenden via het programma 'Participatiewet in Balans'. Met de extra rijksmiddelen wordt ingezet op duurzame plaatsingen, zodat inwoners ook bij een veranderende arbeidsmarkt aan het werk blijven.

Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Personen met een bijstandsuitkering per 10.000 inwoners
Bron: CBS

In Harderwijk is het aantal bijstandsgerechtigden per 10.000 inwoners na een flinke daling in 2021 en 2022 gestabiliseerd. De grafiek laat zien dat Harderwijk in 2024 en medio 2025 rond de 278 personen met een uitkering per 10.000 inwoners zit. Ook de meest recent beschikbare cijfers (augustus 2025) laat zien dat het aantal op 278 personen blijft (Bron: UWV). Hiermee presteert Harderwijk beter dan grotere gemeenten (50.000-100.000 inwoners) die rond de 300 inwoners zitten, maar ligt Harderwijk boven het gemiddelde van de kleinere gemeenten (25.000-50.000 inwoners), die op ongeveer 235 zit. In de begroting Harderwijk 2025–2028 wordt verwacht dat het aantal bijstandsuitkeringen licht zal toenemen.

Door de focus in 2025 en 2026 te leggen op een andere werkwijze op basis van de Participatiewet in Balans, zet Harderwijk in op kwalitatieve verbetering. We proberen de stabiele groep alsnog richting werk of maatschappelijke participatie te bewegen door middel van menselijker beleid en maatwerk. Hiermee proberen wij de 'vastzittende' groep duurzaam uit te laten stromen. 

Lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar
Bron: CBS. Voor 2021 zijn geen gegevens bekend bij het CBS.

In Harderwijk is het aantal lopende re-integratievoorzieningen na 2022 fors gedaald, van ruim 240 naar ongeveer 145 per 10.000 inwoners in 2024. De cijfers van begin 2025 laten een lichte stabilisatie zien op dit lagere niveau (Bron: Monitor Sociaal Domein).

De sterke daling komt door een bewust gewijzigde werkwijze: er wordt vaker gekozen voor korte, intensieve trajecten in plaats van langlopende voorzieningen. Daarnaast zorgt een gecombineerde intake ervoor dat inwoners die direct beschikbaar zijn, sneller zonder formeel traject naar werk worden bemiddeld. Ook de krappe arbeidsmarkt speelde een rol, inwoners vonden vaak al werk voordat een uitgebreid traject nodig was (Bron: UWV).

Voor 2025 en 2026 ligt de focus op de groep die nu nog in de bijstand zit. Omdat deze doelgroep een grotere afstand tot de markt heeft, zet Harderwijk de extra middelen van de Participatiewet in balans in voor kwalitatief maatwerk in plaats van kwantiteit.

Facultatieve beleidsindicatoren 6.2 Bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Facultatieve beleidsindicatoren 6.2 Bestaanszekerheid en perspectief op (on)betaald werk

Percentage huishoudens en onderverdeling per soort huishouden met een bijstandsuitkering

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Percentage huishoudens en onderverdeling per soort huishouden met een bijstandsuitkering
Bron: waarstaatjegemeente.nl

In Harderwijk is de verdeling van bijstandsuitkeringen over de verschillende huishoudtypen al jaren stabiel. De grafiek (waarstaatjegemeente.nl) over 2025 bevestigt dat de overgrote meerderheid van de uitkeringen naar alleenstaanden gaat. Alleenstaanden is met afstand de grootste groep (64%). Dit sluit aan bij de landelijke trend waarbij deze groep in de bijstand toeneemt. De gehuwden/samenwonend is stabiel gebleven op 21%. De groep van alleenstaande ouders (15%) vertoont een lichte daling vanaf 2021. Dit is een positief signaal, deze groep heeft over het algemeen te maken met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt door zorgtaken. Het is belangrijk dat deze groep ondersteuning op maat ontvangt voor een succesvolle uitstroom.

Aantal participatiewet per voorziening

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Aantal participatiewet per voorziening
Bron: Jaarverslag Meerinzicht

In 2024 is het aantal bijstandsuitkeringen in Harderwijk licht gestegen naar ongeveer 830. De cijfers van begin 2025 laten zien dat dit aantal stabiliseert op dit hogere niveau. Dit komt overeen met de landelijke trend (CBS) waarbij de uitstroom naar werk stagneert door een afkoelende arbeidsmarkt en een doelgroep die lastiger bemiddelbaar is.

Bij de bijzondere bijstand is de daling na de uitschieters in 2022 en 2023 (energietoeslag) nu klaar. We zien in 2024 en de eerste helft van 2025 een terugkeer naar een stabiel, structureel niveau van circa 1.350 voorzieningen.

Voor 2025 en 2026 ligt de focus niet meer op incidentele steun, maar op de kwalitatieve verbetering van de bestaanszekerheid op basis van 'Participatiewet in Balans'. Harderwijk gebruikt de hiervoor ontvangen € 81.000 aan rijksmiddelen om de uitvoering menselijker te maken, bijvoorbeeld door soepeler om te gaan met giften en de zoektermijn voor jongeren.

Hieronder een uiteenzetting van de aantallen van de Participatiewet per voorziening: (Bron: Cognos)

  • 79 LKS
  • B1 Route 71
  • Vrijwilligerswerk 62
  • Zelfredzaamheidsroute 42
  • Jobcoaching 38
  • Beschut Werk 29
  • Onderwijsroute 20
  • Inclusief Groep 15

 Totaal 356

Aantal inwoners met WW-uitkering

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Aantal inwoners met WW-uitkering
Bron: WW Uitkeringen per 31-12 via arbeidsmarktincijfers

Na het dieptepunt in 2022 (362 WW-uitkeringen), is de dalende trend omgebogen. Het aantal inwoners met een WW-uitkering is in 2024 gestegen naar 453. In 2025 bleven de cijfers stabiel met een lichte stijging in het tweede halfjaar.  Medio 2025 waren er in Harderwijk 447 inwoners met een WW-uitkering, eind 2025 lag dit aantal op 449 (Bron: UWV).

Ondanks deze minieme stijging aan het eind van het jaar, blijft het WW-percentage in Harderwijk met 1,6% (beroepsbevolking) laag en ruim onder het landelijk (1,9%) en provinciaal gemiddelde (1,8%) presteren (Bron: UWV).

De stijgende lijn in Harderwijk loopt in lijn met de regio Veluwe Stedendriehoek (+8% instroom in 2024). Volgens Divosa en het CBS zien we landelijk een afkoeling van de arbeidsmarkt. Kortom, Harderwijk bevindt zich niet langer op een historisch laagterecord wat betreft WW-uitkeringen. We zien een normalisatie naar het niveau van voor 2022. 

Percentage inwoners met WW-uitkering

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Percentage inwoners met WW-uitkering
Bron: WW uitkeringen in laatste maand van het jaar via arbeidsmarktincijfers

Het percentage inwoners met een WW-uitkering in Harderwijk schommelt rond de 0,9%. Na een daling in 2022 naar 0,74% is het percentage in 2024 weer terug op het niveau van 2021. De voorlopige cijfers over 2025 laten een lichte daling zien, waarmee het percentage nagenoeg gelijk blijft aan voorgaande jaar. Hoewel het aantal lopende WW-uitkeringen in de regio in 2024 met 8% is toegenomen, blijft het WW-percentage in Harderwijk laag. De arbeidsmarkt in de regio wordt als krap getypeerd, wat een dempend effect heeft op de stijging van het WW-percentage (Bron: UWV).

Bovenstaande percentages tonen het aantal WW-uitkeringen ten opzichte van de totale populatie inwoners in Harderwijk. Wanneer we het aantal inwoners met een WW-uitkering ten opzichte van de beroepsbevolking vergelijken (de groep inwoners die kan en wil werken), bedraagt het percentage 1,6% (peildatum december 2025). Dit percentage is gedurende het gehele jaar stabiel gebleven rond dit niveau. Met deze score van 1,6% presteert Harderwijk sterker dan het landelijk gemiddelde en het gemiddelde in de provincie Gelderland.

Onderverdeling bestaanszekerheid

Terug naar navigatie - 6.2 Participatie - Onderverdeling bestaanszekerheid
Bron: Factsheets sociaal domein

Individuele Inkomenstoeslag (IIT en Maatschappelijke Bijdrageregeling (MBR): Dit zijn de twee grootste regelingen. In 2024 kwamen beide regelingen samen op een stabiel niveau van 841 (IIT) en 822 (MBR) toekenningen. Om de bestaanszekerheid te versterken en de uitvoering beheersbaar te houden, zijn de IIT en MBR vanaf 2024/2025 ambtshalve toegekend aan de bij Meerinzicht bekende cliënten. In 2025 resulteerde dit in 856 automatische toekenningen voor de IIT en 704 voor de MBR.  Door de inzet van de ambtshalve toekenning is de efficiëntie van de minimaregelingen verbeterd. In totaal werd 97% van alle besluiten (zowel de automatische toekenningen als de reguliere aanvragen) binnen de termijn van 8 weken afgehandeld. De tijdwinst door de ambtshalve toekenningen, stelt de organisatie in staat om ook de handmatige aanvragen sneller en met meer aandacht te beoordelen. Voor 2026 wordt een verdere groei verwacht van het aantal ambtshalve toekenningen, waarmee we borgen dat kwetsbare inwoners de ondersteuning krijgen waar ze recht op hebben zonder ingewikkelde aanvraagprocedures. Vanwege de bewezen effectiviteit hebben de colleges begin 2026 besloten de pilot voor ambtshalve toekenning IIT en MBR te verlengen om de werkwijze definitief te verankeren. Gedurende 2026 wordt alles in gereedheid gebracht om de ambtshalve toekenning van beide regelingen om te zetten in structureel beleid. 

Regeling Chronisch zieken: Deze tegemoetkoming vertoont een licht schommelend verloop. Hoewel het gebruik in 2024 iets lager ligt dan de piek in 2022/2023, blijft het een stabiele en noodzakelijke voorziening voor deze specifieke doelgroep. 

Bijzondere bijstand voor financiële dienstverlening: Hierin is een daling zichtbaar. Dit kan mogelijk duiden op de effectiviteit van vroeg signalering en preventie van schulden, waardoor minder zwaardere ondersteuning (bijvoorbeeld bewindvoering) minder vaak noodzakelijk is. 

PC regeling: Deze regeling kent het kleinste volume en is door de jaren heen nagenoeg gelijk gebleven in aantallen. Dit past ook bij het incidentele karakter van deze ondersteuning. 

6.3 WMO

Terug naar navigatie - - 6.3 WMO
Portefeuillehouder(s): M. Reckman
 Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de voorgeschreven taakvelden:
6.60 Hulpmiddelen en diensten
6.711 Huishoudelijke hulp
6.712 Begeleiding
6.713 Dagbesteding
6.714 Overige maatwerkarrangementen Wmo
6.791 PGB Wmo
6.811 Beschermd wonen (Wmo)
6.812 Maatsch. en vrouwenopv. (Wmo)
6.91 Coördinatie en beleid Wmo.

Strategische doelen uit de nota Sociaal Domein:

  1. Gezonde en veilige woonomgeving voor iedereen met passend woningaanbod voor alle inwoners.
  2. Inwoners wonen naar tevredenheid langer zelfstandig thuis.
  3. Inwoners hebben regie over hun eigen leven en kunnen op een gezonde manier oud worden.
  4. Inwoners met een ondersteuningsvraag worden tijdig, passend en nabij ondersteund om (zo lang mogelijk) zelfredzaam te zijn.

Wat wilden we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat wilden we bereiken?
Bieden van passende ondersteuning
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat wilden we bereiken? - Bieden van passende ondersteuning

Inwoners worden snel en goed geholpen met hun ondersteuningsvraag. Lichte hulpverlening gaan we meer voorliggend aanbieden en meer collectief in plaats van individueel. Dit gebeurt voornamelijk vanuit de sociale basis. Zowel individuele begeleiding als dagbesteding is deels als algemene voorziening beschikbaar, zodat niet altijd een indicatie nodig is. De samenwerking tussen partners is versterkt en zij bieden passende ondersteuning in de wijken, buurten of de thuissituatie van de inwoners.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het bieden van een maatschappelijk vangnet, waarbij bestaanszekerheid van inwoners in kwetsbare situatie versterkt wordt:

    • Het bieden van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.
    • Dak- en thuislozenopvang/zorg en doorstroombeleid/voorzieningen
    • Het Woonpark Hierden wordt zomer 2025 opgeleverd. 
    • Ook gaan we verder met het realiseren van Maatwerkwoningen.
    Wat hebben wij er voor gedaan?
    • Woonpark Hierden is opgeleverd en wordt stap-voor-stap bewoond; 26 woningen voor Beschermd Wonen en 4 voor Tijdelijk Wonen. In 2024 heeft de gemeente een aansprakelijkheidsstelling van € 1,1 miljoen ontvangen van C3 Living / Waardevol Wonen vanwege vertraging bij de realisatie van woonpark Hierden. Hoewel de gemeente de aansprakelijkheid niet erkent, is er gekozen voor een minnelijke schikking via een vaststellingsovereenkomst tegen finale kwijting. Hiermee zijn verdere juridische kosten voorkomen en wordt de noodzakelijke langdurige samenwerking met de ontwikkelaar gewaarborgd.
    • Er is hard gewerkt om de maatwerkwoningen te realiseren. Helaas is het wederom stil komen te liggen. Nu omdat de Provincie aanvragen binnen 500 mtr. van een Natura-2000 gebied 1 1/2 jaar niet in behandeling neemt. Er wordt veel in het werk gesteld om de Provincie toch te laten bewegen in deze.   
  • Beleid
    Regulier beleid

    Er zal meer gemonitord gaan worden op het effect van de ingezette maatwerkvoorziening, met name bij individuele begeleiding en dagbesteding. Door deze werkwijze ontstaat er meer grip op kwaliteit en op termijn zal dit ook kunnen leiden tot afname in de kosten.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is in samenwerking met Zorgdat een pilot gestart gericht op daginvulling voor inwoners met een ondersteuningsbehoefte. De pilot richt zich op het bieden van structuur, sociale participatie en het versterken van eigen regie. Van de 22 casussen die binnen de pilot zijn begeleid, zijn 19 inwoners succesvol toegeleid naar een andere laagdrempelige vorm van ondersteuning, zonder dat een indicatie voor een maatwerkvoorziening binnen de Wmo nodig was. Dit resultaat laat zien dat vroegtijdige en collectieve ondersteuning bijdraagt aan het voorkomen van zwaardere zorg en daarmee aan een doelmatige inzet van middelen. De opgedane inzichten dienen als blauwdruk voor mogelijke uitrol binnen andere gemeenten.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De landelijke verwachting (Wmo Prognosemodel VNG) is dat het aantal mensen dat gebruikmaakt van een Wmo-voorziening de komende jaren voor onze gemeente stijgt. Door verschillende interventies proberen we de groei minder explosief te laten zijn ten opzichte van het Wmo prognosemodel VNG.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De landelijke verwachting (Wmo Prognosemodel VNG) is dat het aantal mensen dat gebruik maakt van een Wmo-voorziening de komende jaren voor onze gemeente stijgt. Deze stijgende lijn heeft zich voortgezet in 2025. Het aantal gebruikers van huishoudelijke hulp (HH) en begeleiding (BG) is toegenomen. Door verschillende interventies is er bij  de dagbesteding en de maatwerkvoorzieningen een afname te zien ten opzichte van 2024.  

    Woningmarkt en nieuwe wet- en regelgeving hebben invloed op de uitgaven woonvoorzieningen. Woningaanpassingen komen steeds vaker onder druk staan door gewijzigde wet- en regelgeving, waaronder het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), en door fysieke beperkingen van bestaande woningen. Knelpunten, zoals het ontbreken van stallingsruimte voor scootmobielen, zijn in kaart gebracht en vormen input voor structurele oplossingsrichtingen in samenwerking met woningcorporaties en woningeigenaren.

Een passende en veilige woonomgeving
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat wilden we bereiken? - Een passende en veilige woonomgeving

Gezonde en veilige woonomgeving voor iedereen met passend woningaanbod voor alle inwoners. Dit doen we door vergroting van de diversiteit aan woonvormen. Bevordering van zorg- en veiligheidstechnologie (domotica): We maken inwoners bewuster van de mogelijkheden van domotica en ondersteunen hen bij de toepassing hiervan, zodat iedereen langer veilig en comfortabel thuis kan wonen. Doorbreking van het taboe op huiselijk geweld:  Door te werken aan bewustwording en het laagdrempelig maken van hulp en ondersteuning.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Bevorderen van de sociale samenhang, de mantelzorg en vrijwilligerswerk, laagdrempelige en toegankelijke voorzieningen in het voorveld, diensten en ruimten voor mensen met een beperking, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, alsmede voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Wij verbinden wonen, zorg en veiligheid om kwetsbare groepen een passende plek en de juiste ondersteuning te bieden. Bij psychische kwetsbaarheid werken we volgens de principes van GEM: we versterken het eigen netwerk en stellen herstel centraal. Tegelijkertijd pakken we onveiligheid in de thuissituatie preventief aan. Door te experimenteren met nieuwe werkwijzen voorkomen we escalaties en vergroten we de stabiliteit in gezinnen. Dit resulteert in een gezonde, veilige leefomgeving voor al onze inwoners.

  • Beleid
    Regulier beleid

    De doordecentralisatie van Beschermd Wonen is uitgesteld naar in ieder geval 1 januari 2026, in afwachting van verdere wetswijzigingen. We volgen de ontwikkelingen hierin op de voet.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De doordecentralisatie van Beschermd Wonen is wederom uitgesteld, zonder een volgende datum te noemen. Het is vooralsnog niet helder of het enkel uitstel is, of mogelijk ook afstel. We blijven het volgen, om te kunnen sturen op eventuele gevolgen. 

Inwoners hebben regie over hun eigen leven
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat wilden we bereiken? - Inwoners hebben regie over hun eigen leven

Inwoners hebben regie over hun eigen leven en kunnen zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen . We stimuleren inwoners om de regie over hun eigen leven te behouden en gezond oud te worden in hun eigen vertrouwde omgeving. We zetten in op preventie, actieve deelname aan de samenleving en het wegnemen van belemmeringen. We bevorderen de deelname aan activiteiten in de wijk die gericht zijn op bewegen en een gezonde levensstijl, waardoor sociale contacten worden gestimuleerd en een gezonde leefwijze wordt ondersteund.

  • Beleid
    Regulier beleid

    We zetten samen met de regio stappen om de beweging van een behandelgerichte GGZ naar een herstelgerichte GGZ te komen (GEM (Ecosysteem Mentale Gezondheid)).

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De GEM-beweging (ecosysteem mentale gezondheid) heeft zich verder doorontwikkeld. Een goedkeuring verkrijgen voor het Transformatieplan is eind 2025 uiteindelijk gelukt, wat ruim 2 jaar tijd heeft gekost. Dit betekent dat een versnellings-/verbredingsfase (regionaal)  opgestart kan gaan worden.

Zelfstandig thuis wonen
Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Wat wilden we bereiken? - Zelfstandig thuis wonen

Inwoners wonen naar tevredenheid  langer zelfstandig thuis.  Er is een netwerk van informele zorg in de wijk . Er is samengewerkt vanuit de opgave "Samenredzaamheid". Inwoners kunnen waar nodig met hulp, langer thuis blijven wonen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Individuele ondersteuningsvoorzieningen op maat, zoals aanpassingen aan de woning, vervoervoorzieningen, hulpmiddelen, hulp bij het huishouden, individuele begeleiding en begeleiding groep. Deze voorzieningen zijn afgestemd op de behoeften en mogelijkheden van de betreffende persoon, met als doel het bevorderen van diens zelfredzaamheid en participatie in de samenleving.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    We willen dat inwoners met een ondersteuningsvraag snel en passend geholpen worden, zodat zij zo lang mogelijk zelfredzaam blijven. Daarom implementeren we een nieuwe werkwijze, gericht op effectiever en efficiënter werken, met meer focus op cliëntdoelen, doelmatigheid en rechtmatigheid. Deze werkwijze draagt bij aan betere grip op wachtlijsten en aan het beheersen van financiële uitdagingen. Daarnaast ontwikkelen we de gerichte aanpak op casusniveau verder om escalatie en zwaardere ondersteuning te voorkomen. Door aan te sluiten bij overlegtafels binnen de drie gemeenten zorgen we voor een soepele overgang van jeugdhulp naar volwassenenzorg voor jongvolwassenen (16-27 jaar). 

Verplichte beleidsindicatoren 6.3 Zelfstandig thuis

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Verplichte beleidsindicatoren 6.3 Zelfstandig thuis

Cliënten met een maatwerkarrangement WMO per 10.000 inwoners

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Cliënten met een maatwerkarrangement WMO per 10.000 inwoners
Bron: CBS MSD WMO

In 2025 waren er 680 cliënten met een Wmo-maatwerkarrangement per 100.000 inwoners. Over de jaren heen is in deze verhouding voor Harderwijk een vergelijkbare trend te zien als bij andere gemeenten in Nederland.

Facultatieve beleidsindicatoren 6.3 Zelfstandig thuis

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Facultatieve beleidsindicatoren 6.3 Zelfstandig thuis

Aantal cliënten WMO

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Aantal cliënten WMO
Bron: Monitor Sociaal Domein

Het aantal cliënten binnen de Wmo lijkt te stabiliseren ten opzichte van de voorgaande jaren.

Percentage cliënten WMO ten opzichte van het aantal inwoners

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Percentage cliënten WMO ten opzichte van het aantal inwoners
Bron: CBS/Monitor Sociaal Domein

Het percentage cliënten binnen de Wmo, ten opzichte van het aantal inwoners in Harderwijk, was in 2025 6,01%, en lijkt daarmee licht te dalen ten opzichte van 2024.

Unieke cliënten WMO per voorziening

Terug naar navigatie - 6.3 WMO - Unieke cliënten WMO per voorziening
Bron: Monitor Sociaal Domein

Het aantal cliënten binnen de Wmo lijkt zich, ook per voorziening, te stabiliseren.

6.4 Jeugdhulp

Terug naar navigatie - - 6.4 Jeugdhulp
Portefeuillehouder(s): M. Companjen
 Domein: Mens & Maatschappij

Onder dit taakveld vallen de voorgeschreven taakvelden:
6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal
6.762 Jeugdhulp m verblijf regionaal
6.763 Jeugdhulp m verblijf landelijk 
6.792 PGB Jeugd
6.821 Jeugdbescherming
6.822 Jeugdreclassering
6.92 Coördinatie en beleid Jeugd.

Strategische doelen uit de nota Sociaal Domein:

  1. Alle jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien in een kansrijke omgeving
  2. Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust om alledaagse problemen op te vangen (goed is goed genoeg/normaliseren)
  3. Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen
  4. We streven ernaar dat jeugdigen opgroeien met gelijke kansen en hun talenten ontwikkelen op een manier die bij hen past (onderwijs, sport, cultuur)

Wat wilden we bereiken?

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat wilden we bereiken?
Alle jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien in een kansrijke omgeving
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat wilden we bereiken? - Alle jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien in een kansrijke omgeving

Onze ambitie is dat alle kinderen gezond en veilig opgroeien, hun talenten ontwikkelen en naar vermogen meedoen. Onze visie is dat dit mogelijk is binnen de beperkter wordende middelen, op een manier die recht doet aan ouder en jongeren. Uitgangspunten hierbij zijn: 

  • kinderen horen thuis
  • we gaan uit van mogelijkheden
  • we zetten niet alleen in op eigen kracht, maar ook op eigen verantwoordelijkheid en samenredzaamheid
  • opvoeden doen we allemaal
  • we werken samen, niet alleen met ouders, maar ook met elkaar
  • we werken systeemgericht
  • Beleid
    Regulier beleid

    Monitoren en sturen zijn beiden noodzakelijk om grip te krijgen op de uitgaven jeugdhulp, inzicht te krijgen in de werking van onze lokale teams en de kwaliteit van de geboden (niet vrij toegankelijke) jeugdhulp te garanderen. In de nieuwe inkoop zijn afspraken gemaakt, waardoor kan worden gestuurd op verschillende kwaliteitseisen van aanbieders en op outcome criteria en KPI’s die dit najaar worden vastgesteld. Contractmanagement werkt hierin nauw samen met beleid en de lokale toegangen voor jeugdhulp.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is de jeugdhulp periodiek gemonitord via zeswekelijkse duidingssessies. Tijdens de sessies worden, gezamenlijk met data-analisten, beleidsadviseurs, contractmanagement en de toegang, het jeugdhulpgebruik en de kosten geduid en wordt, waar nodig, bijgestuurd. Dit om de kwaliteit te kunnen waarborgen en gericht te kunnen sturen op de kwaliteitseisen en de vastgestelde outcome criteria en KPI's. Door deze structurele analyse ontstaat beter inzicht in patronen en effecten van interventies, zodat de inzet van jeugdhulp gerichter en doelmatiger kan worden vormgegeven.

    Uit de analyses over 2025 blijkt dat het aandeel van verwijzers per periode wisselt. Soms vormt het CJG de grootste verwijzer, in andere perioden de huisartsen. Wanneer de wachttijden bij het CJG oplopen, is zichtbaar dat het aantal verwijzingen via huisartsen toeneemt. Huisartsen verwijzen daarbij relatief vaak naar GGZ-trajecten.

    Over het jaar bezien is een lichte daling van het aantal cliënten zichtbaar. Daarnaast zien we dat beschikkingen met terugwerkende kracht minder voorkomen en beter passen binnen de afgesproken termijn van afgifte binnen één maand. Dit wijst op een verbetering in het proces van toeleiding en besluitvorming.

  • Beleid
    Regulier beleid

    In het vastgestelde ombuigingsplan is een taakstelling opgenomen voor het Sociaal Domein. De taakstelling is vanaf 2024 structureel € 350.000,-.  Het is een taakstelling voor het hele sociale domein, maar is opgenomen onder taakveld Jeugdhulp, omdat dit taakveld een groot deel van de taakstelling in zal vullen. Tegelijkertijd worden gerichte interventies ingezet om de transformatie en de taakstelling te realiseren.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Deze taakstelling is onderdeel van de ombuiging: Scherpere Indicatiestelling Jeugd. Door het invoeren van zes-ogen principe  wordt er in het CJG scherper binnen de inkoopafspraken en juridisch correct beschikt. Het effect wordt op langere termijn verwacht in verband met reeds lopende indicaties.  

    Tegelijkertijd zijn in 2025 al eerste signalen zichtbaar: bij het gebruik van specialistische jeugdhulp zijn de feitelijke uitgaven in 2025 niet gedaald ten opzichte van het voorgaande jaar. Afgezet tegen de verwachte ontwikkeling op basis van de geïndexeerde tarieven blijven de kosten echter achter bij deze prognose. Dit duidt erop dat de ingezette maatregelen bijdragen aan het beperken van de kostenstijging.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Aanstellen van toezichthouders Jeugd en Wmo bij Meerinzicht.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De toezichthouders Jeugd en Wmo zijn aangesteld bij Meerinzicht. Er zijn screenings uitgevoerd op zorgaanbieders om te toetsen of zij voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen, rechtmatigheid en passendheid . De uitkomsten hiervan zijn gebruikt om de inzet van aanbieders waar nodig bij te sturen .

    Daarnaast zijn in 2025 meerdere rechtmatigheidsonderzoeken opgestart. Deze trajecten kennen een zorgvuldige doorlooptijd vanwege de benodigde juridische toetsing en afstemming met betrokken partijen. De onderzoeken leveren waardevolle inzichten op voor zowel contractmanagement als inkoop.

    De bevindingen uit toezicht  worden benut om de toetsing bij inkoop van maatwerk verder te versterken, onder meer door nadrukkelijker te controleren op personele kwaliteit en uitvoeringskracht van aanbieders. Ook worden waar nodig verbetermaatregelen met aanbieders afgesproken.

    Met deze aanpak werkt de gemeente aan een rechtmatige, kwalitatief goede en doelmatige inzet van jeugdhulp.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Actieve regie op bijzondere casuïstiek.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is verder gewerkt aan het versterken van de ondersteuning aan jeugdigen en gezinnen, met als doel passende hulp tijdig in te zetten en zwaardere vormen van jeugdhulp waar mogelijk te voorkomen. Om de inzet van specialistische jeugdhulp beter te sturen, zijn duidelijke afspraken gemaakt over de toekenning van maatwerkovereenkomsten voor gespecialiseerde ambulante hulp. Met de invoering van het zes ogen principe is er een kwaliteitsmedewerker ingezet om af te geven beschikkingen te toetsen op het inkoopbeleid, te sturen op minder inzet van buiten gecontracteerd aanbod, in te zetten op afschalen en te verwijzen naar de sociale basis. 

    In gezamenlijke duidingssessies met het CJG zijn wij bezig met het implementeren van de datagedreven werkwijze.  Met deze werkwijze kunnen wij gezamenlijk beter kunnen duiden wat de ontwikkelingen zijn binnen de inzet van specialistische jeugdhulp.  We herkennen patronen, sturingsknoppen en adviseren  om de beweging naar de sociale basis meer op gang kunnen brengen en jeugdhulp-processen te verbeteren.

Gelijke kansen voor jeugdigen
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat wilden we bereiken? - Gelijke kansen voor jeugdigen

Jeugdigen kunnen opgroeien met gelijke kansen en hun talenten ontwikkelen op een manier die bij hen past (onderwijs, sport, cultuur)

  • Beleid
    Regulier beleid

    Thuiszittersaanpak ontwikkelen en uitvoeren. Samen met het onderwijs een werkwijze ontwikkelen om thuiszittende leerlingen op maat te kunnen ondersteunen en thuiszitten te voorkomen.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Verschillende werkgroepen zijn hier mee bezig, zowel in Harderwijk als in de regiogemeenten. Er wordt gekeken of en hoe dit regionaal opgepakt kan worden.

  • Beleid
    Regulier beleid

    We zetten in op de sluitende aanpak voor jongeren tot 27 jaar. Vooruitlopend op het wetsvoorstel 'van school naar duurzaam werk' hebben we - via het regionaal programma - afspraken gemaakt met het onderwijs en het Doorstroompunt. Verder ontwikkelen we arrangementen, alternatieve trajecten en begeleidingsmogelijkheden voor jongeren die herhaaldelijk uitvallen. Verder zorgen we voor passende oplossingen voor jongeren in kwetsbare situaties bij de overgang van 18- naar 18+.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De sluitende aanpak jongeren wordt meegenomen in het regionaal programma 2026-2029 en  gedurende het programma vindt monitoring plaats.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Kinderen met beperking doen mee met reguliere activiteiten- Een inclusieve werkwijze faciliteren voor uitvoerende partners.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 is er gewerkt aan het bevorderen van een inclusieve werkwijze bij uitvoerende partners, zodat ook kinderen en jongeren met een beperking kunnen deelnemen aan reguliere activiteiten. Van organisaties die activiteiten organiseren met gemeentelijke steun wordt verwacht dat zij deze zo toegankelijk mogelijk vormgeven en inzichtelijk maken hoe zij zich hiervoor inzetten.

    Deze inzet sluit aan bij de ambities uit de lokale inclusieagenda, het sport- en beweegbeleid en het lokale sportakkoord. Via samenwerking met partners en communicatie richting inwoners is daarnaast aandacht besteed aan het zichtbaar maken van inclusief aanbod en het stimuleren van deelname.
  • Beleid
    Regulier beleid

    We maken een startnotitie voor het ontwikkelen van beleid waarmee de gemeente bijdraagt aan de behoefte aan een kansrijke opleiding (werk in de regio, persoonlijke ontwikkeling etc.) van alle jonge inwoners (een onderwerp van de strategische raadsagenda).

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Er wordt aan het onderwerp 'kansrijke opleiding mogelijk maken' invulling aan gegeven door de wet van school naar duurzaam werk en het regionale programma 2026-2029. Ten tijde van het opstellen van de strategische raadsagenda was de omvang en mogelijkheden door deze wet nog onduidelijk. De nieuwe wet heeft voldoende handvatten om dat wat voor ogen werd gesteld met deze startnotitie te bewerkstellingen.  De startnotitie is hiermee niet meer relevant. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Inzet in kinderopvang en scholen integraal opzetten- Samen met ouders en partners doelen bepalen voor kinderen/jongeren in de kinderopvang/ schoolsetting en samenwerking versterken.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 zijn er verschillende gesprekken gevoerd met de verschillende stakeholders. In 2026 zal er een werkgroep worden samengesteld vanuit de kinderopvang en de scholen om de samenwerking waar nodig te versterken en een ontmoetingsmoment voor te bereiden om kennis met elkaar te maken.

Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat wilden we bereiken? - Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust

Het gezin en de omgeving van jeugdigen zijn voldoende toegerust om alledaagse problemen op te vangen (goed is goed genoeg/normaliseren).

  • Beleid
    Regulier beleid

    Onderzoeken hoe de inzet van PGB alleen op bovengebruikelijke zorg (zorg die qua omvang en/of kwalitatief uitsteekt boven een “normale” opvoeding) ingezet wordt, daar waar inzet binnen het eigen netwerk niet haalbaar is.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    De PGB beleidsregels zijn per 1 augustus 2025 aangescherpt in de aangepaste integrale verordening sociaal domein. Hierbij zijn de uitspraken van de Centrale Raad van Beroep over eigen kracht verwerkt binnen de begripsbepalingen en de artikelen van de verordening. Dit geeft de medewerkers van de toegang meer ruimte om inwoners aan te spreken op de eigen kracht en mogelijkheden binnen het eigen netwerk.  Het positieve effect van de vastgestelde Integrale Verordening die bijdraagt aan een meer genormaliseerde inzet van PGB’s is inmiddels zichtbaar. 

     
  • Beleid
    Regulier beleid

    We faciliteren en stimuleren lerende gemeenschappen rond het kind. Daarbij zetten we in op participatie van inwoners en inzet van ervaringen. Ouders, verzorgers en kinderen zijn meer betrokken.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Zowel bij de toegang als in de sociale basis ligt er een focus op de betrokkenheid en verantwoordelijkheid van de ouders en/of verzorgers. Zo werkt het CJG met het open kind dossier om de regierol en betrokkenheid van de ouder en/of verzorger te versterken. In de sociale basis hebben we in 2025 een start gemaakt met de gezinsgerichte wijkaanpak. Een aanpak in de wijk Tweelingstad om ouders, verzorgers, kind, scholen, kinderopvang en andere partners uit het sociale veld aan elkaar te verbinden en de samenredzaamheid te versterken.  

  • Beleid
    Regulier beleid

    Jeugd- en opvoedhulp zonder specialistische ondersteuning kunnen aangeboden worden door het CJG, inclusief basis -ggz of al collectieve/ algemene voorziening.

     Door tijdig lichte vormen van jeugdhulp beschikbaar te stellen, voorkomen we dat problemen verergeren en zwaardere of duurdere hulp nodig wordt. Voorliggende ondersteuning – dicht bij het gezin en vaak in samenwerking met het onderwijs, jeugdgezondheidszorg en CJG – zorgt ervoor dat gezinnen snel passende hulp ontvangen. Dit draagt bij aan het versterken van eigen kracht en het benutten van het sociale netwerk. Het vroeg inzetten van lichte hulp vergroot de kans op duurzame oplossingen, vermindert de druk op gespecialiseerde jeugdhulp en draagt bij aan de kwaliteit en effectiviteit van de totale jeugdhulp.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In augustus 2025 is de integrale verordening aangepast, waarbij het 10-stappenplan van de Centrale Raad van Beroep is opgenomen. Hierdoor wordt bij iedere ondersteuningsvraag zorgvuldig getoetst wat de eigen kracht van het gezin en het netwerk is en welke hulp passend is.

    Tegelijkertijd is ingezet op het versterken van het voorveld, onder meer via extra basishulp in buurtteams. Deze inzet is gericht op het eerder en dichterbij organiseren van ondersteuning en het beperken van instroom in specialistische jeugdhulp. In 2025 is deze investering nog niet zichtbaar in een daling van het gebruik van specialistische hulp.

    Het CJG vormt de kern van het voorliggende veld en biedt inwoners één aanspreekpunt volgens het principe één gezin, één plan, één regisseur. Professionals werken met de Verklarende Analyse. Door de inzet van jeugd-GGZ-expertise binnen het CJG kunnen gezinnen eerder passende ondersteuning krijgen.

    Het CJG biedt vrij toegankelijke hulp, verzorgt de toeleiding naar specialistische zorg en werkt nauw samen met onderwijs, welzijn, huisartsen en gemeentelijke domeinen. Samen met partners wordt zo gewerkt aan verdere versterking van lichte hulp en transformatie van de jeugdhulp.

Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen
Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Wat wilden we bereiken? - Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen

Jeugdigen en/of hun ouders met een ondersteuningsvraag worden goed en snel geholpen, zodat ze gezond en veilig kunnen opgroeien in een kansrijke omgeving.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Als gemeente werken we samen met het lokale team van het Centrum voor Jeugd en Gezin, organisaties die zich richten op de sociale basis, zorgaanbieders, en Meerinzicht. Vanuit verschillende rollen dragen we gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor een effectieve en efficiënte aanpak binnen dit taakveld. Ons gemeenschappelijke doel is om de jeugdigen en hun leefwereld centraal te stellen.

    Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG)

    Dit is een netwerkorganisatie waar inwoners terecht kunnen voor alle vragen over opvoeden en opgroeien. Binnen het CJG werken Jeugd- en gezinswerkers, jeugdverpleegkundigen en jeugdartsen met een brede expertise om de ondersteuning op maat te arrangeren. Sinds 2022 is het CJG versterkt met GGZ-expertise (JGGZ). Hiermee worden kinderen/gezinnen eerder ondersteund, waarmee duurdere jeugdhulp voorkomen kan worden. 

    Het CJG zet vrij toegankelijke hulp en ondersteuning in en verzorgt de toeleiding naar niet vrij toegankelijke zorg indien nodig. Daarnaast zoekt het CJG verbinding met onder meer het onderwijs, welzijnspartners, sportverenigingen, huisartsen en de uitvoerders van Wmo, inburgeringswet en de Participatiewet binnen de gemeenten. De gemeente werkt samen met aanbieders en CJG partners aan de transformatie van de niet vrij toegankelijke zorg. Bij de meeste huisartsenpraktijken is een Jeugd- en gezinswerker vanuit het CJG actief om vragen over opvoeden en opgroeien op te pakken.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Om de effectieve en efficiënte aanpak te verstevigen, zijn er in 2025 kwaliteitsmedewerkers aangesteld binnen het CJG, in opvolging van de kwaliteitsmedewerker vanuit Meerinzicht. Hiermee sturen we niet alleen op doelmatigheid, maar ook op rechtmatigheid. Daarnaast levert het CJG een actieve bijdrage aan de duidingssessies om met elkaar een verdieping te kunnen maken binnen het datagedreven werken. Op deze manier bepalen we gezamenlijk welke interventies we in kunnen zetten om te sturen op inhoud en uitgaven. Dit is een proces van de lange adem. Resultaten zijn niet direct zichtbaar en vragen om vasthouden aan de ingezette koers en bijsturen wanneer nodig. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    In de regio en voor de essentiële functies op  bovenregionaal niveau van de G7 (de zeven Gelderse jeugdhulpregio’s) werken we samen aan de inkoop van specialistische jeugdhulp. Het gaat hierbij onder meer om dagbesteding, dagbehandeling, kort verblijf, jeugd-ggz (ambulant en klinisch), pleegzorg, residentiële jeugdhulp, jeugdzorgPlus en crisishulp. Dankzij de bestaande inkoopafspraken kunnen we sturen op samenwerking en op de inzet van passende zorg. In de contractafspraken zijn doelstellingen vastgelegd waaraan zorgaanbieders zich committeren; samen met aanbieders, toezicht en contractmanagement bewaken we dat deze afspraken ook worden nageleefd.

    Daarnaast werkt de jeugdhulpregio Noord-Veluwe bovenregionaal samen binnen de Gelderse Verbeteragenda, onder andere voor Veilig Thuis en de jeugdbescherming en -reclassering. Ook de landelijke afbouw van jeugdzorgPlus en de drie milieuvoorzieningen wordt op bovenregionaal niveau georganiseerd.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    Vanaf 1 januari 2025 zijn de essentiële functies van start gegaan. Onder de essentiële functies verstaan we de hoogspecialistische jeugdhulp voor jongeren met complexe en samengestelde problematiek. Omdat deze zorg schaars is en specialistische expertise vraagt, organiseren gemeenten deze bovenregionaal zodat de beschikbaarheid en kwaliteit geborgd blijven. Een deel van de jeugdigen zijn doorgestroomd van wonen naar de essentiële functies. Binnen de essentiële functies verplaatst de jongere zo min als mogelijk, maar verplaatst de zorg naar daar waar de jongere is. Hiermee beogen we zo passend mogelijke zorg te leveren in dit hyperspecialistische segment. 

    In dit segment is er sprake van een stijging van de zorgkosten en een daling van het aantal cliënten. De gedeclareerde waarde is gestegen met 196.000 euro. Het aantal cliënten is gedaald met 10. Deze stijging van kosten binnen dit segment is een passend gevolg van de indexatie.

    In 2025 is binnen de Gelderse samenwerking verder gewerkt aan de uitvoering van de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming. In deze agenda werken gemeenten, Veilig Thuis, gecertificeerde instellingen en de Raad voor de Kinderbescherming samen aan een beter functionerend stelsel van kind- en gezinsbescherming.

    De inzet richt zich op betere samenwerking tussen lokale teams en veiligheidspartners, het versnellen van de inzet van passende hulp en het terugdringen van wachttijden. Ook wordt gewerkt aan eenduidige werkwijzen, vereenvoudigde processen en betere monitoring van de uitvoering.

    Door deze samenwerking wordt beoogd om eerder in te grijpen bij onveiligheid in gezinnen, zware maatregelen waar mogelijk te voorkomen en de continuïteit van jeugdbescherming, jeugdreclassering en de inzet van Veilig Thuis beter te borgen.

  • Beleid
    Regulier beleid

    Namens gemeenten heeft de VNG afspraken gemaakt met landelijke jeugdhulpaanbieders met een specialistische functie.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    We sluiten aan bij het Landelijke Transitie Arrangement, dit is een wettelijke verplichting. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Kwaliteit verhogen verleningsbesluiten CJG.  Dit houdt in; minder buiten gecontracteerd aanbod, inzetten op afschalen en verwijzen naar sociale basis.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In 2025 heeft het CJG een aantal trainingen gevolgd, onder andere gericht op juridische kennis, om de kwaliteit van de verleningsbesluiten te verhogen. Daarnaast is er formatie vrij gemaakt voor het inzetten van kwaliteitsmedewerkers binnen het CJG,  in opvolging van de kwaliteitsmedewerker ingezet vanuit Meerinzicht, om te sturen op minder buiten gecontracteerd aanbod, het inzetten op afschalen en het verwijzen naar de sociale basis. 
    Met deze inzet wordt beoogd een dempend effect te bewerkstelligen op de geïndiceerde jeugdhulp. Echter is dit een proces wat tijd kost voordat de resultaten hiervan zichtbaar worden in de cijfers. In dit proces werken het CJG, de gemeente en Meerinzicht nauw samen. 

  • Beleid
    Regulier beleid

    Het aanbod aan individuele en collectieve ondersteuning voor jeugdigen en opvoeders in beeld brengen en meer voorliggend aanbieden en organiseren. Dit pakken we op met het opgaveteam EHZM Kansrijk Opgroeien.

    Wat hebben wij er voor gedaan?

    In het opgaveteam EHZM Kansrijk Opgroeien is er, in samenwerking met contractmanagement, een start gemaakt met de inventarisatie welke kansen er liggen om geïndiceerd aanbod meer collectief danwel voorliggend aan te bieden. In het proces voor een nieuwe inkoop wordt deze input meegenomen. Ook lokaal wordt er ingezet op collectief voorliggend aanbod. Hierbij kun je denken aan uitbreiding van centering-groepen en de gezinsgerichte wijkaanpak. 

Verplichte beleidsindicatoren 6.4 Kansrijk opgroeien

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Verplichte beleidsindicatoren 6.4 Kansrijk opgroeien

Jongeren met een delict voor de rechter

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met een delict voor de rechter
Bron: CBS

De cijfers voor Harderwijk zitten op hetzelfde niveau als gemeenten tussen de 25.000-50.000 inwoners en gemeenten tussen de 50.000-100.000 inwoners.

Achterstand onder jeugd - Kinderen in uitkeringsgezin

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Achterstand onder jeugd - Kinderen in uitkeringsgezin
Bron: CBS

In Harderwijk is het percentage kinderen dat opgroeit in een uitkeringsgezin gedaald van 5% naar een stabiel nieuw van 4% in 2024. De eerste cijfers van 2025 laten zien dat deze stabilisatie doorzet. Hiermee scoort Harderwijk beter dan het gemiddelde van grotere gemeenten en presteren de in de lijn met vergelijkbare gemeenten in de regio (Bron: CBS).

De analyse uit het jaarverslag 2024 bevestigt dat de focus ligt op het doorbreken van armoede die van generatie op generatie overgaat. Hoewel de krappe arbeidsmarkt kansen biedt voor ouders om uit te stromen, signaleert Divosa landelijk dat gezinnen die achterblijven vaak te maken hebben met complexe en meervoudige problemen. 

Voor 2025 en 2026 blijft de inzet om de impact van armoede op de ontwikkeling van deze kinderen te beperken. Dit doen we door vroegsignalering en de inzet van gerichte minimaregelingen, zoals de maatschappelijke bijdrageregeling, zodat deze kinderen gewoon kunnen meedoen in de samenleving (Bron: Programmabegroting 2025-2028 Harderwijk).

Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren
Bron: CBS

In Harderwijk is het percentage werkloze jongeren sinds 2021 stabiel gebleven op 1%. De cijfers van 2024 laten zien dat Harderwijk hiermee aanzienlijk beter scoort dan vergelijkbare gemeenten (25.000 - 50.000 inwoners) en grotere gemeenten (50.000+ inwoners), waar het percentage is gestegen naar 2%. De eerste regionale data van 2025 wijzen op een voortzetting van deze stabiele lijn in Harderwijk (Bron: Waarstaatjegemeente.nl).

De analyse uit het jaarverslag 2024 laat zien dat deze lage cijfers mede te danken zijn aan de nauwe samenwerking binnen het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek. Door jongeren die dreigen uit te vallen vroegtijdig in beeld te hebben, wordt voorkomen dat zij in de bijstand belanden.

Ondanks deze goede positie signaleert Divosa landelijk dat jongeren zonder startkwalificatie kwetsbaar blijven bij een afkoelende arbeidsmarkt. Voor 2025 en 2026 blijft de inzet daarom gericht op het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt voor deze specifieke groep. Waarbij de nieuwe werkwijzen en mogelijkheden op basis van  de Participatiewet in Balans, naar verwachting een positief effect zal hebben.

Jongeren met jeugdhulp in % van alle jongeren tot 18 jaar

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met jeugdhulp in % van alle jongeren tot 18 jaar
Bron: CBS

In deze tabel wordt het percentage jongeren met jeugdhulp van alle jongeren tot 18 jaar bekeken, voor Harderwijk in vergelijking met gemeenten met 25.000-50.000 inwoners en gemeenten met 50.000-100.000 inwoners. Dit laat zien dat Harderwijk vanaf 2021 een hoger percentage jongeren met jeugdhulp kent in vergelijking met zowel de kleinere als de grotere gemeenten. Het verschil is door de jaren heen wel afgenomen, met name door een toename van het percentage voor zowel gemeenten met 25.000-50.000 inwoners als gemeenten met 50.000-100.000 inwoners. Voor 2025 zijn vanuit het CBS nog geen cijfers beschikbaar.

Jongeren met jeugdbescherming

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met jeugdbescherming
Bron: CBS

Vanaf 2021 is een daling te zien voor het percentage jongeren met jeugdbescherming in Harderwijk. Dit terwijl voor de gemiddelden van gemeenten met 25.000-50.000 inwoners en gemeenten met 50.000-100.000 inwoners juist een stijging zichtbaar is. Harderwijk had voorheen (2021) relatief veel jongeren met jeugdbescherming, terwijl vanaf 2023 te zien is dat het percentage in Harderwijk juist onder het gemiddelde ligt. Voor 2025 zijn er vanuit het CBS nog geen cijfers beschikbaar.

Jongeren met jeugdreclassering

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Jongeren met jeugdreclassering
Bron: CBS

In deze tabel wordt het percentage jongeren met jeugdreclassering in Harderwijk vergeleken met jongeren met jeugdreclassering gemiddeld voor gemeenten met 25.000-50.000 inwoners en gemeenten met 50.000-100.000 inwoners. Harderwijk heeft een lager percentage dan de overige twee categorieën. Ook is te zien dat het percentage in Harderwijk erg stabiel is over de laatste vier jaar. Alleen in 2022 is een kleine dip te zien. Op een dermate laag percentage lijkt dat al een grote sprong, hoewel het verschil maar 0,1% is. Voor 2025 zijn vanuit het CBS nog geen cijfers beschikbaar.

Facultatieve beleidsindicatoren 6.4 Kansrijk opgroeien

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Facultatieve beleidsindicatoren 6.4 Kansrijk opgroeien

Aantal cliënten per segment

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Aantal cliënten per segment
Bron: Jaarverslag Meerinzicht. Als gevolg van de nieuwe inkoop per 2022 is vanaf 2022 de indeling naar segmenten.

In deze tabel is het aantal cliënten weergegeven van de verschillende segmenten in de afgelopen drie jaar. Er is te zien dat vanaf 2025 het segment Essentiële functies is toegevoegd. Vanwege het geringe aantal cliënten is hierdoor nog geen grote verschuiving vanuit andere segmenten te zien. Het aantal cliënten hoog specialistisch is iets afgenomen (10). Binnen het segment wonen is er een lichte stijging te zien. Binnen het segment dagbesteding/dagbehandeling is een daling te zien, vooral te verklaren door de daling van het aantal cliënten BSO+/KDV+ door het stoppen van een aanbieder. Binnen segment specialistisch is een lichte daling te zien. Deze daling komt doordat cliënten meer worden opgevangen en zorg ontvangen vanuit de voorliggende voorzieningen. Binnen crisis is er een lichte daling te zien. De mate waarin dit product wordt ingezet is afhankelijk van individuele- of gezinsomstandigheden die per definitie onvoorzien zijn en daarom ook niet te duiden zijn. Het aantal cliënten Jeugdbescherming/jeugdreclassering is licht gedaald. De aantallen LTA zijn licht gestegen. De kosten en aantal cliënten binnen dit segment zijn enorm fluctuerend en daarmee ook lastig te duiden. Het betreft contracten op landelijk niveau waar individuele gemeenten weinig invloed op hebben.

Percentage verwijzingen

Terug naar navigatie - 6.4 Jeugdhulp - Percentage verwijzingen
Bron: Jaarstukken Meerinzicht 2024; Dashboard Jeugd

Dit diagram laat het percentage verwijzingen zien per verwijzer. Sinds 2021 is het CJG veruit de grootste verwijzer en het percentage verwijzingen via de huisarts neemt de laatste jaren af, wat aansluit bij de beleidsdoelstellingen. Het percentage dat verwezen wordt door een gecertificeerde instelling of via de rechter blijft ongeveer stabiel. In 2024 was er in vergelijking met eerdere jaren een hoger percentage verwijzing door de jeugdarts of medisch specialist. Voor 2025 zijn de percentages grotendeels gelijk gebleven. Er is een lichte stijging te zien voor het percentage dat via jeugdarts binnenkomt, maar de stijging is een stuk kleiner vergeleken met het verschil tussen 2023 en 2024. Ook het percentage dat via een GI komt is licht gestegen. Vanuit de factsheets (datagedreven werken) wordt het beeld bevestigd dat fluctueert wie de grootste verwijzer is in een bepaalde periode, vooral te verklaren vanuit werkprocessen en tijdelijke wachtlijsten bij andere verwijzers.

Totaaloverzicht Programma 6

Terug naar navigatie - - Totaaloverzicht Programma 6
Bedragen x €1.000
Exploitatie
Realisatie 2024
Primitieve begroting 2025
Begroting incl. wijzigingen 2025
Realisatie 2025
Resultaat 2025
Baten
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
5.516
1.453
3.922
4.160
238
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
1.112
0
290
179
-111
TV63
TV63 Inkomensregelingen
15.446
15.914
16.747
16.796
49
TV671
TV671 WMO
286
279
1.559
1.533
-25
TV672
TV672 Maatwerkdienstverlening 18-
-2
0
0
0
0
TV681
TV681 Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang
21.215
28.260
29.899
23.845
-6.054
Totaal Baten
43.574
45.906
52.417
46.513
-5.904
Lasten
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
-10.804
-8.386
-11.359
-10.625
734
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
-4.505
-5.479
-5.790
-5.622
168
TV63
TV63 Inkomensregelingen
-23.144
-21.525
-21.060
-20.833
227
TV64
TV64 Begeleide participatie
-5.024
-4.937
-5.147
-5.608
-460
TV65
TV65 Arbeidsparticipatie
-1.429
-1.465
-1.548
-1.426
122
TV671
TV671 WMO
-13.211
-13.052
-12.428
-11.987
440
TV672
TV672 Maatwerkdienstverlening 18-
-21.255
0
0
0
0
TV675
TV675 Jeugdhulp ambulant
0
-13.396
-13.385
-13.021
365
TV676
TV676 Jeugdhulp met verblijf
0
-4.738
-6.039
-6.289
-250
TV679
TV679 PGB
0
-1.765
-2.405
-2.143
262
TV681
TV681 Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang
-20.957
-28.771
-29.157
-23.398
5.759
TV682
TV682 Jeugdbescherming en jeugdreclassering
-1.399
-1.610
-1.350
-1.260
90
TV69
TV69 Coördinatie en beleid
0
-1.548
-6.284
-6.308
-25
Totaal Lasten
-101.727
-106.672
-115.954
-108.521
7.432
Onttrekkingen
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
163
0
580
524
-56
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
4.300
6
331
274
-57
Totaal Onttrekkingen
4.462
6
911
798
-113
Stortingen
TV61
TV61 Samenkracht en burgerparticipatie
-777
0
0
0
0
TV62
TV62 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
-678
0
-2.367
-2.366
1
Totaal Stortingen
-1.455
0
-2.367
-2.366
1

Financiële analyse jaarrekening 2025 ten opzichte van begroting 2025

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht Programma 6 - Financiële analyse jaarrekening 2025 ten opzichte van begroting 2025 Bedragen x €1.000
Exploitatie
Begroting incl. wijzigingen 2025
Realisatie 2025
Resultaat 2025
Baten
52.417
46.513
-5.904
Lasten
-115.954
-108.521
7.432
Onttrekkingen
911
798
-113
Stortingen
-2.367
-2.366
1

Het resultaat van programma 6 is als volgt te verklaren

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht Programma 6 - Het resultaat van programma 6 is als volgt te verklaren
Taakveld (Bedragen x 1.000)
Ondewerp
Bedrag afwijking
Verwijzing toelichting
Onderhanden werken (regulier en budget neutraal)
180
1
Kapitaallasten
39
2
6.1
Oekraine opvang
375
3
6.1
Vreemdelingen - AZC
163
4
6.1
Terugvordering Zorgdat
58
5
6.1 en 6.71
Kosten Gezondheid en Sociale Basis binnen GALA/Brede SPUK
95
6
6.1
Onderhoud panden Kiekmure en De Roef
-56
7
6.3
Bestaanszekerheid en schulddienstverlening
170
8
6.3
Debiteuren sociaal domein
68
9
6.4
Bijdrage Inclusief Groep
-460
10
6.81
Woonpark Hierden
-225
11
Programmagelden Jeugd
216
12
Programmagelden Wmo
523
12
Programmagelden Pwet
204
12
Diversen
66
Totaal
1.415

Verklaring van de afwijkingen programma 6

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht Programma 6 - Verklaring van de afwijkingen programma 6
  1. Een totaaloverzicht van onderhanden werken wordt weergegeven in hoofdstuk 4.6.
  2. Op de kapitaallasten zit een voordeel van afgerond € 39.000,-. Dit wordt veroorzaakt doordat de werkelijke omslagrente lager uitviel dan begroot en daardoor bijgesteld moet worden. Voor een verdere uitleg wordt verwezen naar het renteschema in de paragraaf Financiering.
  3. Voor de opvang van Oekraïners in de gemeentelijke opvanglocatie ontvangt de gemeente een vast bedrag van € 44,- per dag per opvangplek. Uit deze vergoeding zijn de gemaakte kosten betaald zoals de huur van de accommodaties, de dagelijkse catering, het realiseren van gezamenlijke woongedeeltes en woonvoorzieningen, het aanstellen van locatiemanagers en uitvoeringskosten. Voor de opvang bij particulieren ontvangt de gemeente een normbedrag voor uitvoeringskosten. In 2025 is een eigen bijdrage ingevoerd, die per 1 oktober is verhoogd. De uitbetaalde leef- en woongelden aan Oekraïners worden door het Rijk vergoed, na aftrek van de eigen bijdragen. Per saldo resulteert deze regeling in een voordeel van afgerond € 575.000,-. In de 2e tussentijdse rapportage is een voordeel van € 200.000,- opgenomen. Het verschil van € 375.000,- komt ten gunste van het rekeningresultaat. De gemeentelijke opvang vond in 2025 plaats bij Sonnevanck (Zorggroep Noordwest-Veluwe), kasteel Hotel de Essenburgh, de Oranjelaan en op de Polenweg. Doordat er op dit moment geen gebruik gemaakt wordt van beveiliging, schoonmaakdiensten is het voordeel ontstaan. 
  4. De opvang van asielzoekers heeft per saldo een voordeel opgeleverd van € 163.000,-. Er is sprake van een vergoeding o.b.v. capaciteit en er zijn minder kosten gemaakt dan vooraf ingeschat. Daarnaast zijn extra middelen binnengekomen vanuit de Spreidingswet, daar is de inzet van straatcoaches uit bekostigd.
  5. In 2025 is een terugvordering van de verstrekte subsidie aan Zorgdat opgenomen voor in totaal € 58.000,-, o.a. vanwege het project En Route en het Talenthouse.
  6. In 2025 konden verschillende structurele activiteiten worden gefinancierd vanuit de incidentele Brede SPUK GALA en SPUK IZA regeling. Dit zorgde voor een positief resultaat op deze activiteiten van € 95.000,-. Bij het wegvallen van de SPUK’s zijn de reguliere structurele budgetten weer nodig.
  7. Er is sprake van een nadeel op het dagelijks onderhoud van de panden Kiekmure en De Roef. V.w.b. De Roef wordt de overschrijding met name veroorzaakt door een (nog) niet geraamd bedrag voor een onderhoudscontract voor elektrotechnische- en werktuigbouwkundige installaties (€ 20.875,-). Daarnaast worden er nog (steeds) werkzaamheden uitgevoerd die rechtstreeks het gevolg zijn van de oplevering van de nieuwbouw in oktober 2022, bestaande uit het oplossen van na de oplevering geconstateerde gebreken/problemen en 'kinderziektes'. V.w.b. MFC De Kiekmure wordt de overschrijding met name veroorzaakt door het naar een 'nul-situatie' terugbrengen van het pand na de aankoop daarvan in 2024 (uitvoeren achterstallig onderhoud, up-to-date brengen van voorzieningen en afsluiten van onderhoudscontracten).
  8. De budgetten bestaanszekerheid en schulddienstverlening resulteren in een voordeel van € 170.000,-. Er is € 115.000,- overgeheveld vanuit 2024. Deze middelen zijn achteraf niet ingezet. Binnen de bestaanszekerheidsregelingen die Meerinzicht uitvoert (onderdeel van programmagelden P-wet) is een overschrijding van € 65.000,-. Naar aanleiding van de uitkomsten van het armoedeonderzoek is afgelopen jaar gestart met meer inzet op communicatie om het bereik en het gebruik van inkomensondersteunende regelingen breder bekend te maken. Ook worden regelingen zoals MMB (Maatschappelijke bijdrage regeling) en IIT (Individuele inkomensondersteuning) (waar mogelijk) ambtshalve toegekend, zodat inwoners waarvan we weten dat zij recht hebben op de regeling, deze niet eerst hoeven aan te vragen. Daarnaast zijn de bijdragen voor de twee uitgebreidste pakketten van de gemeentepolis verhoogd. Daarmee komen we inwoners met een grotere zorgvraag financieel meer tegemoet. Deze aanpassingen hebben effect gehad en heeft geleid tot hogere uitgaven
  9. Het saldo van de vorderingen sociaal domein is iets toegenomen. Echter is de inbaarheid van deze vorderingen hoger, waardoor de voorziening voor dubieuze debiteuren naar beneden bijgesteld kon worden. Dit leidt tot een voordeel van € 68.000,-.
  10. Medewerkers van werkontwikkelbedrijven gingen er sinds 1 januari 2025 maandelijks netto op achteruit door nieuwe belastingmaatregelen. Het rijk heeft besloten om deze medewerkers hiervoor te compenseren. Als grootste gemeente binnen het samenwerkingsverband (Inclusief Groep) heeft Harderwijk in de decembercirculaire 2025 een decentralisatie-uitkering ontvangen van afgerond € 460.000,-. Dit bedrag is doorbetaald aan de Inclusief Groep en leidt binnen programma 6 tot een overschrijding. De ontvangen rijksbijdrage is verantwoord in programma 0 onder de Algemene Uitkering.
  11. Het college heeft op 24 februari 2026 besloten in te stemmen met de minnelijke afwikkeling van de aansprakelijkheid Woonpark Hierden voor een bedrag van € 225.000,-. Voorgesteld wordt dit bedrag te onttrekken aan de bestemmingsreserve Woonpark Hierden.
  12. Programmagelden sociaal domein
    Voor een uitgebreide toelichting op de programmagelden wordt verwezen naar bijgevoegd jaarverslag ‘Zorgkosten 2025 EHZ-gemeenten’. 
Recap programmagelden sociaal domein Bedrag
Jeugd  216
WMO 523
Participatie 204
Totaal voordeel programmagelden 943
Dekking
Stelpost taakmutaties (programma 0), zorgkosten Oekraïners
32
Totale dekking
32
Totaal voordeel 975

Het totale voordeel op de programmagelden bedraagt € 975.000,-. Vanuit het ombuigingsplan 2021 is een taakstelling op het sociaal domein opgenomen. Van de oorspronkelijke € 750.000,- resteert er nog een bedrag van € 145.000,-. Deze taakstelling is verantwoord in programma 0. Door het voordeel op de programmagelden wordt deze taakstelling als ingevuld beschouwd.

Bij de 2e tussentijdse rapportage 2025 is een nadeel op de programmagelden gepresenteerd van € 1,6 miljoen en is de begroting bijgesteld. Dit tekort is gedekt vanuit de compensatie van het rijk voor de tekorten op de jeugdzorg 2023 en 2024 van afgerond € 2 miljoen, waardoor er een voordeel resulteerde van afgerond € 0,4 miljoen. Dit bedrag is toegevoegd aan de reserve sociaal domein. Hiermee is de hoogte van de reserve op de gewenste stand van afgerond € 4 miljoen.

Het voordeel van € 975.000,- op de programmagelden bij de jaarrekening komt daarom ten gunste van het rekeningresultaat.

De jaarcijfers van de centrum gemeentelijke taak Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang (BW en MO) voor de regio Noord Veluwe en Zeewolde maken onderdeel uit van de rekeningcijfers binnen programma 6. Deze taak heeft geen financiële effecten voor de jaarrekening van de gemeente Harderwijk, omdat dit budgettair neutraal is verwerkt. Het betreft hier regionale middelen. Er wordt, net als over voorgaande jaren, een apart jaarverslag gemaakt voor de deelnemende gemeenten. Ook zal er aan de deelnemende gemeenten een bestedingsvoorstel worden voorgelegd.

Het resultaat van BW en MO over 2025 voor de regio Noord Veluwe en Zeewolde bedraagt afgerond € 7,3  miljoen. Dit is zichtbaar in de financiële tabel bij de lasten en baten van taakveld 6.81.

In het bestedingsvoorstel is opgenomen om een deel van het overschot terug te storten naar de deelnemende gemeenten. Voor de gemeente Harderwijk gaat het om een bedrag van € 1,2 miljoen. Omdat de bestemmingsreserve sociaal domein op het gewenste niveau van € 4 miljoen zit, wordt voorgesteld het overschot toe te voegen aan de Algemene reserve.